Op 15 april jongstleden hebben vertegenwoordigers van de Centrales van Overheidspersoneel en van de overheids- en onderwijswerkgevers in de Pensioenkamer een eerste keuze gemaakt. Sociale partners zijn van mening dat het “Nieuwe pensioencontract” het beste aansluit bij de deelnemers van het ABP. Hiermee is een belangrijke eerste stap gezet in de verkenning van de ABP-pensioenregeling 2026 voor de overheids- en onderwijssectoren. Partijen benadrukken dat hier sprake is van een voorlopige keuze, een werkhypothese.

Voor de verkenning van de mogelijkheden voor de ABP-pensioenregeling 2026 is eind 2020 een stappenplan opgesteld. In dit stappenplan zijn de verschillende vraagstukken verdeeld over de tijd. Daarbij is ook gekeken naar de verschillende deadlines, die zijn opgenomen in de uitwerking van het pensioenakkoord. Gedurende het traject wordt, waar dat kan, gebruik gemaakt van werkhypotheses. Deze voorlopige keuzes moeten – vooruitlopend op de definitieve wetgeving – helpen bij het kaderen van het palet aan uit te werken mogelijkheden. Dit vereenvoudigt enigszins de toch al complexe vraagstukken.

In de laatste fase van het traject zullen partijen aan de hand van het totale weergave van verschillende mogelijkheden moeten komen tot afspraken voor de ABP-pensioenregeling 2026 en overgangsvraagstukken. Deze afspraken moeten uiterlijk in 2023 definitief worden.

Bron: CMHF

Gerelateerd nieuws