Vragen

Hoe ziet de vakantieregeling (schoolvakanties) er uit?

De vakantieregeling (schoolvakanties) is door de minister van OCW vastgesteld tot en met het schooljaar 2029-2030

Het overzicht ziet er als volgt uit:

2023-2024 | 2024-2025 | 2025-2026 | 2026-2027 | 2027-2028 | 2028-2028 | 2029-2030
Regio-indeling | Samenvoeging gemeenten | Verplicht of advies?

Schooljaar 2023-2024

Soort vakantieRegioVakantieperiode
Herfstvakantiezuid/midden14 oktober t/m 22 oktober 2023
 noord21 oktober t/m 29 oktober 2023
Kerstvakantieheel Nederland23 december 2023 t/m 7 januari 2024 *
Voorjaarsvakantiezuid10 februari t/m 18 februari 2024
 noord/midden17 februari t/m 25 februari 2024
Meivakantieheel Nederland27 april t/m 5 mei 2024 *
Zomervakantienoord20 juli t/m 1 september 2024 *
 midden13 juli t/m 25 augustus 2024 *
 zuid6 juli t/m 18 augustus 2024*

* door de minister vastgestelde vakantie

Vrije dagenRegioDatum
Goede Vrijdagheel Nederland29 maart 2024
Tweede Paasdagheel Nederland1 april 2024
Koningsdagheel Nederlandzaterdag 27 april 2024
Bevrijdingsdagheel Nederlandzondag 5 mei 2024
Hemelvaartsdagheel Nederland9 mei 2024
Tweede Pinksterdagheel Nederland20 mei 2024

Schooljaar 2024-2025

Soort vakantieRegioVakantieperiode
Herfstvakantiezuid19 oktober t/m 27 oktober 2024
 midden/noord26 oktober t/m 3 november 2024
Kerstvakantieheel Nederland21 december 2024 t/m 5 januari 2025 *
Voorjaarsvakantienoord15 februari t/m 23 februari 2025
 zuid/midden22 februari t/m 2 maart 2025
Meivakantieheel Nederland26 april t/m 4 mei 2025 *
Zomervakantienoord12 juli t/m 24 augustus 2025 *
 midden19 juli t/m 31 augustus 2025 *
 zuid5 juli t/m 17 augustus 2025*

* door de minister vastgestelde vakantie

Vrije dagenRegioDatum
Goede Vrijdagheel Nederland18 april 2025
Tweede Paasdagheel Nederland21 april 2025
Koningsdagheel Nederlandzaterdag 26 april 2025
Bevrijdingsdagheel Nederlandmaandag 5 mei 2025
Hemelvaartsdagheel Nederland29 mei 2025
Tweede Pinksterdagheel Nederland9 juni 2025

Schooljaar 2025-2026

Soort vakantieRegioVakantieperiode
Herfstvakantiezuid11 oktober t/m 19 oktober 2025
 midden/noord18 oktober t/m 26 oktober 2025
Kerstvakantieheel Nederland20 december 2025 t/m 4 januari 2026 *
Voorjaarsvakantienoord21 februari t/m 1 maart 2026
 zuid/midden14 februari t/m 22 februari 2026
Meivakantieheel Nederland25 april t/m 3 mei 2026 *
Zomervakantienoord4 juli t/m 16 augustus 2026 *
 midden18 juli t/m 30 augustus 2026 *
 zuid11 juli t/m 23 augustus 2026 *

* door de minister vastgestelde vakantie

Vrije dagenRegioDatum
Goede Vrijdagheel Nederland3 april 2026
Tweede Paasdagheel Nederland5 april 2026
Koningsdagheel Nederlandmaandag 27 april 2026
Bevrijdingsdagheel Nederlanddinsdag 5 mei 2026
Hemelvaartsdagheel Nederland14 mei 2026
Tweede Pinksterdagheel Nederland25 mei 2026

Schooljaar 2026-2027

Soort vakantieRegioVakantieperiode
Herfstvakantienoord10 oktober t/m 18 oktober 2026
 midden/zuid17 oktober t/m 25 oktober 2026
Kerstvakantieheel Nederland19 december 2026 t/m 3 januari 2027 *
Voorjaarsvakantiezuid13 februari t/m 21 februari 2027
 noord/midden20 februari t/m 28 februari 2027
Meivakantieheel Nederland24 april t/m 2 mei 2027 *
Zomervakantienoord10 juli t/m 22 augustus 2027 *
 midden17 juli t/m 29 augustus 2027 *
 zuid24 juli t/m 5 september 2027 *

* door de minister vastgestelde vakantie

Vrije dagenRegioDatum
Goede Vrijdagheel Nederland26 maart 2027
Tweede Paasdagheel Nederland28 maart 2027
Koningsdagheel Nederlanddinsdag 27 april 2027
Bevrijdingsdagheel Nederlandwoensdag 5 mei 2027
Hemelvaartsdagheel Nederland6 mei 2027
Tweede Pinksterdagheel Nederland17 mei 2027

Schooljaar 2027-2028

Soort vakantieRegioVakantieperiode
Herfstvakantienoord/midden16 oktober t/m 24 oktober 2027
 zuid23 oktober t/m 31 oktober 2027
Kerstvakantieheel Nederland25 december 2027 t/m 9 januari 2028 *
Voorjaarsvakantienoord19 februari t/m 27 februari 2028
 midden/zuid26 februari t/m 5 maart 2028
Meivakantieheel Nederland29 april t/m 7 mei 2028 *
Zomervakantienoord15 juli t/m 27 augustus 2028 *
 midden8 juli t/m 20 augustus 2028 *
 zuid22 juli t/m 3 september 2028 *

* door de minister vastgestelde vakantie

Vrije dagenRegioDatum
Goede Vrijdagheel Nederland14 april 2028
Tweede Paasdagheel Nederland16 april 2028
Koningsdagheel Nederlanddonderdag 27 april 2028
Bevrijdingsdagheel Nederlandvrijdag 5 mei 2028
Hemelvaartsdagheel Nederland25 mei 2028
Tweede Pinksterdagheel Nederland5 juni 2028

Schooljaar 2028-2029

Soort vakantieRegioVakantieperiode
Herfstvakantienoord14 oktober t/m 22 oktober 2028
 midden/zuid21 oktober t/m 29 oktober 2028
Kerstvakantieheel Nederland23 december 2028 t/m 7 januari 2029 *
Voorjaarsvakantienoord/midden17 februari t/m 25 februari 2029
 zuid10 februari t/m 18 februari 2029
Meivakantieheel Nederland28 april t/m 6 mei 2029  *
Zomervakantienoord21 juli t/m 2 september 2029 *
 midden7 juli t/m 19 augustus 2029 *
 zuid14 juli t/m 26 augustus 2029 *

* door de minister vastgestelde vakantie

Vrije dagenRegioDatum
Goede Vrijdagheel Nederland30 maart 2029
Tweede Paasdagheel Nederland2 april 2029
Koningsdagheel Nederlandvrijdag 27 april 2029
Bevrijdingsdagheel Nederlandzaterdag 5 mei 2029
Hemelvaartsdagheel Nederland10 mei 2029
Tweede Pinksterdagheel Nederland21 mei 2029

Schooljaar 2029-2030

Soort vakantieRegioVakantieperiode
Herfstvakantienoord/midden20 oktober t/m 28 oktober 2029
 zuid13 oktober t/m 21 oktober 2029
Kerstvakantieheel Nederland22 december 2029 t/m 6 januari 2030 *
Voorjaarsvakantienoord16 februari t/m 24 februari 2030
 midden/zuid23 februari t/m 3 maart 2030
Meivakantieheel Nederland27 april t/m 5 mei 2030    *
Zomervakantienoord20 juli t/m 1 september 2030 *
 midden13 juli t/m 25 augustus 2030 *
 zuid6 juli t/m 18 augustus 2030 *

* door de minister vastgestelde vakantie

Vrije dagenRegioDatum
Goede Vrijdagheel Nederland19 april 2030
Tweede Paasdagheel Nederland22 april 2030
Koningsdagheel Nederlandzaterdag 27 april 2030
Bevrijdingsdagheel Nederlandzondag 5 mei 2030
Hemelvaartsdagheel Nederland30 mei 2030
Tweede Pinksterdagheel Nederland10 juni 2030

Regio-indeling

Voor de vaststelling van de perioden van de zomervakantie (in het Caribisch gebied de grote vakantie genoemd) zijn scholen ingedeeld in regio’s. De plaats van vestiging is bepalend voor de regio waartoe een school behoort. Als een school in meer dan één regio vestigingen heeft, behoort elke vestiging tot de regio waarin ze is gelegen.

RegioSamenstelling regio
Noordprovincie Groningen;
provincie Friesland;
provincie Drenthe;
provincie Overijssel;
provincie Flevoland, met uitzondering van de gemeente Zeewolde;
provincie Noord-Holland;
wat betreft de provincie Gelderland, de gemeente Hattem;
wat betreft de provincie Utrecht, de gemeente Eemnes en de voormalige gemeente Abcoude.
Middenprovincie Utrecht, met uitzondering van de gemeente Eemnes en de voormalige gemeente Abcoude;
provincie Zuid-Holland;
wat betreft de provincie Flevoland, de gemeente Zeewolde;
Wat betreft de provincie Gelderland, de gemeenten Aalten, Apeldoorn, Barneveld, Berkelland, Bronckhorst, Brummen, Buren, Culemborg, Doetinchem, Ede, Elburg, Epe, Ermelo, Geldermalsen, Harderwijk, Heerde, Lingewaal, Lochem, Montferland, met uitzondering van de voormalige gemeenten Didam, Neder-Betuwe, met uitzondering van de voormalige gemeenten Dodewaard, Neerijnen, Nijkerk, Nunspeet, Oldebroek, Oost-Gelre, Oude IJsselstreek, Putten, Scherpenzeel, Tiel, Voorst, Wageningen, Winterswijk en Zutphen;
wat betreft de provincie Noord-Brabant, de gemeente Altena, met uitzondering van de voormalige gemeente Aalburg en de kernen Hank en Dussen.
Zuidprovincie Limburg;
provincie Noord-Brabant, met uitzondering van de gemeente Altena, voor zover het betreft de voormalige gemeente Aalburg en de kernen Hank en Dussen;
provincie Zeeland;
wat betreft de provincie Gelderland, de gemeenten Arnhem, Berg en Dal, Beuningen, Doesburg, Druten, Duiven, Heumen, Neder-Betuwe, voor zover het betreft de voormalige gemeenten Dodewaard, Lingewaard, Maasdriel, Montferland, voor zover het betreft de voormalige gemeente Didam, Nijmegen, Overbetuwe, Renkum, Rheden, Rijnwaarden, Rozendaal, Westervoort, West Maas en Waal, Wijchen, Zaltbommel en Zevenaar;
Caribisch NederlandBonaire,
Sint-Eustatius,
Saba.

Samenvoeging gemeenten

Als in de periode van nu tot en met 2030 nieuwe gemeenten ontstaan door fusie, dan behoort de nieuwe gemeente tot dezelfde regio als die waartoe de samengevoegde gemeenten behoorden. Als de ‘oude’ gemeenten tot verschillende regio’s behoorden, beslist de minister tot welke regio de nieuwe gemeente gaat behoren.

Verplicht of advies?

De minister bepaalt de data voor de zomervakantie, de kerstvakantie en de meivakantie. De overige vakantiedata zijn adviesdata waar je van mag afwijken. Extra vakantieweken zijn toegestaan, als de school maar rekening houdt met de wettelijke verplichtingen over de onderwijstijd (artikel 8 lid 7 WPO; artikel 12 WEC; artikel 2.38 WVO).

Hoe zit het met therapie onder schooltijd?

Je hebt het zelf misschien al wel meegemaakt: een ouder die de leerkracht tussen neus en lippen door meldt dat het kind logopedie of fysiotherapie nodig heeft en dus de komende weken elke maandagochtend om 10 uur wordt opgehaald om naar de behandelaar te gaan… Dat kan natuurlijk niet zomaar!

Overleg tussen school en ouders is altijd een eerste vereiste. Het is uiteindelijk de directeur die, namens het bevoegd gezag, toestemming moet geven voor een behandeling onder schooltijd. Op schoolniveau kun je deze bevoegdheid in bepaalde, helder omschreven gevallen, overdragen aan de leerkrachten.

Naar de fysiotherapeut, de logopedist enzovoort

Leerlingen die onder schooltijd een medisch of paramedisch geïndiceerde behandeling moeten ondergaan, kunnen vrijgesteld worden van onderwijs op grond van artikel 11, onder d, van de Leerplichtwet 1969. Overigens vallen onder dit artikel ook de leerlingen die door de ouders worden ziek gemeld (griepje, migraine, gebroken been enz.). Hun verzuim wordt geregistreerd als geoorloofd verzuim. Onder paramedische zorg vallen fysiotherapie, oefentherapie, logopedie, ergotherapie en diëtetiek; een bewijsstuk voor de noodzaak van de behandeling moet opgenomen worden in de verzuimregistratie. Als school kun je overigens ouders wel verzoeken om de behandelaar te vragen de behandelsessies zoveel mogelijk buiten schooltijd om in te plannen. Gezien de overbelasting van de (paramedische) zorg is dat niet altijd mogelijk…

Langdurige behandeling

In een aantal gevallen is een meer intensieve of een langduriger behandeling (therapie) nodig, bijvoorbeeld als er sprake is van ernstige psychosociale problematiek. Dan weeg je als school de mate mee waarin de problematiek de ontwikkeling van het kind op school belemmert. Besluit je dat de behandeling nodig is en vindt ze plaats onder schooltijd, dan kun je als school ook in dit geval verlof geven op basis van hetzelfde artikel uit de Leerplichtwet 1969.

Onderwijs elders

Het wordt anders als de leerling in het geheel niet meer in staat is om onderwijs te volgen en voor de therapie bijvoorbeeld tijdelijk opgenomen wordt in een residentiële instelling waar onderwijs en therapie worden gecombineerd. In dat geval is het aanvragen van afwijking in beginsel aan de orde als door de leerling het wettelijk voorgeschreven minimum aantal uren onderwijs niet haalt. De inspectie stemt in deze gevallen zonder voorafgaande aanvraag in met onderschrijding van het wettelijk minimum aantal uren onderwijs als:

  • de school in het bezit is van een verklaring van de verantwoordelijke behandelaar van de therapieverzorgende residentiële instelling waaruit blijkt dat de gevraagde beperking van het aantal uren onderwijs in het belang van de ontwikkeling van de leerling noodzakelijk is en
  • indien uit die verklaring blijkt om hoeveel uren behandeling onder schooltijd het gaat en op welke tijdstippen deze plaatsvindt.

Bijzondere gevallen

In alle andere gevallen geldt dat de school een aanvraag voor afwijken van de onderwijstijd moet indienen bij de inspectie. In deze aanvraag vermeld het bevoegd gezag het volgende:

  • voor hoeveel uren per week en gedurende welke periode gedurende het schooljaar de afwijking wordt aangevraagd;
  • dat voor de leerling een ontwikkelingsperspectief (opp) is opgesteld dat aan de vereisten genoemd in deze beleidsregel voldoet;
  • 3. in het voorkomende geval: dat eerder is verzocht om afwijking van de onderwijstijd.

Meer informatie

Bij twijfel adviseren we je om contact op te nemen met je inspecteur. De beleidsregel van de inspecteur-generaal van het onderwijs inzake het instemmen met afwijking van het verplichte aantal uren onderwijs, vind je hier: https://wetten.overheid.nl/BWBR0041216/2018-08-01. De tekst in de Staatscourant (met toelichting) vind je hier: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2018-42600.html.

Moeten medewerkers die in het onderwijs én in de kinderopvang werken, twee VOG’s aanvragen?

Met ingang van 1 juli 2024 volstaat één VOG voor medewerkers die én in het onderwijs én in de kinderopvang werken.

Moet iedere medewerker een Verklaring omtrent gedrag (VOG) voorleggen?

Iedereen die in het onderwijs werkt (in het primair, voortgezet, speciaal en middelbaar beroepsonderwijs), moet bij indiensttreding een actuele Verklaring omtrent gedrag (VOG) (geen kopie en niet ouder dan zes maanden) overleggen. Dit is wettelijk verplicht. 

De VOG wordt, tijdens de sollicitatieprocedure, aangevraagd om te toetsen of een persoon in aanraking is geweest met Justitie voor een strafbaar feit. In het onderwijs wordt specifiek gelet op veroordelingen voor zedenmisdrijven of andere strafbare feiten die de uitoefening van een functie in het onderwijs belemmeren.

Is een VOG ook verplicht voor vrijwilligers?

Een Verklaring omtrent gedrag (VOG) is in beginsel niet verplicht voor vrijwilligers, met uitzondering van degene die toezicht houdt tijdens tussenschoolse opvang waarvoor wel een VOG nodig is (en dat kunnen ook vrijwilligers zijn). Het maakt daarbij niet uit of de vrijwilliger slechts incidenteel of periodiek op de school is. Een bestuur kan overigens wel altijd zelf bepalen dat zij van vrijwilligers toch een VOG willen. Maar dit is niet wettelijk verplicht.

Waar kan ik nog meer informatie vinden over de VOG?

De Inspectie van het Onderwijs heeft een hele themapagina over de Verklaring omtrent gedrag (VOG). Daar vind je nog veel meer antwoorden op je vragen.

https://www.onderwijsinspectie.nl/.../vraag-en-antwoord

Waar kan ik informatie vinden over medezeggenschap, de (G)MR en de Wet medezeggenschap scholen (WMS)?

Medezeggenschap op scholen is vastgelegd in de Wet medezeggenschap scholen (WMS). Op https://wetten.overheid.nl/zoeken kun je de meest actuele versie van de WMS terugvinden. Verder is https://www.infowms.nl/ een goede website waar je allerlei informatie vindt met betrekking tot de WMS. De website https://www.sterkmedezeggenschap.nl/ geeft eveneens veel informatie. Op beide websites vind je o.a. modelreglementen, handreikingen enz.

Wat wordt er bedoeld met voorwaardelijk pensioen?

Het voorwaardelijk pensioen is een verhoging van je ABP Ouderdomspensioen en het ABP NabestaandenPensioen bij overlijden vanaf 65 jaar. Je kon het voorwaardelijk pensioen krijgen als tegemoetkoming voor het vervallen van de prepensioenregeling FPU. ABP noemt dit pensioen 'voorwaardelijk' omdat het niet definitief was zolang de regeling niet was afgelopen, m.a.w. dit deel van je pensioen kon je dus nog kwijtspelen. Voldeed je aan de voorwaarden, dan heeft ABP  je voorwaardelijk pensioen eind 2022 toegevoegd aan je opgebouwde pensioen omdat de regeling Voorwaardelijk pensioen 1 januari 2023 is afgelopen. Je kunt je voorwaardelijk pensioen nu niet meer verliezen.

Wanneer heb je recht op je voorwaardelijk pensioen?

- Als je bent geboren op of na 1 januari 1950, en
- als je op 31-12-2005 en 1-1-2006 in dienst was bij een ABP-werkgever, en
- als je onafgebroken in dienst was bij een ABP-werkgever tot 1-1-2023. (Of tot aan het moment waarop je je ABP pensioen liet ingaan vóór 1-1-2023.)

Voldoe je aan de voorwaarden? Dan heeft ABP op 30 december 2022 het voorwaardelijk pensioen toegevoegd aan je opgebouwde pensioen. Je kunt het nu niet meer verliezen door een eventueel ontslag.

Voor vragen over je (voorwaardelijk) pensioen wend je je het best rechtstreeks tot ABP. Op de website van het ABP vind je veelgestelde vragen over het voorwaardelijk pensioen.

Hoe berekent een schoolleider in het PO incl. S(B)O de onderwijstijd van een schooljaar?

Voor de berekening van het aantal uren in een schooljaar hanteert de Inspectie van het Onderwijs de periode 1 oktober tot 1 oktober. Gemakshalve wordt er van uitgegaan dat een jaar 52 weken telt, maar dat is niet helemaal correct…

Een jaar telt 365 dagen en dat is 52 weken + 1 dag. In een schrikkeljaar zelfs + 2 dagen. Dat maakt dat we voor de berekening van het aantal dagen in een schooljaar te maken hebben met het fenomeen bijtelling. Dat is als volgt geregeld.

Het schooljaar begint te lopen op 1 oktober XXXX en loopt tot 1 oktober XXXX+1. Als we bij de berekening uitgaan van 52 weken, zou het schooljaar eindigen op 29 september. De bijtelling van 30 september is nodig, om te komen tot een jaar van 365 dagen. N.B. Als de datum van 30 september op een weekenddag valt, hoeft deze niet te worden bijgeteld. Bijtellen betekent dat de lesuren die op 30 september vallen, bij het totaal worden geteld.

Een schrikkeljaar telt een extra dag (29 februari) en dus 366 dagen, dat is 52 weken + 2 dagen. In een schrikkeljaar tellen we 29 + 30 september bij om te komen tot een schooljaar van 366 dagen. N.B. Als 29 en/of 30 september niet op een schooldag vallen, hoeven deze dagen niet te worden bijgeteld.

Voorbeeld: 2024 is een schrikkeljaar. Voor het schooljaar 2023-2024 geldt dus niet alleen de bijtelling van 30 september, maar ook van 29 september. Nu valt 29 september toevallig op een zondag. Voor 2023-2024 moeten we dus slechts één dag bijtellen, nl. 30 september (valt op een maandag).

VSO wijkt af!

Sinds enkele jaren gelden voor het VSO de onderwijstijdbepalingen uit de WVO2020. In het VSO wordt de onderwijstijd op dezelfde manier berekend als in het voortgezet onderwijs. Bijtelling is dus niet meer aan de orde en dus ook niet meer toegestaan. Vanaf schooljaar 2019-2020 handhaaft de Inspectie van het Onderwijs hierop.

Welke normen gebruikt de inspectie voor gebroken schoolweken?

(2024-07-03) De inspectie hanteert bij het toetsen van de onderwijstijd de voorschriften uit de Wet op het Primair Onderwijs (WPO), in het bijzonder artikel 8 lid 9. Daarnaast speelt de Regeling vaststelling schoolvakanties 20XX-20YY een rol.

Wet op het Primair Onderwijs

WPO artikel 8, lid 9 luidt als volgt:

Het onderwijs wordt zodanig ingericht dat:
1. de leerlingen in beginsel binnen een tijdvak van 8 aaneensluitende schooljaren de school kunnen doorlopen;
2. de leerlingen in 8 schooljaren ten minste 7.520 uren onderwijs ontvangen, met dien verstande dat:

1°. de leerlingen in de eerste 4 schooljaren ten minste 3.520 uren onderwijs en in de laatste 4 schooljaren ten minste 3.760 uren onderwijs ontvangen, en
2°. aan de leerlingen in de laatste 6 schooljaren ten hoogste 7 weken van het schooljaar 4 dagen per week onderwijs wordt gegeven, die evenwichtig zijn verdeeld over het schooljaar, bij een schoolweek van in beginsel niet minder dan 5 dagen onderwijs; en

3. de onderwijsactiviteiten evenwichtig over de dag worden verdeeld, tenzij afwijking van deze verdeling van belang is in verband met activiteiten in het kader van het voorkomen en bestrijden van onderwijsachterstanden.

Gebroken weken

De onder 9.b.2o genoemde zeven weken noemen we gebroken weken.
Dit zijn de spelregels die gelden voor deze vierdaagse schoolweken.

Een gebroken week is een week waarin
- een school een studiedag of een andere vrije dag plant;
- een lokale feestdag valt (bijv. Pinkster Drie, Alkmaars Ontzet, Prinsjesdag).

Géén gebroken week is een week waarin
- een erkende feestdag valt (Tweede Paasdag, Koningsdag, …);
- de school een studiemiddag of een andere vrije middag plant.

Let op!
- De week waarin het lange Hemelvaartweekend valt (donderdag t/m zondag vrij) wordt niet tot de gebroken weken gerekend (de vrijdag tussen Hemelvaart en het weekend is een extra vakantiedag);
- Een driedaagse schoolweek is in beginsel niet toegestaan; soms organiseren scholen een tweedaagse met het team – als je dat doet, bestaat de kans dat de inspectie je terugfluit (hoewel de ervaring leert dat hier niet consequent op wordt gehandhaafd).

Verlenging zomervakantie

In de Regeling schoolvakanties 2022-2025, artikel 7 staat het volgende:

Mogelijkheden om af te wijken van regio’s en zomervakantieperioden
1. Het bevoegd gezag van een school voor basisonderwijs en een school voor speciaal onderwijs kan de periode, bedoeld in Artikel 6 (De zomervakanties 2023, 2024 en 2025) verlengen met ten hoogste twee dagen voorafgaand aan die periode en met ten hoogste twee dagen na die periode.

Toelichting: Artikel 1, lid 7 van de Regeling vaststelling schoolvakanties is een aparte bepaling die scholen de mogelijkheid geeft om, in overleg met de medezeggenschap, dagen aan de zomervakantie vooraf te laten gaan of te laten volgen op de zomervakantie.

Let wel: als je gebruik maakt van deze regeling, geldt deze verkorte schoolweek mee voor het aantal toegestane  gebroken weken = #7.

Deze informatie is getoetst door het Informatiecentrum Onderwijs (ICO), mei 2022 en door de Inspectie van het Onderwijs, februari 2023.

Welke maatregelen gelden er nog in de scholen?

Aan scholen is dringend geadviseerd om de basisregels en veiligheidsmaatregelen na te leven. Het gaat om de volgende regels:

- Handen wassen, hoesten en niezen in je elleboog, goed ventileren, en een vaccin, booster- of herhaalprik halen.
- Daarnaast doet iedereen met klachten een (zelf)test. Scholen kunnen hiervoor zelftesten aanvragen voor personeel een leerlingen. In de vragenmodule van CoTeRo vind je informatie over hoe je de zelftesten kan aanvragen.
- Ben je positief getest op het coronavirus, dan ga je in isolatie. Meer informatie over isolatie staat hier.

Hoe zit het met het advies voor zwangere vrouwen om afstand te houden?

Voor zwangere medewerkers in het onderwijs is het algemene advies vervallen om vanaf 28 weken 1,5 meter afstand te houden. Er gelden tot aan het zwangerschapsverlof geen beperkingen meer in de werkzaamheden die verricht kunnen worden vanwege het coronavirus. Wel blijft het van belang dat zwangere medewerkers goed voorgelicht worden over eventuele risico’s op het werk.

Wat is het Servicedocument funderend onderwijs?

Het Servicedocument funderend onderwijs geeft antwoord op vragen rondom de huidige situatie van het coronavirus, gebaseerd op de bestaande wet- en regelgeving, inclusief de coronamaatregelen vanuit het kabinet en de RIVM-richtlijnen.

Het ministerie van OCW bundelt de laatste stand van zaken van de landelijke maatregelen voor het funderend onderwijs in dit servicedocument. Het is nadrukkelijk geen vervanging maar een aanvulling op de diverse protocollen en richtlijnen. In het servicedocument wordt dan ook waar nodig naar diverse protocollen verwezen.

Bekijk het nieuwste servicedocument

Werkdruktool voor schooljaar 2022–2023

Ook voor het schooljaar 2022 – 2023 zijn er gelden beschikbaar voor de werkdrukvermindering. De bedragen voor genoemd schooljaar zijn:

Soort onderwijsBedrag per leerling
Basisonderwijs€ 260,76
Speciaal basisonderwijs€ 391,14
(Voortgezet) speciaal onderwijs€ 521,52

Het bedrag per leerling voor personeel en arbeidsmarkt is, net zoals in schooljaar 2021–2022, verhoogd in verband met het versneld inzetten van de werkdrukmiddelen. Daarnaast zijn er ook middelen uit het Nationaal Programma Onderwijs beschikbaar gekomen om de werkdrukmiddelen op peil te houden.

Deze middelen zijn structureel en worden verstrekt via het budget personeels- en arbeidsmarktbeleid. Het ministerie van OCW maakt hiervoor elk jaar een tool, maar voor 2022-2023 is die nog niet beschikbaar.

Dit budget wordt uitgekeerd als een bedrag per leerling op het niveau van BRIN. De leerlingen van een nevenvestiging worden daardoor toegerekend aan de hoofdlocatie.

Hieronder de tool van 2022

Downloads

Tool werkdrukmiddelen 2022 (xlsx)

    Vragen over de besteding van de werkdrukmiddelen, die bij de sociale partners (PO-Raad en vakbonden) zijn binnen gekomen en door hen zijn beantwoord.

    Q Over welke werkdrukmiddelen kan mijn school in 2022-2023 beschikken?
    A Dit kunt u berekenen in de nieuwe geactualiseerde versie van de rekentool voor 2022. Vanaf 1 januari 2023 zullen schoolbesturen en samenwerkingsverbanden op grond van de nieuwe bekostigingssystematiek volledig op kalenderjaarbasis worden bekostigd. De bedragen in bijgevoegde tool voor werkdruk gelden daarom voor de periode augustus 2022 tot en met december 2022.

    Q Moet de PGMR of PMR instemmen met de bestedingsplannen uit het werkdrukakkoord?
    A De PMR heeft instemmingsrecht op het bestedingsplan, niet de PGMR.

    Q Waar staat dat de PMR instemmingsrecht heeft?
    A Dat hebben de vakbonden en PO Raad afgesproken met minister Slob in het akkoord. Dat de PMR instemmingsrecht heeft wordt ook opgenomen in de nieuwe cao po.

    Q Waar moeten we als team over praten als het gaat om het werkdrukakkoord?
    A Op iedere school moet een gesprek gevoerd worden over de knelpunten die werknemers ervaren en de oplossingen die zij hiervoor voorzien en bepalen. Dat vormt de basis voor het bestedingsplan.

    Q Wie maakt het bestedingsplan?
    A Het bestedingsplan wordt opgesteld door de schoolleider of het schoolbestuur op basis van het gesprek met het hele schoolteam (leerkrachten, schoolleider/directeur en overig personeel).

    Q Hoe weten wij op school achteraf of het geld inderdaad aan vermindering van de werkdruk is uitgegeven?
    A De P-MR van de school wordt na afloop van het schooljaar door de schoolleider/het
    schoolbestuur geïnformeerd over de besteding van de extra werkdrukmiddelen van hun school (BRIN-niveau) in het voorgaande schooljaar. Over de niet-bestede middelen worden door de schoolleider/het schoolbestuur in samenspraak met het team en de P-MR nadere bestedingsafspraken gemaakt conform de doelen en verwachtingen van het bestedingsplan.

    Q Op welk bedrag hebben wij recht?
    A Uw school krijgt een bedrag dat afhankelijk is van het leerlingaantal. Via de websites van de vakbonden en PO Raad kunt u via een rekentool nagaan welk bedrag uw school krijgt voor vermindering van werkdruk.

    Q Hoeveel geld is er in totaal beschikbaar?
    A Vanaf 1 augustus 2018 is er structureel € 237 miljoen per jaar beschikbaar. In 2020 is er een tussenevaluatie, afhankelijk van de uitkomst daarvan kan het bedrag vanaf  schooljaar 2021/2022 oplopen tot € 430 miljoen per jaar.

    Q Mag mijn bestuur bepalen hoe (een deel van) het geld besteed wordt?
    A Nee, uw bestuur mag dat niet. De extra middelen die het kabinet ter beschikking stelt voor de beheersing van werkdruk, komen ter beschikking aan teams in scholen. Zij kiezen zelf welke maatregelen er in hun school worden genomen om de werkdruk te verminderen.

    Q Mijn bestuur zegt dat het geld niet structureel beschikbaar is, klopt dat?
    A Nee, dat klopt niet. Tot schooljaar 2021/2022 is er per jaar structureel € 237 miljoen beschikbaar voor verlaging van de werkdruk. Vanaf schooljaar 2021/2022 zal dat zelfs op kunnen lopen tot € 430 miljoen, structureel, per jaar.

    Q Welke richtlijnen mag een schoolbestuur meegeven aan het team?
    A Een schoolbestuur mag niet bepalen waar het geld voor werkdrukverlaging aan wordt besteed, maar een schoolbestuur kan wel enkele richtlijnen meegeven. Het aannemen van personeel kan bijvoorbeeld gevolgen hebben voor kosten op de lange termijn. Een team mag natuurlijk kiezen voor het aannemen van personeel, maar een schoolbestuur mag wel bepalen onder welke voorwaarden dit kan gebeuren. Dat is nodig, want het schoolbestuur is verantwoordelijk voor de onderwijskwaliteit maar ook voor de financiën op de langere termijn.

    Q Ons schoolbestuur krijgt te maken met bezuinigingen (krimp, onderwijsachterstandsmiddelen) en daardoor moeten er medewerkers worden ontslagen. Hoe verhoudt dit zich tot de werkdrukmiddelen?
    A Het team mag bepalen hoe de werkdrukmiddelen worden ingezet, natuurlijk mogen zij kiezen voor behoud van personeel. We zijn in gesprek met het Participatiefonds om ervoor te zorgen dat de werkdrukmiddelen geen effect hebben op ontslagmogelijkheden.

    Downloads

    Aan de slag met het werkdrukakkoord(pdf)

    Inspirerende praktijkverhalen(pdf)

    Rekenmodel werkdrukmiddelen(xlsx) (2022)

    Wat betekent dit onderhandelaarsakkoord voor directeuren en adjunct-directeuren in het algemeen?
    Toename jaarinkomen
    (gewogen gemiddelde)
    % (gewogen gemiddelde)Variatie in toenamePerspectief stijgingLaatste trede te be-halen in jaren t.o.v. nu
    A10592410,38,9-14,91602 jaar eerder
    A11651610,58,1-15,25531 jaar later
    A12761810,88,4-15,26003 jaar eerder
    D11686010,65,7-17,91163 jaar later
    D12*804611,08,5-18,11333 jaar eerder
    D13*52276,65,1-21,41453 jaar eerder
    D1455686,95,3-19,15317 jaar eerder

    * Voor schoolleiders met een salarisperspectiefgarantie wijken genoemde bedragen en percentages af

    Dus het inkomen van een schoolleider in A12 neemt op jaarbasis tussen 8,4% en 15,3% toe, het perspectief (bedrag van de laatste trede van de nieuwe schaal – bedrag van de laatste treden van de huidige schaal) neemt met 600 euro per maand toe en het aantal treden in de schaal neemt met 3 af (dus de schoolleider groeit 3 jaar sneller toe naar een eindtrede die 600 euro hoger is dan hij/zij nu zou krijgen).

    Het inkomen van een schoolleider in D11 neemt op jaarbasis tussen 5,7% en 17,9% toe, het perspectief stijgt met 116 euro per maand en het aantal treden in de schaal neemt met 3 toe (dus de schoolleider doet er 3 jaar langer over om op het eindbedrag te komen dat 116 euro hoger is dan hij/zij nu zou krijgen).

    Het inkomen van een schoolleider in D13 neemt op jaarbasis tussen 5,1% en 21,5 % toe, het perspectief stijgt met 145 euro per maand en het aantal treden in de schaal neemt met 3 af (dus de schoolleider groeit 3 jaar sneller toe naar een eindtrede die 145 euro hoger ligt dan hij/zij nu zou krijgen).

    Heeft het onderwijspersoneel voorrang bij het maken van een afspraak bij de teststraat?

    Nee. Bij klachten volstaat het doen van een zelftest. De noodzaak van een voorrangsstraat voor onderwijspersoneel bij de GGD is daarmee komen te vervallen. De voorrangsstraat wordt om die reden vanaf 11 april opgeheven.

    Welke aanvullende maatregelen hoeven niet meer worden toegepast in het funderend onderwijs?

    - Het advies om preventief twee keer per week een zelftest te doen, is vervallen.
    - In het leerlingenvervoer van leerlingen van het voortgezet speciaal onderwijs en leerlingen van het speciaal (basis) onderwijs vervalt met ingang van 23 maart de verplichting om mondneusmaskers te dragen. Het protocol zorgvervoer kinderen en jongeren, zoals opgesteld door Koninklijk Nederlands Vervoer, vervalt eveneens met ingang van 23 maart 2022.
    - Het dringende advies om na een positieve zelftest een confirmatietest te doen bij de GGD is vervallen.

    Welke afspraken zijn er gemaakt over professionalisering?

    Onderwijsgevend en onderwijsondersteunend personeel hebben 2 klokuren per werkweek (deeltijd naar rato) voor hun professionele ontwikkeling beschikbaar. Daarnaast stelt de werkgever voor elke werknemer in genoemde categorieën € 500,- per jaar beschikbaar.

    Wat is de positie van de Onderwijsconsulent in het kader van indicatiestelling?

    De Onderwijsconsulent is ingesteld door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) op verzoek van de Tweede Kamer, om ouders/verzorgers en scholen te adviseren en te begeleiden bij onderwijskwesties rond een kind met een handicap, ziekte of stoornis. Het gaat dan om problematiek rond plaatsing, schorsing, verwijdering, besteding van de rugzakgelden of onenigheid over het handelingsplan. Ook proberen onderwijsconsulenten oplossingen te vinden voor kinderen die langdurig thuiszitten zonder uitzicht op een onderwijsplaats.

    De Onderwijsconsulent is ingesteld door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) op verzoek van de Tweede Kamer, om ouders/verzorgers en scholen te adviseren en te begeleiden bij onderwijskwesties rond hun kind.

    Onderwijsconsulenten zijn onafhankelijke deskundigen met kennis en ervaring op het gebied van onderwijs aan kinderen met een handicap, ziekte of stoornis. De onderwijsconsulent helpt ouders/verzorgers ook als zij het niet eens zijn met een besluit van de school.

    Onderwijsconsulenten kunnen ouders, leerlingen en scholen helpen wanneer sprake is van minimaal één van de onderstaande situaties:

    - De leerling zit langer dan 4 weken thuis zonder uitzicht op een onderwijsplek. Bijvoorbeeld door een schorsing.

    - Er is extra ondersteuning of begeleiding nodig van een leerling met een extra ondersteuningsbehoefte.

    - Er is hulp nodig bij het opstellen van het onderwijsprogramma voor een leerling.

    Voordat ouders/verzorgers een onderwijsconsulent kunnen inschakelen, moet er:

    - een gesprek zijn geweest met de leerkracht of met de directie van de school;

    - contact zijn geweest met het samenwerkingsverband passend onderwijs.

    Er zijn géén kosten verbonden aan het inschakelen van een onderwijsconsulent. Onderwijsconsulenten worden gefinancierd door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

    Er zijn géén kosten verbonden aan het inschakelen van een onderwijsconsulent. Onderwijsconsulenten worden gefinancierd door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
    Een advies van een onderwijsconsulent is niet bindend.  De school is niet tot overleg verplicht. Als ouders het er niet mee eens zijn, kunnen zij nog een oordeel vragen aan de Commissie Gelijke Behandeling (CGB). Ook de oordelen van de CGB zijn echter niet juridisch bindend. Als laatste mogelijkheid staat de weg naar de rechter open.

    Waar moet ik als schoolleider rekening mee houden bij het invoeren van andere schooltijden?

    Ingegeven vanuit maatschappelijke veranderingen is de afgelopen tijd de behoefte aan andere schooltijden in het primair onderwijs gestegen. De mogelijkheden voor het basisonderwijs liggen in verschillende schooltijdmodellen, waarbij ook de wet- en regelgeving een rol speelt. In de eerste plaats is de rol, positie en mening van de ouders van belang. De flexibilisering van de schooltijden geldt voor scholen voor basisonderwijs, scholen voor speciaal basisonderwijs en scholen en instellingen voor (voortgezet) speciaal onderwijs. Scholen en schoolleiders moeten bij het invoeren van andere schooltijden rekening houden met zaken als (voldoende) onderwijstijd, werk- en rusttijden voor leerkrachten, overblijfmogelijkheden, de keuze van het schooltijdmodel en bijvoorbeeld de verplichte ouderenquête.

    De AVS heeft de publicatie “Naar andere schooltijden, en dan?” samengesteld  in het kader van invoering van andere schooltijden. Deze is via de AVS-website te bestellen.

    Wie is er verantwoordelijk voor de professionalisering van de werknemer?

    Iedere werknemer is zelf verantwoordelijk voor de eigen professionalisering. Hij/Zij maakt jaarlijks afspraken met de leidinggevende over de eigen professionalisering. Deze afspraken worden vastgelegd in een persoonlijk ontwikkelingsplan.

    Wat ben ik verplicht om een startende leraar aan begeleiding te bieden?

    In de CAO is afgesproken dat de startende leerkracht 40 uur extra per jaar krijgt (naar rato dienstverband, nog bovenop zijn persoonlijk budget voor duurzame inzetbaarheid), die hij voor professionalisering kan inzetten. Zodra de startende leerkracht basisbekwaam is of de vierde periodiek van zijn salarisschaal heeft bereikt, vervalt de 40 uur extra per jaar (naar rato dienstverband) voor de startende leerkracht. Daarnaast heeft elke startende leraar recht op begeleiding door een coach. De coach mag geen direct leidinggevende zijn.

    Wat is de beste begeleiding van startende leraar?

    Onderzoek wijst uit dat bepaalde randvoorwaarden altijd gunstig zijn om een startende leraar de kans te geven binnen korte tijd zich sterk te ontwikkelen. Dit zijn werkdrukvermindering, begeleiding in de les door een onafhankelijk iemand, professionele ontwikkeling, verankerd in het HRM-beleid, meten van de vorderingen en vaststellen van de sterke en zwakke punten, zodat gerichte ontwikkeling mogelijk is, en een inwerkperiode met kennismaking met de schoolregels.

    Wat houdt het bijzondere budget voor oudere werknemers in?

    Werknemers hebben vanaf 57 jaar recht op een bijzonder budget van 130 extra uur per jaar (deeltijders naar rato). Indien werknemers na de AOW-gerechtigde leeftijd ervoor kiezen langer door te werken, bestaat er geen recht meer op dit budget.

    In de CAO PO 2021 komen diverse verlofvormen voor. De AVS heeft een overzicht gemaakt

    Ter handreiking heeft de AVS op grond van de CAO PO 2021 het overzicht van de verlofvormen geactualiseerd. In dit overzicht wordt aangegeven welke contractvormen in welke situatie mogelijk zijn.

    Download

    Verlofvormen (april 2022)

      Hoe kan het personeel handelen bij zaken op het gebied van de gezondheidszorg (medisch handelen)?

      Op 29 oktober 2021 heeft de ministers van OCW en VWS de factsheet gezondheidszorg in het onderwijs aan de Tweede Kamer gestuurd.

      Deze factsheet vervangt de Factsheet diabeteszorg in het primair onderwijs van december 2015.

      De factsheet is bedoeld om scholen te helpen bij het organiseren van medische zorg aan leerlingen. De factsheet bevat informatie over hoe de school, de ouders, de leerling en de professionele zorgverlener samen afspraken kunnen maken over het verlenen van gezondheidszorg aan een leerling op school. Achtereenvolgens wordt ingegaan op:

      1. Gezondheidszorg onder schooltijd: wie is waarvoor verantwoordelijk?;
      2. Welke medische handelingen bestaan er en wie mag die binnen een school uitvoeren?;
      3. Maak vooraf afspraken!;
      4. Aansprakelijkheid;
      5. Juridisch kader.

      Op de website van de Arbocatalogus PO is meer informatie vermeld over de medicijnverstrekking en medisch handelen. Zie hiervoor Extra informatie op de website van arbocataloguspo.nl

      Factsheet gezondheidszorg in onderwijs

      Wat wordt er van scholen verwacht als de docent of leerlingen in quarantaine zitten?

      Veel scholen zullen al voorbereid zijn op afwezigheid van docenten en leerlingen in verband met isolaties. Denk hierbij aan communicatie naar ouders/verzorgers en leerlingen; onderwijsaanbod en afstandsonderwijs; en afstemming met bestuur en gemeente. Scholen worden gevraagd om zoveel mogelijk met ouders/verzorgers en leerlingen te overleggen over de mogelijkheden om leerlingen afstandsonderwijs te geven. De keuze voor afstandsonderwijs is nadrukkelijk de professionele keuze van de school. Dit kan dan ook niet door individuele ouders/verzorgers worden afgedwongen. Het spreekt voor zich dat scholen niet aan het onmogelijke worden gehouden.

      Kunnen scholen aanvullende maatregelen in stand houden?

      Het kan zo zijn dat een individueel schoolbestuur ervoor kiest om maatregelen in stand te houden, omdat de lokale situatie daarom vraagt. In dat geval dient wel te worden voldaan aan de bestaande voorwaarden die gelden bij het invoeren van aanvullende maatregelen.

      Welke voorwaarden gelden bij het invoeren van aanvullende maatregelen?

      Een schoolbestuur mag aanvullende maatregelen invoeren, hiervoor gelden de voorwaarden:

      • Het schoolbestuur moet de noodzaak en proportionaliteit van eventuele aanvullende maatregelen onderbouwen*;
      • De aanvullende maatregelen moeten passen binnen de besluiten die het kabinet heeft genomen op basis van advisering door het OMT;
      • Daarbij moet in elk geval de medezeggenschap betrokken worden. Het is belangrijk dat het schoolbestuur aan leerlingen en ouders/verzorgers in duidelijke taal uitlegt waarom de school tot deze maatregel(en) besluit.

      * Het bestuur moet ook rekening houden met de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid. Bij het handhaven van een verplichting zal de school zorgvuldig de proportionaliteit in acht moet nemen: het belang van de leerplicht weegt immers ook zwaar. Het is daarom belangrijk dat de school hier een goed gesprek over voert met leerlingen, ouders/verzorgers en personeel.

      Kunnen 12 tot en met 17 jarigen een booster krijgen?

      Ja, dit kan. Volgens het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA) is een boosterprik voldoende veilig en effectief voor jongeren van 12 t/m 17 jaar. Daarom is het voor jongeren die dat willen mogelijk om een booster te halen. Het is een vrijwillige keuze. Jongeren van 12 tot en met 17 jaar die een boosterprik willen, kunnen bellen naar 0800-7070 om een afspraak te maken.

      Wat betekent het mondkapjesadvies voor het funderend onderwijs?

      De verplichting tot het dragen van een mondneusmasker in de samenleving is losgelaten en daarmee is ook het advies in het onderwijs vervallen. In drukke openbare/publieke buitenruimtes waar geen 1,5 meter afstand gehouden kan worden, geldt nog steeds een advies om een mondkapje te dragen.

      Zijn fysieke teamvergaderingen weer mogelijk?

      Sommige medewerkers kunnen wellicht de vraag hebben of het voor hen verstandig is om mee te doen met fysieke teamvergaderingen, bijvoorbeeld omdat zij zelf meer risico lopen op ernstige gevolgen van een coronabesmetting of omdat zij een huisgenoot hebben met een kwetsbare gezondheid. Houd rekening met elkaar en ga na of het echt nodig is dat iedereen fysiek bij de teamvergadering aanwezig is, of dat de vergadering ook op een hybride manier kan plaatsvinden.

      Is er een overzicht van het aantal coronabesmettingen per leeftijdscategorie?

      Het RIVM stelt wekelijke een Factsheet COVID-besmettingen op.

      In de downloads zijn de meest recente cijfers te vinden.

      Factsheet COVID-besmettingen week 12 2022

      Rapportage Gesloten Scholen in het Primair Onderwijs 29 maart 2022

      Rapportage Gesloten Scholen in het Speciaal Onderwijs 29 maart 2022

      Rapportage Gesloten Scholen in het Voortgezet Onderwijs 29 maart 2022

      Hulpmiddelen en instrumenten

      Overgangsregeling wet schooltijden versie 2023-2024

      Hierbij de aangepaste versie van het Instrument overgangsregeling wet schooltijden versie 2023-2024 van februari 2023, inclusief de nieuwe salarisbedragen.

      Downloads

      Werkdruktool voor schooljaar 2022–2023

      Ook voor het schooljaar 2022 – 2023 zijn er gelden beschikbaar voor de werkdrukvermindering. De bedragen voor genoemd schooljaar zijn:

      Soort onderwijsBedrag per leerling
      Basisonderwijs€ 260,76
      Speciaal basisonderwijs€ 391,14
      (Voortgezet) speciaal onderwijs€ 521,52

      Het bedrag per leerling voor personeel en arbeidsmarkt is, net zoals in schooljaar 2021–2022, verhoogd in verband met het versneld inzetten van de werkdrukmiddelen. Daarnaast zijn er ook middelen uit het Nationaal Programma Onderwijs beschikbaar gekomen om de werkdrukmiddelen op peil te houden.

      Deze middelen zijn structureel en worden verstrekt via het budget personeels- en arbeidsmarktbeleid. Het ministerie van OCW maakt hiervoor elk jaar een tool, maar voor 2022-2023 is die nog niet beschikbaar.

      Dit budget wordt uitgekeerd als een bedrag per leerling op het niveau van BRIN. De leerlingen van een nevenvestiging worden daardoor toegerekend aan de hoofdlocatie.

      Hieronder de tool van 2022

      Downloads

      Tool werkdrukmiddelen 2022 (xlsx)