Zorgen om ambitie naar inclusief onderwijs

Op woensdag 29 mei vond het commissiedebat Passend Onderwijs plaats in de Tweede Kamer. Vooruitlopend op dit debat heeft AVS een brief gestuurd naar de leden van de Commissie OCW en de fracties in de Tweede Kamer als reactie op de brief van de minister aan de Tweede Kamer over dit onderwerp. In de route naar meer inclusief onderwijs pleit AVS voor het goed op elkaar laten aansluiten van ondersteuning, organisatie en financiering van onderwijs en zorg, maar ook en vooral voor het allereerst op orde brengen van de basis. We deden in de brief een oproep tot realisme vanwege de huidige stand van zaken in het onderwijs en sloten af met 27 concrete vragen en overwegingen.

Ter voorbereiding op het debat peilden we hoe schoolleiders aankijken tegen passend en inclusief onderwijs. 278 schoolleiders reageerden. De belangrijkste conclusie was dat de wil om naar inclusief onderwijs over te gaan er zeker is, maar dat schoolleiders en hun scholen onvoldoende zijn uitgerust om vorm te geven aan deze mooie ambitie. Het ontbreken van middelen voor implementatie, de personeelstekorten, onvoldoende kennis bij medewerkers over ondersteuningsbehoeften en huisvestingsvraagstukken voor succesvol passend onderwijs maken dat de randvoorwaarden nog verder moeten worden ingevuld. Ook de roep om meer structurele middelen in plaats van doelsubsidie kwam sterk in onze peiling naar voren.
Samen met de PO-Raad werkten we aan een opinieartikel in de media. 

In het commissiedebat namen alle partijen gelegenheid om te reageren op de Kamerbrief van de Minister. Al snel lag het hoofdlijnenakkoord van de vier partijen PVV, VVD, NSC en BBB op tafel, waar de formerende partijen de nadruk legden op het doelmatiger inzetten van middelen en het leggen van accent op bewezen interventies als de basisvaardigheden. De oppositiepartijen vertaalden de beoogde bezuinigingen in zorgen over de route naar inclusief onderwijs.

In het debat werd meerdere keren benoemd dat de schoolleider een cruciale rol speelt in de uitvoering van passend onderwijs. Deze cruciale rol van de schoolleider werd door de minister slechts kort genoemd, zij verwees naar de reeds ingezette plannen afkomstig uit het werkplan Samen voor het beste onderwijs en beloofde de Kamer in juni over de voortgang te rapporteren.

Over het algemeen was er veel vertrouwen bij de minister dat we op de goede weg zitten en dat sommige uitdagingen nu eenmaal meer tijd kosten. Ze zegde toe voor het einde van het jaar in kaart te brengen hoeveel middelen er nodig zijn om de transitie naar inclusief onderwijs vorm te geven. Ook beloofde ze een nulmeting direct na de zomer over de stand van zaken van digitale leermiddelen en een onderzoek naar verzuim in het voorjaar van 2025 in het kader van het grote aantal thuiszitters. Begin november, voor de begrotingsbehandeling, zal de minister in een brief uiteenzetten hoe zij aankijkt tegen het begeleiden van kinderen met autisme en in oktober zal ze in een brief ingaan op de borging van de onderwijstijd.

Weinig toezeggingen minister

Zaken waar veel geld mee gemoeid zijn, zoals extra middelen die nodig zijn voor de aanpassing en nieuwbouw van schoolgebouwen, verwees de minister naar het toekomstige kabinet. Ook het verlengen van de regeling voor het inzetten van onderwijsconsultenten wordt aan een volgend kabinet gelaten. AVS betreurt het dat de minister niet ingaat op de cruciale rol die schoolleiders spelen in de uitvoering van passend onderwijs. Het is heel jammer dat de minister niet met een aanpak of oplossing voor het schoolleiderstekort komt. Staatsecretaris van Ooijen deed aan het einde van het debat een oproep aan het nieuwe kabinet om door te gaan op de ingeslagen route om zorg en speciaal onderwijs in een nieuwe wet samen te brengen en een lange adem te hebben om dat op termijn ook voor het regulier onderwijs in een wet vast te leggen.

Uiteindelijk vroeg GroenLinks/PvdA een twee-minutendebat aan, wat door diverse partijen werd gesteund.

Wil je weten hoe de politieke partijen erover denken? Klik dan hier.

Links