In de Ziekte- en arbeidsongeschiktheidsregeling voortgezet onderwijs (Zavo), die opgenomen is als bijlage 13 van de CAO VO en vanaf 1 mei 2008 van kracht is, is de definitie “arbeidstherapeutische basis” opgenomen in art. 13.
Bij arbeidstherapie blijft formeel sprake van ziekteverlof. Het begrip is aangepast aan de definitie van de UWV. Op basis van die uitgangspunten moeten de activiteiten, die een werknemer uitvoert op arbeidstherapeutische basis, aan de volgende eisen voldoen, zoals in art. 13 van de ZAVO staat vermeld:
1. de activiteiten moeten binnen een van te voren aangegeven periode
    uitgevoerd worden;
2. de periode mag niet langer dan zes weken zijn;
3. de werkzaamheden moeten deel uit maken van een opbouwend
    re-integratietraject;
4. het mag geen bestaande functie zijn die in de CAO staat omschreven;
5. het moet een gecreëerde functie;
6. er moet te allen tijde begeleiding aanwezig zijn.
7. de persoon moet op elk moment weg kunnen gaan.

Het gaat, kort samengevat, om activiteiten zonder loonwaarde die over een beperkte periode plaatsvinden.