Het is goed om als directeur op de hoogte te zijn van het onderstaande, zodat je desgewenst je langdurige zieke collega goed kunt informeren. En misschien heeft het wel betrekking op jezelf…?

Waar heb je recht op?

Een werknemer in het primair onderwijs (PO) heeft recht op in totaal 428 uren vakantieverlof per jaar bij een fulltime dienstverband (artikel 8.1 lid 1 CAO PO). Het vakantieverlof bestaat uit twee componenten:
– 160 uren wettelijk vakantieverlof (artikel 7:634 BW)
– 268 uren bovenwettelijk vakantieverlof.

Opbouw van vakantieverlof

Vakantieverlof bouw je op in de loop van een jaar,
– bij leraren en directie loopt een jaar van oktober tot oktober en
– bij onderwijsondersteunend personeel (OOP’ers) loopt een jaar van januari tot januari.
Ook als de werknemer gedurende het jaar geheel of gedeeltelijk ziek is, bouwt een werknemer vakantieverlof op (artikel 8.1 lid 2 en 3 CAO PO).

Compensatie bij ziekte

Wordt een werknemer ziek en heeft hij/zij de 160 uren wettelijke vakantieverlof als bedoeld in artikel 7:634 BW al genoten, dan heeft hij/zij heeft bij uitdiensttreding geen recht op compensatie of uitbetaling ervan (artikel 8.1 lid 4 CAO PO).

Compensatie is alleen mogelijk als een werknemer door ziekte minder dan 160 uren wettelijke vakantieverlof heeft genoten. In dat geval behoudt de zieke werknemer namelijk het recht op (het restant van) het wettelijk minimum aan vakantiedagen (artikel 8.1 lid 5 CAO PO).

Langdurig ziek

Een langdurig zieke werknemer krijgt nooit alle vakanties gecompenseerd. Dat kan reden zijn om tijdens ziekte alsnog vakantie op te nemen. Dat heeft zo zijn voordelen voor de werknemer: de bovenwettelijke vakantiedagen vervallen immers niet! Als de werknemer tijdens het tweede ziektejaar   alsnog de wettelijke vakantiedagen opneemt, dan krijgt hij/zij tijdens de opgenomen vakantie 100% loon in plaats van 70% betaald.  Ook gelden de re-integratieverplichtingen niet tijdens de vakantie.

Afboeken of niet?

Op grond van artikel 7:638 lid 8 BW mag je de ziektedagen zelf niet als vakantiedagen aanmerken! Uitzondering: de werknemer stemt er expliciet mee in om ze wel af te boeken als vakantiedagen.

Bespreek dus als werkgever met je zieke werknemer voorafgaand aan de schoolvakantie, of de werknemer vakantie wil genieten en of dit mag worden afgeboekt van het saldo aan vakantie-uren. Je kunt hierbij de hierboven genoemde voordelen voor de zieke werknemer noemen (100% doorbetaling, geen re-integratieverplichtingen).

Let op bij OOP’ers zonder lesgebonden en/of behandeltaken

Bovenstaande geldt ook voor OOP’ers zonder lesgebonden taken en/of behandeltaken die ziek zijn. Houdt er wel rekening mee dat zij maximaal vier uur per week vakantie buiten de schoolvakantie mogen opnemen. Deze OOP’ers in het maximum van salarisschaal 8 of hoger hebben op grond van artikel 8.3 lid 2 CAO PO bovendien nog eens recht op acht uur extra vakantieverlof per jaar. En op grond van artikel 8.3 lid 3 CAO PO zelfs nog extra verlofrechten.

Deel van het jaar ziek

Was de werknemer een deel van het jaar ziek, dan geldt het bovenstaande naar rato.

Voorbeelden

Rekenvoorbeeld 1
Een leraar heeft al de vakanties genoten in schooljaar 2025-2026 (herfstvakantie 40 uur, kerstvakantie 80 uur, voorjaarsvakantie 40 uur = totaal 160 uur) en wordt ziek in mei 2026. Deze medewerker is ziek in de meivakantie en drie weken in de zomervakantie. De overige drie weken worden alsnog als vakantieverlof (120 uur) opgenomen. De wettelijke vakantieverlofuren (160 uur) zijn al genoten, waardoor er geen verlof overblijft om later op te nemen.

Rekenvoorbeeld 2
Een leraar is ziek vanaf november 2025 tot en met de start van het nieuwe schooljaar 2026 – 2027. Deze medewerker heeft al 40 uur verlof genoten in de herfstvakantie. Deze medewerker heeft in het schooljaar 2026 – 2027 nog een recht van 120 uur vakantieverlof (160 – 40 uur). Het is van belang om de inzet van verlofuren en afwezigheid door ziekte in relatie met elkaar jaarlijks te bezien voor de afspraken over de inzet in een volgend (school)jaar.

Rekenvoorbeeld 3
Een OOP’er zonder lesgebonden en/of behandeltaken is in oktober 2025 ziek geworden en heeft zich in februari 2026 weer hersteld gemeld. Hij (of zij) heeft in 2025 een week kerstvakantie, een week voorjaarsvakantie, twee weken meivakantie en de zomervakantie opgenomen (40 + 40 + 80 + 240 uur). Hierdoor heeft deze OOP’er meer dan de wettelijke vakantie-uren (160 uur) genoten en neemt hierdoor geen vakantie-uren mee naar 2026. In 2026 geldt zijn normale opbouw van vakantie-uren.