Meer gespendeerd, minder geleerd
De onderwijsuitgaven van de overheid namen de afgelopen vijftien jaar met zo’n zestig procent (!)
toe. Ging er in 2005 bijna 7,5 miljoen euro naar het primair onderwijs, in 2021 was dat ruim twaalf miljoen. In het voortgezet onderwijs liepen de investeringen in die periode op van ruim 5,3 miljoen
euro naar bijna negen miljoen. Leverde al dat extra geld ook betere leerprestaties op?
Investeren in een beter leerklimaat
Op veel scholen wordt kei- en keihard gewerkt om kinderen zo goed mogelijk klaar te stomen voor onze samenleving. Hoe creëer je een (nog) beter leerklimaat op jouw school? Is hiervoor vooral extra geld nodig? Of vraagt het om andere investeringen? Onderwijsexperts Monique Volman en Anna Bosman delen hun wetenschappelijke inzichten.
Als ik minister van Onderwijs was…
Als jij de nieuwe onderwijsminister zou zijn en jij had het voor het zeggen: hoe ga je dan de budgetten besteden? Waar moet echt meer geld naartoe? En waar kan het onderwijs wat jou betreft op bezuinigen? KADER nodigt drie schoolleiders uit om alvast plaats te nemen op de stoel van de nieuwe minister van Onderwijs.
Tekst Chris Heersink
Vanaf 1 januari 2023 zal de Wet vereenvoudiging grondslagen bekostiging ingevoerd worden. Dat betekent dat scholen voor het basisonderwijs en speciaal onderwijs vanaf die datum een basisbedrag per leerling en school toegekend krijgen. Schoolbesturen kunnen dit geld naar eigen inzicht besteden. Ook wordt het volledige bedrag vanaf dat moment per kalenderjaar vastgesteld, zodat de volledige bekostiging op hetzelfde moment bekend is. Doel is om de kosten eenvoudiger, duidelijker en in makkelijker inzichtelijk te maken.
Wat verandert er voor jouw school?
• Scholen ontvangen één basisbedrag per leerling, per school. Zij krijgen niet langer aparte budgetten voor personeel en materieel. Onder materieel wordt onder meer verstaan leermiddelen en onderhoud van de gebouwen.
• De 130 rekenregels die gelden voor het maken van het financieel plan moeten teruggebracht worden naar ongeveer 30 regels. Dat maakt de berekening en de verdeling van het budget eenvoudiger voor de scholen. Ook kan de medezeggenschapsraad of de Raad van Toezicht de bekostiging makkelijker controleren.
• Het kostenplaatje wordt per kalenderjaar in plaats van per schooljaar vastgesteld. Zo krijgen scholen op hetzelfde moment inzicht in het volledige financiële overzicht.
• Het aantal leerlingen dat een school heeft, is belangrijk voor de hoogte van het bedrag dat scholen krijgen. De teldatum gaat naar 1 februari van het vorige kalenderjaar. Voorbeeld: het bedrag voor het kalenderjaar 2023 wordt vastgesteld met de teldatum op 1 februari 2022.
• De invoering van deze nieuwe manier van bekostiging kan betekenen dat een schoolbestuur vanaf 2023 iets meer of iets minder te besteden heeft. Voor de eerste drie jaren geldt een overgangsregeling. Daarmee krijgen scholen de tijd om hun uitgaven aan te passen aan de nieuwe situatie.
Meer weten?
• Download de brochure Vereenvoudiging bekostiging PO hier
• Bel of mail voor persoonlijk advies met de AVS-helpdesk: 030-236 10 10 of helpdesk@avs.nl. Gratis voor leden.