Functiewaardering

Nieuws

Al het nieuws over functiewaardering

Veelgestelde vragen

  • Welke begrippen zijn belangrijk bij het actualiseren van het functiegebouw?

    Elke werkgever is verplicht voor 1 augustus 2020 zijn functiegebouw te actualiseren, staat in de nieuwe CAO PO 20192020. Dit dient te gebeuren volgens de systematiek van FUWAPO. Hierbij overweegt de werkgever of nieuwe functiebeschrijvingen nodig zijn. Zo ja, dan besluit de werkgever in overleg met elke individuele werknemer welke functiebeschrijvingen worden gehanteerd. Voor dit overleg kunnen werkgevers als basis de voorbeeldfunctiebeschrijvingen gebruiken de die sociale partners hebben vastgesteld. Dit proces moet afgerond zijn voor 1 augustus 2020.

    Bij deze actualisering is het van belang kennis te nemen van een aantal begrippen met een specifieke betekenis binnen FUWAPO. Die kan verschillen van de betekenis die binnen instellingen of in het gewone spraakgebruik wordt gehanteerd. Daarom is een begrippenlijst samengesteld met de meest voorkomende begrippen en de definities. De begrippen complexiteit, integraal, multidisciplinair en regio – zoals toegepast binnen FUWAPO – lichten we hieronder toe.

    • Complexiteit van een vereniging, stichting of instelling Complex betekent een instelling, vereniging of stichting met een verscheidenheid aan schoolsoorten (basisonderwijs, speciaal onderwijs en/of voortgezet speciaal onderwijs) en onderwijsconcepten.
    • Integrale managementfuncties Functies waarbij de eindverantwoordelijkheid is belegd voor de primaire processen (inclusief de strategiebepaling van de organisatie), de realisatie van de producten/diensten van een organisatie en de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de PIOFACHtaken (taken op het gebied van Personeel, Informatie, Organisatie, Financiën, Automatisering, Communicatie en Huisvesting).
    • Multidisciplinair Het uitwisselen van kennis en ervaring met andere werkterreinen of vakdisciplines en het integreren van de uitkomsten in het eigen werk.
    • Regio Een grote stad, een stad of een verspreidingsgebied van meerdere locaties en/of wijken, een stad met enkele omringende gemeenten of een aantal kleinere gemeenten zoals voorkomt in de regionale indeling van de samenwerkingsverbanden of een regio van vergelijkbare indeling/omvang.
  • Hoe komt bij de nieuwe functiewaardering voor directiefuncties de stijging van het salaris tot stand?

    In het Cao-akkoord CAO PO 2019 – 2020 zijn voorbeelden van de functiebeschrijvingen voor de directieschalen (A- en D-schalen) opgenomen. Hieraan zijn nieuwe salarisschalen gekoppeld. Anders dan bij de omzetting van de salarisschalen voor leerkrachten (L-schalen) vindt bij de directieschalen geen één-op-één omzetting plaats. Met andere woorden: de DA-schaal is niet D11 geworden. Reden hiervoor is dat de minister geen extra gelden beschikbaar heeft gesteld voor het (gedeeltelijk) opheffen van de loonkloof tussen primair en voortgezet onderwijs. Dat was wel het geval bij de CAO PO 2018–2019. Voor de directiefuncties zijn nieuwe schalen gemaakt die onderling wel geharmoniseerd zijn. Als uitgangspunt geldt dat de beloning conform FUWA PO, werkzaamheden en daarbij behorende verantwoordelijkheden moet zijn. De uitkomst van de functiewaardering (score) kan dus gelijk zijn aan die van een andere functie. Dan is het juist dat het salaris ook gelijk is aan dat van die
    andere functie.

    Gecertificeerd functiewaardeerder
    Voor de CAO PO 2019 – 2020 zijn voorbeeldfuncties beschreven. Deze zijn niet bedoeld om als uitgangspunt te nemen, maar als richtlijn om te bepalen wat wel en niet tot je taken behoort. Cruciaal
    hierbij is het gesprek tussen de (adjunct)directeur en bestuurder, waarin de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden en omgevingsfactoren worden vastgesteld. Bij wijze van voorbeeld:
    als de directeur van een éénpitter meer doet dan de functiebeschrijving éénpitter (twee voorbeeldfuncties opgenomen op D11 en D12-niveau), bijvoorbeeld door meer bestuurlijke taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden als bestuursfunctie, dan zal de beschrijving aangevuld moeten worden met deze werkzaamheden. De functie zal dan gewogen moeten worden door een gecertificeerd
    functiewaardeerder en de uitkomst kan dan mogelijk D13 of D14 zijn.

    Terugwerkende kracht
    De werkgever is verplicht voor 1 augustus 2020 zijn functiegebouw te actualiseren. Hierbij overweegt deze of nieuwe functiebeschrijvingen nodig zijn. Is dat zo, dan wordt besloten welke functiebeschrijvingen worden gehanteerd. Hierbij kan gebruik worden gemaakt van de voorbeeldfuncties die sociale partners hebben vastgesteld. Dit proces dient te zijn afgerond voor 1 augustus 2020. De werkgever kan ervoor kiezen het eerder af te ronden. De inschaling kan met terugwerkende kracht plaatsvinden, maar niet eerder dan 1 januari 2020, zijnde de ingangsdatum van de nieuwe loonschalen in de CAO PO 2019– 2020

  • Functiebeschrijvingen schoolleiders: hoe zit dat?

    De AVS krijgt veel vragen over de inschaling van directiefuncties in het primair onderwijs. De sector gebruikt sinds 2006 het Fuwasys-systeem van functie­waardering. Het toepassen hiervan is voorbehouden aan gecertificeerden – opgenomen in het register – van Stichting Personeelsinstrumenten Onderwijs (zie www.spo3.nl). Als gecertificeerd functiewaardeerder geeft AVS-adviseur Paul van Lent chronologisch weer hoe de inschaling van directiefuncties binnen het functiewaarderingssysteem is verlopen, gaat hij in op de actuele stand van het systeem en hoe op dit moment omgegaan dient te worden met de inschaling van directeuren. Daarnaast licht hij vanuit zijn rol als AVS-woordvoerder aan de cao-tafel ook de arbeidsvoorwaardelijke kant toe.
     
    Binnen het Fuwasys-systeem worden functies beschreven en gewaardeerd op basis van veertien kenmerken. Uit de beschrijving vindt een weging plaats die een somscore oplevert. Deze is bepalend voor het functieniveau. De inschaling vindt vervolgens plaats naar de in de CAO PO opgenomen salarisschalen. In de cao is de toepassing van de functiewaardering vastgelegd in hoofdstuk 5, Functie en functiewaardering. De relevante artikelen zijn hieronder weergegeven.
     
    5.1 Functies
    1.                
    De functies worden in de navolgende functiecategorieën onderscheiden:

    a.                
    directie

    b.                
    leraar

    c.                
    onderwijsondersteunend personeel

    d.                
    participatiebaan

    2.                
    Zonder voorafgaand ontslag kan voor de werknemer geen andere functie gaan gelden dan de functie waarin de werknemer is benoemd of aangesteld, tenzij met de werknemer is overeen­gekomen dat de functie een tijdelijk karakter heeft en het daarbij behorende salarisniveau slechts tijdelijk zal gelden met inachtneming van artikel 3.9, tweede lid en artikel 4.8, tweede lid.

    3.                
    Leidinggevende functies en functies met leidinggevende taken worden vóór 1 juli 2016 beschreven en gewaardeerd met FUWA PO. De uitkomst en inschaling worden per 1 augustus 2016 van kracht.

     
    5.2 Normfuncties
    1.                
    Voor de functies behorend tot de categorie directie worden de functies en de daarbij behorende taakkarakteristieken uit bijlage VII.A van de cao vastgesteld als normfuncties. Dit artikellid vervalt per 1 augustus 2015.

    2.                
    Voor de functies behorend tot de categorie leraren worden de functies en de daarbij behorende taakkarakteristieken uit bijlage VII.B van de cao vastgesteld als normfuncties.

    3.                
    Voor de functies behorend tot de categorie onderwijsondersteunend personeel worden de functies en de daarbij behorende taakkarakteristieken uit bijlage VII.C van de cao vastgesteld als normfuncties.

     
    5.5 Functiebouwwerk
    1.                
    Werkgever en P(G)MR dragen jaarlijks vóór 1 augustus zorg voor aanpassing van het functieboek op zowel bestuurs- als schoolniveau met inachtneming van de afspraken over de functiemix in artikel 5.6 en 5.7, waarbij:

    a.                
    de huidige normfuncties en niet-normfuncties blijven gehandhaafd en nieuwe niet-normfuncties worden geïntroduceerd en volgens FUWA PO gewaardeerd, of

    b.                
    alle functies volgens FUWA PO worden gewaardeerd.

    2.                
    Hierbij kan gebruik gemaakt worden van de voorbeeldfuncties opgenomen in ‘Voorbeeldfuncties in FUWA PO’. De samenstelling van het functieboek op bestuursniveau betreft het geheel van functies naar soort en niveau met inachtneming van de normfuncties of van FUWA PO. Werkgever en PGMR maken eveneens een afspraak over het geheel aan bovenschoolse functies naar soort, niveau en aantal, met inachtneming van de afspraken over de functiemix.

    3.                
    Werkgever en PMR maken een afspraak over de invulling van het functiebouwwerk op schoolniveau voor wat betreft het geheel van functies naar soort, niveau en aantal, alsmede het beoogde invoeringstraject inclusief de invoeringsdatum. De inrichting van het functiebouwwerk op schoolniveau wordt binnen de kaders van het functieboek op bestuursniveau en in samenhang met het (meerjaren) formatieplan besproken met inachtneming van de afspraken over de functiemix.

     
    Voorbeeldbeschrijvingen
    De normfunctiebeschrijvingen voor leidinggevenden zijn per 1 augustus 2015 vervallen. Werkgevers kunnen nu gebruik maken van de voorbeeldbeschrijvingen die binnen FUWA PO voor de ­leidinggevende functies zijn gemaakt.
    Als de voorbeeldbeschrijvingen ongewijzigd worden toegepast, is de waardering zoals in de beschrijving is opgenomen geldend. De inschaling vindt dan conform de functie in de leidinggevende schalen plaats, zoals deze in de CAO PO 2016-2017 zijn opgenomen. Als er sprake is van aanpassingen in de beschrijvingen, dient elke beschrijving waar dat voor geldt door een SPO-gecertificeerd functiewaardeerder te worden gewaardeerd.
     
    Functiezwaarte en inschaling
    In de voorbeeldbeschrijvingen van leidinggevenden is gekeken naar de functiezwaarte, waarbij een samenhang aanwezig is tussen functie-inhoud, complexiteit en de omvang van de school of scholen waaraan leiding wordt gegeven. Op basis hiervan kunnen grove indicaties worden gegeven over de samenhang tussen de schaal en de omvang van de school of scholen waaraan leiding wordt gegeven. Het gaat uiteindelijk om de zwaarte van de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken en de vraag of zaken substantieel en structureel van aard zijn. Kortom, de systematiek van inschaling op basis van het leerlingaantal op 1 oktober van enig jaar is daarmee niet langer als enige criterium van toepassing, maar dient wel op de juiste manier te blijven gebeuren in de directieschalen (D of A).
     
    Bij wijziging van de (inschaling van) directie- en management­functies die worden op genomen in het functieboek, is het verplicht dat deze beschreven en gewaardeerd moeten zijn door een gecertificeerd functiewaardeerder (als deze afwijken van de voorbeeldbeschrijvingen) en dat deze met P(G)MR zijn afgesproken.
    Op basis van onderstaande artikelen uit de huidige cao kan een schoolbestuur de inschaling met de uitvoering van de daadwerkelijke werkzaamheden in D- (en A-)schalen laten plaatsvinden.
     
    5.8 Functiedifferentiatie
    4.                
    Voor de beschrijving en waardering van niet-normfuncties maakt de werkgever gebruik van FUWA PO.

    5.                
    In FUWA PO is voor het primair onderwijs een set van voorbeeldfuncties opgenomen die specifiek voor deze sector is ontwikkeld. De werkgever kan functies ontwikkelen die afwijken van de voorbeeldfuncties.

    6.                
    Voor het waarderen van functies die afwijken van de voorbeeldfuncties maakt de werkgever gebruik van een hiertoe door de Stichting Personeelsinstrumenten Onderwijs gecertificeerde adviseur.

     
    Functiecategorieën
    Bij invoering van Fuwasys per 1 augustus 2006 is bepaald dat de numerieke schaal conform de salarisschalen zoals opgenomen in de CAO PO geconverteerd dienen te worden naar de volgende functiecategorieën: directeur (D-schaal), adjunct-directeur (A-schaal), leerkracht (L-schaal) en onderwijsondersteunend personeel (numerieke schaal). Later is datzelfde ook voor bestuurders gaan gelden (B-schalen). Concreet en schematisch betekent dit:
     
    Leraren
    schaal 9       = LA
    schaal 10     = LB
    schaal 11     = LC
     
    Adjunct-directeuren
    schaal 10     = AB
    schaal 11     = AC
    schaal 12     = AD
    schaal 13     = AE
     
    Directeuren
    schaal 10     = DA
    schaal 11     = DB
    schaal 12     = DC
    schaal 13     = DD
    schaal 14     = DE
     
    Cao-tafel
    Met de publicatie van de voorbeeldbeschrijvingen schoolleiders is de inschaling in directieschalen nog van toepassing. De deelnemers aan de cao-tafel hebben afgesproken dat functiehuis en loongebouw onderzocht worden gedurende de looptijd van de huidige CAO PO 2016-2017, waarna wordt bekeken hoe een en andere geïmplementeerd kan worden.
     
    Rechtspositionele consequenties
    Soms wordt of is door een schoolbestuur een keuze gemaakt om inschaling in een numerieke schaal toe te passen. Dit is echter niet juist, omdat de numerieke schalen onderwijsondersteunend personeel betreffen en geen directieschalen zijn. Bij deze keuze heeft dit rechtspositionele consequenties. Indeling in een numerieke schaal betekent een lager (eindschaal)salaris en geen toelagen directeur. Het is daarmee geen formele directiefunctie, omdat er een onderwijsondersteunende functie geldt. Dan is ook geen registratie in het Schoolleidersregister PO mogelijk.