CAO 2014

Nieuws

Al het nieuws over cao 2014

Veelgestelde vragen

  • Wat houdt het bijzondere budget voor startende leerkrachten in?

    Startende leraren (tot schaal LA4/LB4 * of in het speciaal (basis)onderwijs tot LB4/LC4**) krijgen een extra budget van 40 uur per jaar (deeltijders naar rato). Het ligt niet voor de hand dat starters direct in de LB schaal worden ingeschaald als zij nog niet basisbekwaam zijn (LC in het speciaal onderwijs). Er worden afspraken gemaakt over de inzet van dit budget. Het bijzondere budget voor startende leerkrachten kan niet opgespaard worden of ingezet worden voor vrij opneembaar verlof. 

    *   per 1 september 2018: L10.4/L11.4
    ** per 1 september 2018: L11.4/L12.4

  • Waar heeft een startende leerkracht recht op volgens de nieuwe CAO PO?

    Naast het persoonlijk budget duurzame inzetbaarheid heeft de startende leerkracht recht op 40 uur extra per jaar (naar rato dienstverband). Die uren kunnen besteed worden aan professionalisering. Daarnaast heeft de startende leerkracht recht op begeleiding door een coach (niet zijnde de direct leidinggevende). Er wordt een beproefd observatie-instrument gebruikt om tot een objectieve en transparante evaluatie te komen van de vorderingen van de leraar. De leidinggevende beoordeelt of de werknemer basisbekwaam is en aanmerking komt voor inschaling in salarisschaal LA4/LB4 * of LB4/LC4 **.

    * per 1 september 2018: L10.4/L11.4
    ** per 1 september 2018: L11.4/L12.4

  • Hoe zit het met de professionalisering van leerkrachten en schoolleiders in de nieuwe CAO PO?

    Iedere werknemer is zelf verantwoordelijk voor de eigen professionalisering. Hij of zij maakt jaarlijks afspraken met de leidinggevende over de eigen professionalisering. Deze afspraken worden vastgelegd in een persoonlijk ontwikkelingsplan. In het onderhandelingsakkoord is opgenomen dat hiervoor tachtig uur op jaarbasis beschikbaar is. Werknemers krijgen (met uitzondering van schoolleiders) twee klokuren per werkweek (deeltijd naar rato) voor hun professionele ontwikkeling. Ook stelt de werkgever op schoolniveau (brinnummer) gemiddeld 500 euro per fte beschikbaar die de werknemer in staat stelt invulling te geven aan zijn/haar professionalisering. De bepalingen rondom de 10 procent deskundigheidsbevordering komen te vervallen.

    Facilitering schoolleider
    De in de CAO PO 2013 opgenomen faciliteiten blijven onverminderd van kracht. Een schoolleider heeft, naast de bestaande scholingsbudgetten, recht op een professionaliseringsbudget van 2.000 euro per jaar *. Dit budget wordt in overleg met de werkgever ingezet in de vorm van studieverlof en/of studiekostenvergoeding. Het budget kan ook worden besteed aan andere professionaliseringsactiviteiten. Het directielid kan het professionaliseringsbudget in overleg met de werkgever gedurende maximaal drie jaar sparen. Is het budget binnen vier jaar niet besteed, dan zal dit worden toegevoegd aan het algemene scholingsbudget. In het jaarlijkse functionerings- en/of beoordelingsgesprek worden de besteding van het scholingsbudget en de opgedane kennis en vaardigheden besproken. De schoolleider moet zich inschrijven in het Schoolleidersregister PO. Dit is in de CAO PO 2013 ook al zo bepaald (zie artikel 9.6b Schoolleidersregister lid 1). De werkgever faciliteert dit door de registratiekosten te vergoeden.

    * met ingang van de CAO PO 2016 – 2017 is het bedrag verhoogd naar € 3.000.

  • In hoeverre dient de werkgever de schoolleider te faciliteren in zijn professionele ontwikkeling?

    De in de CAO PO 2013 opgenomen faciliteiten blijven onverminderd van kracht. Een schoolleider heeft, naast de bestaande scholingsbudgetten, recht op een professionaliseringsbudget van €2.000,- per jaar *. Dit budget wordt in overleg met de werkgever ingezet in de vorm van studieverlof en/of studiekostenvergoeding. Tevens kan dit budget worden besteed aan andere professionaliseringsactiviteiten. Het directielid kan in overleg met de werkgever het professionaliseringsbudget gedurende maximaal drie jaar sparen. Is het professionaliseringsbudget binnen vier jaar niet besteed dan zal dit worden toegevoegd aan het algemene scholingsbudget. In het jaarlijkse functioneringsgesprek en/of beoordelingsgesprek worden de besteding van het scholingsbudget en de opgedane kennis en vaardigheden besproken.  De schoolleider dient ingeschreven te zijn in het Schoolleidersregister PO. De werkgever faciliteert dit door de registratiekosten te vergoeden.

    * met ingang van de CAO PO 2016 – 2017 is het bedrag verhoogd naar € 3.000.

  • Wat zal er wijzigen ten aanzien van het voeren van DGO?

    In het DGO-reglement zal worden vastgelegd dat het DGO niet langer openbaar is. Wel kan de P(G)MR een afvaardiging sturen. Voorts is besloten dat DGO op een redelijke termijn moet plaatsvinden en in een redelijk tempo moet worden afgerond. 

  • Welke faciliteiten zijn toegekend aan de medezeggenschapsraad en de ondersteuningsplanraad (OPR)?

    De voorzitter van de MR krijgt (indien dat een werknemers is) 20 extra klokuren om zijn taken uit te oefenen. Als de voorzitter van de MR een ouder is, dan krijgt de secretaris van de MR deze uren, indien dat wel een werknemer is. 
    Personeelsleden die zitting hebben in de OPR hebben recht op 60 klokuren per jaar. 
     

    Faciliteiten in schema individueel
    ​ 

    Functie MR-lid GMR-lid OPR-lid
    Lid 60 60 60
    Voorzitter 60 60 60
    Secretaris 60 60 60

     

     

    Faciliteiten in schema in combinatie functies
     

    Functie MR-lid Extra als GMR-lid Extra als
    OPR-lid
     
    Lid 60 40 60  
    Voorzitter MR(p) 60 40 60 Extra 20
    Secretaris MR(p) 60 40 60 Extra 20 als voorzitter ouder is

     
     
     
     

     

  • Wat gebeurt er met de Spaar-bapo?

    Gespaard BAPO verlof wordt gerespecteerd. Werknemers worden in staat gesteld het gespaarde BAPO verlof onder de oude voorwaarden (met een eigen bijdrage van 35 dan wel 25 %) op te nemen. 
     

    Schematisch overzicht BAPO-regeling versus duurzame inzetbaarheid per 1 oktober 2014                

    was:    wordt:

    Leeftijd:

    BAPO:

    Duurzame inzetbaar-heid (in uren):

    Bijzonder budget voor oudere werknemers (in uren):

    Overgangs-recht (in uren):

    Maximum opname (in uren):

    Spaar-BAPO (in uren):

    52 t/m 55 jaar

    Max. 170

    40, geen eb

    0

    Max. 130 tot leeftijd 57 jaar

    Max.170

    + aantal gespaarde uren op 30 september 2014, 25/35% eb

    56 jaar

    Max. 340

    40, geen eb

    0

    Max. 300 tot AOW-gerechtigde leeftijd

    Max. 340

    + aantal gespaarde uren op 30 september 2014, 25/35% eb

    57 jaar en ouder

    Max. 340

    40, geen eb

    Max. 130, 40/50% eb

    Max. 170, 40/50% eb

    Max. 340

    + aantal gespaarde uren op 30 september 2014, 25/35% eb

    eb = eigen bijdrage

    HvS/10102014

  • Welke rechten hebben werknemers met kleine BAPO onder het BAPO overgangsrecht?

    Werknemers met kleine BAPO hebben direct recht op het budget van 40 uur via de duurzame inzetbaarheidsregeling. Zij mogen ook al direct (voor hun 57e) gebruik maken van het bijzondere verlof voor oudere werknemers. Zij kunnen dus 130 uur extra verlof opnemen tegen een eigen bijdrage van 50 %, 40 % voor werknemers in schaal 8 of lager. Werknemers kunnen maximaal 5 jaar van deze regeling gebruik maken. Zodra ze 57 zijn, vallen ze onder de nieuwe duurzame inzetbaarheidsregeling. 

  • Welke rechten hebben werknemers met grote BAPO onder het BAPO overgangsrecht?

    Werknemers met grote BAPO mogen direct gebruik maken van de duurzame inzetbaarheidsregeling inclusief het bijzonder verlof van 130 uur (naar rato) voor oudere werknemers (ook als werknemers pas 56 jaar zijn). Daar bovenop mogen zij nog 170 uur extra bijzonder verlof opnemen (deeltijders naar rato) met een eigen bijdrage van 50 %, 40 % voor werknemers tot en met schaal 8. Zij betalen dus geen eigen bijdrage over de eerste 40 uur en wel een eigen bijdrage over de overige 300 uren. Werknemers behouden dit recht tot aan de pensioendatum. Indien zij ervoor kiezen daarna door te werken, komt dit recht uiterlijk op de AOW-gerechtigde leeftijd te vervallen. 

  • Welke werknemers kunnen gebruik maken van het BAPO overgangsrecht?

    Werknemers die gebruik maken van de BAPO op 30 september 2014 kunnen gebruik maken van het overgangsrecht. Per 1 oktober 2014 mogen werknemers (ongeacht leeftijd) alleen nog instromen in de nieuwe regeling. 

  • Wanneer gaat het BAPO overgangsrecht in?

    Het overgangsrecht gaat in op 1 oktober 2014. Per die datum is de BAPO-regeling gestopt. Werknemers kunnen vanaf 1 oktober alleen nog instromen in de duurzame inzetbaarheidsregeling. 

  • Waar mag het bijzondere budget voor ouderen aan worden besteed?

    Voor de 130 extra uren gelden dezelfde bestedingsdoeleinden als voor de overige 40
    uur. Senioren mogen het totale budget van 170 uur echter ook inzetten voor verlof. Indien ervoor wordt gekozen het budget in te zetten voor verlof, geldt voor de extra 130 uur een eigen bijdrage van 50 % over het salaris en 40 % voor werknemers in schaal 8 of lager. 

  • Wat houdt het bijzondere budget voor oudere werknemers in?

    Werknemers hebben vanaf 57 jaar recht op een bijzonder budget van 130 extra uur per jaar (deeltijders naar rato). Indien werknemers na de AOW-gerechtigde leeftijd ervoor kiezen langer door te werken, bestaat er geen recht meer op dit budget. 

  • Waar mag de regeling duurzame inzetbaarheid voor alle werknemers aan worden besteed?

    Het budget van 40 uur mag worden ingezet om de duurzame inzetbaarheid te vergroten. Het gaat dan om bijvoorbeeld scholing, mobiliteitsbevorderende maatregelen (zoals stages), coaching, peer review of intervisie. De opsomming is niet limitatief, maar het budget moet wel worden gebruikt om de duurzame inzetbaarheid te vergroten. Het gaat niet om vrij opneembaar verlof. 

  • Wat is de nieuwe regeling duurzame inzetbaarheid?

    De duurzame inzetbaarheidsregeling bestaat uit drie elementen: 
    – Elke werknemer krijgt een budget van 40 uur per jaar naar rato omvang dienstverband. 
    – Startende leraren krijgen een bijzonder budget. 
    – Oudere werknemers krijgen vanaf hun 57e een bijzonder budget. 

  • Welke regelingen komen te vervallen om de nieuwe regeling duurzame inzetbaarheid mogelijk te maken?

    – De BAPO. 
    – De leeftijdsuren OOP (artikel 6.35 CAO PO 2013). 

  • Wanneer gaan de nieuwe regels over werkdruk gelden?

    De nieuwe regels moeten worden toegepast per 1 augustus 2015, maar schoolleiders cq schoolbesturen mogen ervoor kiezen de nieuwe regels al eerder in te voeren. 

  • Wat is de beste begeleiding van startende leraar?

    Onderzoek wijst uit dat bepaalde randvoorwaarden altijd gunstig zijn om een startende leraar de kans te geven binnen korte tijd zich sterk te ontwikkelen. Dit zijn werkdrukvermindering, begeleiding in de les door een onafhankelijk iemand, professionele ontwikkeling, verankerd in het HRM-beleid, meten van de vorderingen en vaststellen van de sterke en zwakke punten, zodat gerichte ontwikkeling mogelijk is, en een inwerkperiode met kennismaking met de schoolregels. 

  • Wat ben ik verplicht om een startende leraar aan begeleiding te bieden?

    In de CAO is afgesproken dat de startende leerkracht 40 uur extra per jaar krijgt (naar rato dienstverband, nog bovenop zijn persoonlijk budget voor duurzame inzetbaarheid), die hij voor professionalisering kan inzetten. Zodra de startende leerkracht basisbekwaam is of de vierde periodiek van zijn salarisschaal heeft bereikt, vervalt de 40 uur extra per jaar (naar rato dienstverband) voor de startende leerkracht. Daarnaast heeft elke startende leraar recht op begeleiding door een coach. De coach mag geen direct leidinggevende zijn.

  • Wat zijn de rechtspositionele gevolgen als een schoolleider niet aan de herregistratie-eisen van het schoolleidersregister voldoet en zodoende niet geherregistreerd wordt?

    De herregistratie-eisen voor het schoolleidersregister worden opgenomen in de CAO. Een schoolleider die niet voldoet aan de eisen van herregistratie en dus zijn registratie in het schoolleidersregister verliest, kan zijn functie niet meer uitoefenen. Uitgeschreven worden uit het schoolleidersregister is daarmee een ontslaggrond. De werkgever zal de schoolleider een andere functie aanbieden, mits die functie beschikbaar is en de werknemer gekwalificeerd is om deze functie te bekleden. 

  • Welke afspraken zijn er gemaakt over professionalisering?

    Werknemers krijgen (met uitzondering van schoolleiders) 2 klokuren per werkweek (deeltijd naar rato) voor hun professionele ontwikkeling. Ook stelt de werkgever op schoolniveau (brinnummer) gemiddeld €500,- per FTE beschikbaar die de werknemer in staat stelt invulling te geven aan zijn professionalisering. De bepalingen rondom de 10% deskundigheidsbevordering komen te vervallen. 

  • Wie is er verantwoordelijk voor de professionalisering van de werknemer?

    Iedere werknemer is zelf verantwoordelijk voor de eigen professionalisering. Hij/Zij maakt jaarlijks afspraken met de leidinggevende over de eigen professionalisering. Deze afspraken worden vastgelegd in een persoonlijk ontwikkelingsplan.

  • Wanneer gaan de nieuwe bepalingen over duurzame inzetbaarheid en BAPO gelden?

    De nieuwe regeling duurzame inzetbaarheid geldt sinds 1 oktober 2014. Op deze datum stopte de BAPO-regeling.