Zeer zwakke scholen verbeteren zich duurzaam

In drie jaar tijd sterkere verbetering dan in twee jaarDe Inspectie van het Onderwijs houdt intensief toezicht op de ongeveer 1,5 procent van de scholen die zeer zwak zijn. Uit het recente inspectierapport ‘Zeer zwakke basisscholen in het basisonderwijs 2006-2010’ blijkt dat scholen die ‘zeer zwak’ verklaard worden zich bijna allemaal binnen twee jaar weten te verbeteren. Dit zijn meestal duurzame verbeteringen: vaak weten scholen zich in de loop der jaren nog verder te verbeteren.Een klein deel van de scholen heeft nog een derde jaar nodig om van het oordeel ‘zeer zwak’ af te komen. Het blijkt echter dat deze scholen zich na deze verlenging sterker verbeterd hebben dan de zeer zwakke scholen die zich binnen de termijn van twee jaar wisten te verbeteren.In het onderzoek zet de inspectie uiteen wat de kenmerken zijn van zeer zwakke basisscholen, hoe deze scholen zich verbeteren en of deze verbeteringen duurzaam zijn. Zeer zwakke scholen scoren vooral zwak op leerlingenzorg, de didactiek en de kwaliteitszorg. Vaak blijken de scholen voordat ze zeer zwak werden al te lage opbrengsten en een onvoldoende onderwijsproces te hebben gehad. Schoolbesturen en -directies hadden vaak niet in de gaten dat de kwaliteit van hun school achteruitging.Meer informatie:www.onderwijsinspectie.nl

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.