De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft op 13 februari een alternatief voorstel gedaan aan minister Asscher (SZW) en staatssecretaris Dekker (OCW) voor de uitwerking van de harmonisatie van voorzieningen voor peuters en kleuters, en de aansluiting op het onderwijs. De VNG pleit voor een integrale basisvoorziening voor kinderen van nul tot twaalf jaar.

VNG reageert daarmee op de kabinetsvisie ‘Een betere basis voor peuters’, waarin minister Asscher voornemens is om onderwijs, kinderopvang, peuterspeelzaalwerk en voor- en vroegschoolse educatie (vve) beter op elkaar af te stemmen. Gemeenten onderschrijven de noodzaak daarvan, maar hebben grote bezwaren tegen het gepresenteerde uitwerkingsvoorstel. Het belangrijkste verschil van inzicht is dat gemeenten inzetten op ontwikkeling van alle peuters als voorbereiding op de basisschool. Het kabinet ziet de kinderopvang vooral als arbeidsparticipatie-instrument en maakt daarbij onderscheid tussen peuters van werkende en niet-werkende ouders. Gemeenten zouden volgens de VNG de verantwoordelijkheid moeten krijgen om te zorgen dat er voor elke peuter een basisaanbod in een voorschoolse voorziening is.

Eén voorziening
In aansluiting op de VNG dringt ook de PO-Raad er bij de Tweede Kamer op aan de organisatie van één voorziening voor alle peuters mogelijk te maken. “Kinderopvang, peuterspeelzaal, onderwijs en gemeenten willen graag zo’n voorziening organiseren, maar de huidige kabinetsplannen reiken voor die ambitie niet ver genoeg omdat slechts een beperkte groep kinderen ervan zal profiteren.” De PO-Raad vreest dat het voorgestelde onderscheid in financiering voor werkende en niet-werkende ouders ertoe leidt dat minder kinderen naar een voorschoolse voorziening gaan. Daardoor bestaat de kans dat een deel van de leerlingen met een achterstand start in groep 1. Om op termijn één voorziening voor kinderen van nul tot twaalf jaar mogelijk te maken, moeten nu ook de voorzieningen voor vve in de plannen worden opgenomen, aldus de PO-Raad.

Gelijke kansen
De MOgroep is blij met het alternatieve scenario voor peuteropvang van de VNG. “Het sluit aan bij het lokaal jeugdbeleid zoals dat nu gestalte krijgt en biedt gelijke kansen en toegang voor alle peuters, ook die met een achterstand. Bovendien voorkomt het segregatie tussen peuters en ouders van alle sociale achtergronden. Dit scenario is breder en beter dan het voorstel van minister Asscher.” De MOgroep laat op zeer korte termijn onderzoek doen naar uitwerking van een variant van kortdurende pedagogische opvang voor alle peuters en de kosten daarvan.

De VNG heeft samen met PO-raad, MO-groep en de Brancheorganisatie Kinderopvang eerder gezamenlijk al gepleit voor de alternatieve basisvoorziening. De Tweede Kamer debatteert 26 maart over kinderopvang.

Brief Alternatief scenario peuteropvang (12 februari 2014, VNG)
Brief Kinderopvang aan Tweede Kamer (PO-Raad)

 

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws