Subsidieregeling bewegingsonderwijs po gepubliceerd

Met de Subsidieregeling post-initiële leergang bewegingsonderwijs primair onderwijs wordt het opnieuw mogelijk gemaakt dat leerkrachten met subsidie de leergang bewegingsonderwijs kunnen volgen. Dit draagt eraan bij dat scholen meer bewegingsonderwijs geven, en dat dit gebeurt door bevoegde leerkrachten. Minister Slob heeft hiertoe in overleg met de PO-Raad, als onderdeel van de actualisatie van het sectorakkoord PO, besloten.
 
Sinds 2000 leidt het afronden van de Pabo alleen tot een bevoegdheid voor het geven van bewegingsonderwijs aan de groepen 1 en 2. Voor de overige groepen is een aanvullende kwalificatie vereist via de leergang vakbekwaamheid bewegingsonderwijs. Op sommige scholen zijn onvoldoende leerkrachten die deze bevoegdheid bezitten om alle leerlingen voldoende bevoegd gegeven bewegingsonderwijs aan te bieden.

De subsidie kan worden aangevraagd door de leerkracht zelf. Met behulp van de subsidie kunnen leerkrachten hun bevoegdheid halen om bewegingsonderwijs te geven aan de groepen 3 tot en met 8. Ook voor het eerste tijdvak van 2019 (start februari) is het mogelijk om zo’n subsidie aan te vragen. Voor de kosten is een budget beschikbaar voor de jaren 2019 en 2020 van jaarlijks 3 miljoen euro.
 
Het subsidiebedrag bestaat per leraar uit:

  1. een bedrag ter vergoeding van de werkelijk gemaakte kosten van het collegegeld met een maximum van 3.500 euro;
  2. een bedrag als tegemoetkoming in de kosten voor studiemiddelen, ten bedrage van 10 procent van het verschuldigde collegegeld met een maximum van 350 euro; en
  3. een bedrag als tegemoetkoming in de reiskosten, ten bedrage van 10 procent van het verschuldigde collegegeld met een maximum van 350 euro.

De subsidie kan worden aangevraagd met behulp van het aanvraagformulier dat via de website van DUO beschikbaar wordt gesteld.

Links

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.