Volgens de Arbo-wet moet de werkgever sinds 1 januari 2007 stress in het werk voorkomen. Dat zou betekenen dat ook leidinggevenden in het primair onderwijs verantwoordelijk zijn voor het voorkomen en beheersen van stress van hun medewerkers. Een hele klus, maar hoe zit het met de stress van die schoolleiders zelf? Welke vormen zijn er en hoe ga je ermee om?

De Arbo-wet zegt sinds begin dit jaar letterlijk: “Psychosociale arbeidsbelasting, seksuele intimidatie, pesten en werkdruk die stress teweeg brengt moet voorkomen worden door de werkgever.” Een rondgang door de literatuur leert dat stress een toestand is die als negatief ervaren wordt, met als gevolg lichamelijke en psychosociale gevolgen. Het tempo en de mate waarin iemand stress ervaart, is heel persoonsgebonden. Het hangt onder meer af van ervaring, leeftijd, opleidingsniveau, manier van denken en de eisen die men aan zichzelf stelt. Ook de reacties op werkdruk en stress verschillen per persoon. Deze kunnen op het psychologisch, gedragsmatig of lichamelijk vlak liggen of op een combinatie van deze drie. Bekende reacties op stress zijn: negatieve emoties, verminderd relativeringsvermogen, onvoldoende afstand kunnen nemen, harder gaan werken, vermijdingsgedrag, transpireren en een versnelde hartslag. Bij werkdruk- en stressreductie wordt vaak gesproken over timemanagement of liever time leadership: leiding geven aan tijd, weten wat je wilt, keuzes maken. Vier schoolleiders leggen uit wat voor hen stressreducerend werkt.

Paul Schipaanboord is directeur van reformatorische basisschool De Zandbaan, een eenpitter met 52 leerlingen. Hij is integraal bevoegd met een totaalpakket aan beslissingsbevoegdheden. Schipaanboord is vijf dagdelen ambulant waarin hij directeur, IBer en ICTer is. Hij heeft eens per twee weken een halve dag administratieve ondersteuning. Schipaanboord legt uit wat ertoe leidt dat hij werkdruk ervaart. “De combinatie van een kleine school, diversiteit aan taken, nieuwe taakelementen vaak van hogerhand opgelegd, of privé-aspecten Stress betekent voor mij over mijn eigen grenzen heen gaan. Een tijdsgrens en morele grenzen.” Om zijn grenzen te bewaken maakt Schipaanboord keuzes. Hij communiceert over de keuzes om werkplezier, werkvoldoening en een evenredige balans daartussen te handhaven. “Ik begin bij het benoemen van een kwestie. Eerst voor mezelf en daarna niet te vergeten voor degenen die betrokken zijn bij de keuze. Ik maakt het punt inzichtelijk en doe een voorstel om hiermee om te gaan, in tijd of moraal.” Zo ervaarde Schipaanboord knelpunten in zijn taakbeleid. Tegelijkertijd bleek dat bij een leerkracht de taakuren nog niet helemaal gevuld waren. Door dit uit te spreken en het via een urenberekening inzichtelijk te maken, is een oplossing bedacht. De betreffende leerkracht doet nu één ochtend in de twee weken de fi nanciële administratie voor de school. Schipaanboord maakt in overleg met het bestuur een keuze: welke taken zijn belangrijk en dus zijn eerste verantwoordelijkheid? Vervolgens maakt hij inzichtelijk hoe dit past binnen de 42,5 uur per week van zijn jaartaak. “Als er taken bijkomen redeneer ik zo: of de bijkomende taak moet door een ander worden gedaan waarbij het bestuur bekostigt, of ik doe het zelf. Duidelijk is dan wel dat er een andere taak vervalt.”

Hendrik Leppink is sinds vijf jaar integraal directeur van gereformeerde basisschool Op de hoeksteen in Hasselt Overijssel. Deze school telt 250 leerlingen, elf man personeel, inclusief tien uur ondersteuning, een adjunct met een ambulante dag en twee IBers met enkele ambulante uren. 34 Maart 2007 Kader Primair Leppink ervaart regelmatig stress. “Het beleidsmatige legt het in aandacht vaak af tegen het uitvoerende werk, dat zich voordoet als urgent en belangrijk. Denk aan een verlofaanvraag, de telefoon, vertegenwoordigers, een kapotte printer, een sleutel die kwijt is et cetera. Bijna alles gaat naar mij. Enerzijds bezorgt dit stress en anderzijds geeft het ook een kick om op een dag zoveel te schakelen.” De stress uit zich bij Leppink in een vol hoofd niet los kunnen laten, met soms inslaap- en doorslaapproblemen. “Streven naar perfectie in combinatie met weinig regelruimte is een belangrijke oorzaak.” Leppink hanteert zijn stress door regelmatig cursussen te bezoeken waar themas als bezinning en stress aan de orde komen. Af en toe werkt hij thuis rustig aan een plan. “Verder ontwikkelde ik de volgende werkwijze: per dag plan ik twee niet al te grote activiteiten en verder loopt mijn agenda vanzelf vol. Alle tijd die over is kan ingevuld worden met een langlopende klus. Hiermee verminder ik de stress weliswaar, maar er blijft toch iets knagen.”

Nico Hooijschuur is directeur van basisschool De Biezenhof. Een school onder een groot bestuur, met 300 leerlingen. Hij is integraal bevoegd met een totaalpakket aan beslissingsbevoegdheden, volledig ambulant. Ondersteunend personeel: een conciërge met een stagiaire, een IBer voor drie dagen, een MT dat eens per twee weken vergadert en halftime administratieve ondersteuning. Werkdruk en stress behoren voor Hooijschuur tot het verleden. Hooijschuur houdt zijn werk leuk door nieuwe, soms ambitieuze initiatieven vanuit het team te belonen en faciliteren, zodat ook zijn medewerkers uitdaging en plezier hebben in hun werk. “Verder zorg ik voor een balans van privékwaliteitstijd en werktijd. Dat betekent soms thuiswerken in de tijd van school en heel soms in mijn eigen tijd. Ik leerde door schade en schande tegen mezelf te zeggen: Deze taak kan ook tot morgen wachten.” Ook werkt Hooijschuur aan een fysieke werkomgeving waarin hij zich prettig voelt. “Daar vallen ook mijn collegas onder. Een samenwerking die gebaseerd is op transparante communicatie, heldere werkafspraken zwart op wit, maar ook een gestructureerde administratie en een prettige werkkamer. Ik geniet van de cultuur waarin ik nu werk: een plek waar men veel aandacht heeft voor wat er goed gaat en dat benadrukt, waarbij problemen en zaken die niet in orde zijn op een constructieve manier besproken worden.” Op een school met een grote span off control is het niet mogelijk om alle medewerkers te controleren op hun doen en laten. “Ik kies heel bewust niet voor een beheersmatige oplossing, maar doe een beroep op het verantwoordelijkheidsgevoel van mijn team. Ik stel vertrouwen in medewerking voorop. Zoals dit volgens de TOM-principes bij kinderen werkt, zo werkt het natuurlijk ook bij volwassen.” Toch ontkomt ook Hooijschuur niet aan stress. “Er blijven regelmatig zaken in mn hoofd hangen. Dit geeft een vervelend gevoel. Mijn oplossing is dan de tijd nemen om deze taken gewoon even in te plannen. Ik zorg er wel voor dat ik dit soort zaken afwissel met dingen die ik echt leuk vind. Ik breng bewust een balans aan.”

Roelof Huisman werkt sinds juni vorig jaar in de functie van bovenschools manager bij BOBOB in Grou. Zijn gezicht is getekend door slaapgebrek. Dat komt niet door zijn werk: hij is net vader geworden. Huisman loopt al even mee in onze sector en gaat voor zijn werk. “Ik voel me betrokken bij de mensen, bij de cijfers en bij het resultaat. Ik hou van onderhandelen en gedachten uit het bedrijfsleven het onderwijs binnenhalen. Ik weet heel goed wat stress is, maar leerde hier in de loop der jaren steeds beter mee omgaan. Mijn geheim: om de zeven jaar van functie veranderen; de stress af halen van zaken door bijvoorbeeld iets bewust heel even te laten liggen; de stress te benoemen en regelruimte te organiseren, zowel privé als in het werk. Maar wat vooral helpt is kritiek aanvaarden en deze niet persoonlijk op te vatten maar professioneel, zonder de betrokkenheid te verliezen. Dat is niet gemakkelijk. Als iets op de persoon gespeeld wordt, is het heel moeilijk om het niet persoonlijk te maken, maar dat lukt nu heel goed. Ik gebruikt hiervoor de RET, een methode om niet-effectieve gedachten te beïnvloeden.” Zo bezorgen Inspectierapporten hem geen stress. RET toepassen op deze rapporten betekent onder andere analyseren en het plaatsen van de cijfers in een helpend perspectief. Een voorbeeld van Inspectiecijfers en relativering aldus Huisman: “Een school in Friesland kan dit jaar 100 procent uitstroom naar VWO+ scoren en volgend jaar 100 procent VSO. Waarom? Er zit maar één kind in groep 8. De cijfers van de Inspectie kloppen!” Over de verplichting om stress bij je medewerkers te voorkomen en te reduceren zegt hij: “Op stressvolle momenten voor mijn directeuren en hun team ben ik aanwezig. Ik steek mijn mensen een hart onder de riem en benadruk hun sterke kanten, zonder het probleem te bagatelliseren. Wat ik dan in feite doe, is het toepassen van RET op anderen.”

Meer weten
Internet
www.intermediair.nl (inclusief een test met een vrij uitgebreide toelichting op de uitkomst)
www.burnin.nl (idem, inclusief artikelen)
www.tiouw.com (over het tegengaan van negatieve gevoelens)
www.test123.nl

Aanbevolen en geraadpleegde literatuur
o Hoe maak ik van een olifant weer een mug?, Theo IJzermans en Roderik Bender (vooral hoofdstuk 13 `Leiding geven zonder leed´)
o Werken met plezier: de weg naar meer Flow, Jolet Plomp (vooral hoofdstuk 5 t/m 10)
o Burn-out is een keuze: in de spreekkamer van een managementcoach, Rolph Pagano (sluit aan bij RET)
o Succes zonder stress, Josph Bailey en Richard Carlson (verhalen over hoe – Amerikaanse – mensen hun stress te boven kwamen)
o Ret jezelf, Jan Verhulst
o Blijf je werk de baas: flexibel en succesvol op de arbeidsmarkt, Hans van Krimpen

Bron
Kader Primair 7 – Maart 2007

Meer informatie
Tekst Aagje Voordouw en Jessica Povel

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws