Slob kondigt 25 verbetermaatregelen Passend onderwijs aan

Met 25 maatregelen wil minister Slob van Onderwijs Passend onderwijs verbeteren voor schoolleiders, leraren, leerlingen en ouders. Leerlingen en hun ouders krijgen meer te zeggen over Passend onderwijs. Zo krijgen leerlingen hoorrecht, zodat zij betrokken worden bij besluiten over hun oplossing. Voor ouders komt er betere informatie en komen er duidelijkere stappen wat ze kunnen doen als ze er met de school niet uitkomen. Om onrechtvaardige verschillen tussen regio’s tegen te gaan, komt er een landelijke norm voor basisondersteuning.

Het aanbod voor leerlingen die extra hulp nodig hebben is verbeterd sinds de invoering van Passend onderwijs, maar op te veel plekken nog niet goed genoeg. Dat is de conclusie van de evaluatie van Passend onderwijs die de minister op 4 november naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Passend onderwijs is er voor leerlingen die extra hulp nodig hebben, zoals kinderen met een fysieke handicap, ernstige dyslexie of hoogbegaafden.

Slob: ‘Passende ondersteuning voor iedere leerling’

Minister Slob: “Op heel veel plekken hebben we de afgelopen jaren echt stappen gezet naar meer Passend onderwijs voor leerlingen die extra hulp nodig hebben. Maar nog niet overal gaat het zoals we willen. Daarom mogen leerlingen voortaan meepraten, wordt voor ouders duidelijker wat er mogelijk is en maken we voor leraren helder wat er van hen verwacht wordt en wat niet. Want we blijven knokken om iedere leerling passende ondersteuning te geven.”

Hoorrecht

Om leerlingen te betrekken bij besluiten over hun oplossing, komt er hoorrecht. Leerlingen moeten voortaan kunnen meepraten en bepalen wat ze denken dat ze nodig hebben aan ondersteuning. Dat gebeurt nu nog te vaak niet.

Leerrecht

Een andere maatregel is de invoering van het leerrecht voor leerlingen. Scholen en samenwerkingsverbanden moeten dit recht mogelijk maken. Ook als dat betekent dat er deels of tijdelijk afgeweken moet worden van onderwijstijd of de vaste onderwijslocatie.

Landelijke basisnorm

Er komt een landelijke norm voor basisondersteuning, zodat onrechtvaardige verschillen tussen regio’s worden tegengegaan. In die norm wordt omschreven wat er van scholen tenminste verwacht wordt. Dat geeft schoolleiders, leraren en ouders meer duidelijkheid. Onafhankelijke experts stellen de norm vast. Bovendien kunnen scholen en leraren aan de hand daarvan in gesprek over welke ondersteuning leraren nodig hebben.

Inspraak van leraren in besteding middelen

Het is belangrijk dat schoolbesturen, schoolleiders en het onderwijzend en onderwijsondersteunend personeel in gesprek blijven over de ondersteuningsstructuur en deskundigheidsbevordering die nodig is. Leraren en ondersteunend personeel moeten daarom mee kunnen beslissen in de inrichting van de ondersteuningsstructuur en de besteding van de middelen voor ondersteuning in de school. Er komt meer financiële onderbouwing bij het ondersteuningsaanbod van de school, waarop de MR inspraak krijgt.

Expertise jeugdhulp beter benutten in de school

In meer dan de helft van de reguliere scholen is sprake van nauwe samenwerking met en/of aanwezigheid van jeugdgezondheidszorg en/of laagdrempelige jeugdhulp. Het onderwijs mag beter toegerust worden om zelf oplossingen te vinden en te normaliseren. Samenwerkingen laten zien dat het veel, aan afstemming, kan schelen wanneer de zorgpartner in de school aanwezig is.

Verminderen administratieve lasten

In 2021 voeren samenwerkingsverbanden samen met scholen een operatie ‘regels ruimen’ om zo onnodige regels te schrappen, zodat scholen en samenwerkingsverband overeenstemming hebben over de regels en procedures die hen helpen en waar ze zonder kunnen. Het vertrouwen in het oordeel van de schoolleider, leraar, intern begeleider of ondersteuningscoördinator mag meer centraal komen te staan. Ze moeten geen tijd kwijt zijn aan onnodig papier- en regelwerk.

Inclusiever Onderwijs

Leerlingen met en zonder ondersteuningsbehoeften moeten vaker samen dicht bij huis naar dezelfde school kunnen. Er zijn al veel van dit soort initiatieven. Deze initiatieven krijgen ruimte om verder uit te breiden. Daarnaast wordt een plan gemaakt om alle scholen in de komende 15 jaar inclusiever te maken.

Conclusies evaluatie

De evaluatie concludeert dat de basisondersteuning vrijwel altijd tot ieders tevredenheid tot stand komt. Wanneer de situatie complexer wordt, ontstaan echter problemen. Daarom neemt minister Slob 25 maatregelen. Behalve de genoemde maatregelen, vallen daar bijvoorbeeld het aanpakken van hoge reserves bij samenwerkingsverbanden onder, en het voor thuiszitters mogelijk maken om tijdelijk afstandsonderwijs te volgen. Ook is gekeken hoe de ruimte en mogelijkheden om tot meer passende ondersteuning te komen vergroot kan worden. Mindere administratieve belasting, meer inspraak voor leraren en betere aansluiting met de expertise van jeugdhulp zijn voorbeelden van dit type maatregelen. Ook is het belangrijk kennis te delen over wat werkt bij Passend onderwijs (bijvoorbeeld www.lerenvangedrag.nl)

Proces evaluatie

De evaluatie is een meerjarig onderzoek bestaande uit onder andere 70 deelstudies van NRO, adviezen van de Onderwijsraad, Inspectie van het Onderwijs en de Kinderombudsman, enquêtes en standpuntbepalingen van PO-Raad en VO-raad, Ouders & Onderwijs, AOb en het Lerarencollecties. Op basis hiervan zijn vele bijeenkomsten gehouden met meer dan 25 vertegenwoordigende partijen en ook met leerlingen, ouders en leraren zelf.

Links