Schoolleiders hebben bij een Nationaal Plan Onderwijs na corona vooral behoefte aan maatwerk en een keuze op schoolniveau, waarbij ze zelf kunnen kijken of het accent op leerlingenzorg, jeugdzorg, ondersteuning team of andere zaken wordt gelegd. Dat blijkt uit een peiling van de Algemene Vereniging Schoolleiders (AVS) waarin meer dan 900 schoolleiders aangeven wat zij belangrijk vinden. “We zijn blij dat veel van de wensen van schoolleiders mede dankzij deze peiling terugkomen in de plannen die het kabinet heeft gepresenteerd”, aldus AVS-voorzitter Petra van Haren.


Goed zicht op voortgang en achterstanden

78 procent van de schoolleiders denkt in de zomer van 2021 goed en 21 procent redelijk inzicht te hebben in (eventuele) individuele en schoolbrede cognitieve, executieve en sociale achterstanden van leerlingen door corona. 1,4 procent denkt geen zicht te hebben op achterstanden, omdat die er volgens hen helemaal niet zijn of omdat onduidelijk is waarmee deze moeten worden vergeleken. Om zicht te hebben op de voortgang van leerlingen maken scholen gebruik van observaties (73%), methodetoetsen (72%), gesprekken met leerlingen (71%), gesprekken met ouders (60%) en diagnostische toetsen (57%).

Passende interventies

76 procent van schoolleiders denkt dat zijn of haar school in staat is om voor individuele leerlingen en ook schoolbreed gegevens te analyseren en te vertalen naar passende interventies op schoolniveau, groepsniveau en leerlingniveau die nodig zijn. 23 procent denkt dit redelijk te kunnen en 0,8 procent niet.

Voldoende kennis

65 procent van de scholen denkt voldoende en 31 procent redelijk voldoende kennis en handelingsbekwaamheid te hebben om vertraging of achterstanden aan te pakken. 37 procent van de scholen denkt wel hulp te kunnen gebruiken bij het opstellen van meerjarenplannen, 67 procent denkt extra hulp te kunnen gebruiken bij leerlingenzorg en 38 procent kan extra hulp gebruiken bij jeugdhulpverlening en/of (school)maatschappelijk werk.

Extra personeel

Volgens schoolleiders zou het meeste geld moeten gaan naar extra handen in de klas (45,7%), kleinere klassen (32,3%), extra remediërende tijd (9,2%), focus op zelfvertrouwen en welbevinden versterken (7,3%), verlenging onderwijstijd voor leerlingen die dit nodig hebben (3,7%) en extra digitale leermiddelen (1,9%).

62 procent van de schoolleiders denkt helemaal en 31 procent enigszins in staat te zijn om met extra geld extra onderwijspersoneel in dienst te nemen. 71 procent van de schoolleiders denkt helemaal en 25 procent enigszins in staat te zijn om met extra geld extra onderwijsondersteunend personeel in dienst te nemen.

Ondersteuning schoolleiding

56 procent van de schoolleiders heeft in de school extra ondersteuning (OP) nodig om beleid en uitvoering goed te kunnen doen en 44 procent denkt persoonlijk externe ondersteuning nodig te hebben.

Geen extra onderwijstijd

89 procent van de schoolleiders denkt niet of niet helemaal dat extra onderwijstijd de belangrijkste oplossing is. 88 procent vindt extra focus op/ extra middelen voor VVE-programma’s heel of enigzins belangrijk.

82 procent vindt dat deze impuls standaard moet worden, 5 procent is het daar niet mee eens.

Gerelateerd nieuws