Schoolleiders in gesprek met minister Paul

Op maandag 4 december sprak AVS met demissionair minister Mariëlle Paul. Centraal in het gesprek stond natuurlijk de schoolleider. De zeven aanwezige schoolleiders zoomden in op de strategische positie en cruciale rol die zij hebben. Ook medewerkers van het ministerie van OCW waren aanwezig om mee te praten over wat er nodig is om het vak van schoolleider aantrekkelijker te maken.

AVS gelooft erin dat sterke schoolleiders zorgen voor sterke scholen en dus voor kwalitatief goed onderwijs. AVS verstaat onder het begrip ‘sterke schoolleiders’ iemand met een strategische functie. Daarin zijn het realiseren van een goede leeromgeving voor kinderen (kwaliteit) en het effect van leiderschap op het functioneren van medewerkers in een schoolorganisatie (strategisch HRM en goed werkgeverschap) belangrijke uitgangspunten. Minister Paul stelde dat deze positie en rol wat haar betreft heel duidelijk zijn en dat haar aandacht daar ook zeker naar uitgaat.  

Erkenning van het vak

Schoolleiders spreken uit dat hun rol vaak diffuus is. Bas Vernooij: “Soms ben je werkgever, soms ben je werknemer.” Het meer verankeren van de schoolleider in de systematiek en duidelijkheid verschaffen over de rolopvatting is daar helpend in. “Ik heb bij het maken van keuzes ruggespraak nodig”, geeft Boudewijn van Stuijvenberg aan. Een stevige positie van de schoolleider in de medezeggenschap en een goede governance code kunnen daar aldus de schoolleiders en de minister een positieve bijdrage aan leveren.

Structurele bekostiging

Het gesprek richtte zich ook op de financiering van het onderwijs. Er gaan veel incidentele middelen naartoe. Vidjay Jhinkoe: “Het geld moet passend zijn bij hetgeen het onderwijs van ons vraagt. Hoe houd je als schoolleider de balans? Een betere en structurele bekostiging is hard nodig.” Ook een vereenvoudiging of het meer gelijktrekken van de wet- en regelgeving in de kinderopvang maakt het voor schoolleiders gemakkelijker een goede invulling te geven aan de maatschappelijke opdracht.

Minister Paul: “Het onderwijs is geen 1000-dingen doekje. We kunnen niet van vandaag op morgen voor directe veranderingen zorgen. We zullen keuzes moeten maken en blijven samenwerken.” Als het aan de schoolleiders ligt, richt de politiek en het ministerie zich de komende periode in ieder geval op:  

  • Het beter verankeren van de strategische rol van de schoolleider in onderwijsbeleid, Onderwijsregio’s en het managementstatuut
  • Schoolleiders structureel gesprekspartner maken in het inspectietoezicht
  • Zorgen voor voldoende administratieve en facilitaire ondersteuning