Onderwijsminister Van Bijsterveldt start komende zomer met een landelijke proef waarbij peuters met een leerachterstand al vanaf 2,5 jaar naar de basisschool kunnen. Doel is om de prestaties van jonge leerlingen met een (taal)achterstand vroegtijdig en spelenderwijs te verbeteren.

Met het `Startgroep´-experiment wordt een inhoudelijke aansluiting met het basisonderwijs beoogd. Er vindt in dit experiment geen structuur- of stelselwijzigingen plaats voor basisscholen, peuterspeelzalen en kinderdagverblijven. Hoewel het inhoudelijke leeraanbod onder verantwoordelijkheid van het schoolbestuur komt, zal het aanbod in nauwe samenwerking met de peuterspeelzaal en/of het betrokken kinderdagverblijf uitgevoerd worden. Het experiment vindt plaats op dertig Rotterdamse basisscholen.

Begeleiding op hbo-niveau
Het experiment komt voort uit het advies `Naar een nieuwe kleuterperiode in de basisschool´ van de Onderwijsraad. De raad stelde daarin voor dat de basisschool een rijk aanbod voor alle driejarigen zou moeten verzorgen, met (meer) hbo-opgeleide docenten. Van Bijsterveldt focust zich echter alleen op het wegwerken van achterstanden bij peuters vanaf 2,5 jaar oud. Op dit moment is er voor peuters met een achterstand voorschoolse educatie beschikbaar op peuterspeelzalen en kinderdagverblijven. Kinderen worden door pedagogisch medewerkers op mbo-niveau begeleid. In de peutergroepen die meedoen aan het `Startgroep´- experiment bestaat dankzij de subsidie voor de proef (1 miljoen euro) de begeleiding zowel uit mbo´ers als uit hbo´ers. Naast de pilots met de peutergroepen gaat het kabinet ook extra investeren in voorschoolse en vroegschoolse educatie op peuterspeelzalen, kinderdagverblijven en basisscholen om onderwijsachterstanden te bestrijden en prestaties te verhogen. Ook wordt extra ingezet op schakelklassen, zomerscholen en extra onderwijstijd voor kinderen die een achterstand hebben.
Kinderopvangorganisaties zetten hun vraagtekens bij het experiment van de minister. Zij vragen zich af wat de minister precies voor ogen heeft als 2,5-jarigen onder `inhoudelijke verantwoordelijkheid van het onderwijs´ gaan vallen en vinden nieuwe experimenten die bestaande kennis en vaardigheden overboord zetten, weggegooid geld.

In het voorjaar komt de minister met een `Actieplan Basis voor Presteren´, dat zich richt op prestatieverbetering van het jonge kind.

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws

  • Nieuwe versie servicedocument Covid-19 van OCW

  • Meerderheid ouders geen voorstander van extra coronamaatregelen

  • Inschrijving EU-schoolfruit geopend

  • Voldoende personeel grote zorg voor schoolleiders