Onderzoek DUO onderwijsonderzoek & advies

Een derde van de leerkrachten geeft aan dat er kinderen nu (tijdens de tweede lockdown) uit beeld zijn, maar dat het er minder zijn dan tijdens de eerste lockdown. De overgrote meerderheid van de leerkrachten geeft aan dat hun school vrij gemakkelijk is overgestapt op het (wederom) verzorgen van afstandsonderwijs. Een relatief grote groep leerkrachten verwacht – vanuit het perspectief van hun leerlingen – grote problemen als de basisscholen nog lang gesloten blijven. Dat blijkt uit onderzoek van DUO onderwijsonderzoek & advies onder 1.035 basisschoolleerkrachten.

Leerlingen buiten beeld

Een derde van de leerkrachten (34 procent) geeft aan dat ook tijdens de tweede lockdown leerlingen uit beeld zijn, maar dat het er minder zijn dan tijdens de eerste lockdown. Voor 7 procent van de leerkrachten geldt dat er nu (tijdens de tweede lockdown) ongeveer evenveel kinderen uit beeld zijn als in de eerste lockdown en een relatief kleine groep leerkrachten (3 procent) geeft aan dat het er nu juist meer zijn. De helft van de leerkrachten geeft aan dat op hun school noch tijdens de eerste, noch tijdens de tweede lockdown kinderen uit beeld waren/zijn.

AVS-peiling

Uit een onlangs gehouden ledenpeiling van de AVS blijkt dat, in vergelijking met de vorige lockdown, bijna alle scholen vanaf het begin alle leerlingen in beeld hebben. 93 procent van de scholen heeft alle leerlingen in beeld. Tijdens de vorige periode van lockdown was dat na een paar weken 80 procent.

Ook worden er meer leerlingen opgevangen dan tijdens de vorige lockdown, met name ook kwetsbare leerlingen.

Problemen voor leerlingen

De overgrote meerderheid van de leerkrachten (83 procent) geeft aan dat hun school vrij gemakkelijk is overgestapt (in de week voor de kerstvakantie) op het verzorgen van afstandsonderwijs. De meerderheid (55 procent) geeft aan dat de schoolleiding er alles aan doet om de leerkrachten daarbij te ondersteunen.

Toch zien leerkrachten wel de nodige problemen:

  • Bijna een derde (30 procent) geeft aan dat het verzorgen van het afstandsonderwijs hen persoonlijk zwaar valt.
  • Een derde (34 procent) geeft aan dat het steeds moeilijker wordt om de leerlingen met afstandsonderwijs bij de les te houden.
  • Drie kwart (77 procent) geeft aan dat de huidige situatie ten koste gaat van de zwakke leerlingen, ruim de helft (55 procent) dat de huidige situatie ten koste gaat van de sterke leerlingen.
  • Bijna de helft (44 procent) verwacht grote problemen (vanuit het perspectief van de leerlingen) als de leerlingen pas na 1 februari weer naar school kunnen, bijna twee derde (61 procent) als de leerlingen pas na de voorjaarsvakantie weer naar school kunnen. Als problemen worden vooral genoemd:
  • Leerachterstanden/problemen wat betreft de cognitieve ontwikkeling van de leerlingen.
  • Leerachterstanden die te groot worden om nog in te halen.
  • De overgang van leerlingen van leerlingen groep 8 naar het VO/problemen wat betreft het geven van het juiste schooladvies aan leerlingen.
  • Mentale problemen bij leerlingen, problemen op het gebied van sociaal-emotionele ontwikkeling.
  • Onveilige thuissituaties voor leerlingen.
  • Lichamelijke klachten bij leerlingen.
  • Het verliezen van het zicht van de leerkrachten op de leerprestaties van de leerlingen.
  • Afname van de binding van leerlingen met hun school, het verliezen van routine, aanpassingsproblemen als leerlingen weer naar school komen.
  • Andere vakken dan de kernvakken sneeuwen onder, krijgen geen of onvoldoende aandacht (bijv. de creatieve vakken zijn ‘de dupe’).
  • Het risico dat steeds meer leerlingen uit beeld raken.
  • Steeds grotere verschillen in de ontwikkeling van leerlingen, de leerlingen met sowieso al leerachterstanden/de kwetsbare leerlingen zijn de dupe.

Uit de AVS-peiling bleek dat 81 procent van de schoolleiders zich zorgen maakt over de impact van de virusmutatie. Op 87 procent van de scholen maken ook meerdere leraren zich zorgen.

Links

Gerelateerd nieuws