Sinds 2010 moeten alle overblijfkrachten op basisscholen in bezit zijn van een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG). De Inspectie van het Onderwijs heeft geen overzicht over hoeveel vrijwilligers over een VOG beschikken. Dat meldt BN De Stem.

De inspectie, die toezicht houdt op de VOG’s, stelt dat zij aan de hand van accountantsverklaringen van scholen controleert of medewerkers zo’n verklaring hebben. Een woordvoerder: “Maar dat geldt alleen voor mensen in dienst bij de school. Veel overblijfkrachten zijn vrijwilligers. Wij weten niet of die een VOG hebben.”

De krant meldt dat meerdere bronnen bevestigen dat die vrijwilligers niet altijd een verklaring hebben, omdat ze de noodzaak er niet van inzien of omdat de school er niet achteraan zit. De Landelijke Ouderraad vindt het ontbreken van controle vreemd: “Als het misgaat, gaat het goed mis.” De VOG-plicht is juist ingevoerd om het risico te verkleinen dat zedendelinquenten in scholen aan het werk gaan.

De kosten voor het verkrijgen van de VOG komen voor rekening van het bevoegd gezag. Voor overblijfkrachten in het po mag de VOG bij overlegging niet ouder zijn dan twee maanden.

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws