Scholen werken veel samen met professionals buiten het onderwijs. Mits goed georganiseerd kan deze samenwerking met ‘externen’ een school veel opleveren, zo blijkt uit de recente verkenning ‘De kracht van samenwerking’ van het Arbeidsmarktplatform PO, waar de AVS in vertegenwoordigd is.

Om meer licht te werpen op het effect van samenwerking op onderwijspersoneel, ging het Arbeidsmarktplatform PO het gesprek aan met schoolleiders, leraren en onderwijsadviseurs. Uit de gevoerde gesprekken blijkt onder andere dat scholen hechten aan korte lijnen met vaste samenwerkingspartners en aan een gedeelde visie op samenwerking.

In hun streven naar het beste onderwijs voor de leerlingen of soms om eigen personeel te ontlasten, werken scholen vaak intensief samen met professionals buiten de school. Hierbij kan het gaan om enkele tientallen partijen. De samenwerking kan plaatsvinden op verschillende niveaus (leerlingen, groepen of organisatie).

De intensiteit van samenwerking en de mate waarin onderwijspersoneel te maken heeft met samenwerkingspartners verschilt per school. Schoolleiders geven aan dat ze samenwerkingstaken vaak op een informele, vrijwillige basis toekennen, maar voor een deel is samenwerking met externen onvermijdelijk voor medewerkers. Het maakt dan integraal onderdeel uit van hun functie of takenpakket.

Samenwerking op alle niveaus betekent dat onderwijspersoneel niet alleen een team vormt binnen de school, maar daarnaast onderdeel is van (of regie heeft over) een netwerk van professionals uit een scala van sectoren rondom onderwijs en opvoeding. Geïnterviewden lijken hier geen problemen mee te hebben: zij zien samenwerking met externen als onderdeel van hun functie die de kwaliteit van het onderwijs bevordert. Verder wordt het aangaan en onderhouden van samenwerkingsrelaties in eerste instantie vaak gezien als een investering. Maar loopt de samenwerking eenmaal goed? Dan kan dit het onderwijspersoneel ontlasten en – mits goed georganiseerd – bijdragen aan verlaging van de werkdruk.

Samenwerking met externe professionals vraagt van schoolleiders en leraren een aantal specifieke competenties in aanvulling op hun competenties als onderwijsmedewerker (zoals netwerken, initiatief tonen en overtuigen). Uit de interviews komt naar voren dat competenties om te kunnen samenwerken grotendeels door learning on the-job worden verkregen. Enkele schoolleiders geven aan meer aandacht voor samenwerking te willen in opleidingstrajecten voor schoolleiders.

Aandachtspunten voor effectieve samenwerking

Voor schoolleiders zijn er de volgende aandachtspunten voor een effectieve samenwerking met externe partijen:

 • Scholen hebben een grote hoeveelheid potentiële samenwerkingspartners tot hun beschikking. Het is daarom belangrijk om het aantal samenwerkingspartners te beperken en alleen die partners te kiezen die een bijdrage leveren aan de (onderwijs)visie van de school. Betrek personeel actief bij de selectie van partners en zorg ervoor dat binnen de school voldoende capaciteit is voor de samenwerking.

• Werkdruk in het primair onderwijs is hoog. Besteed daarom aandacht aan de manier waarop samenwerking intern is georganiseerd. Wanneer samenwerkingsrelaties belegd zijn bij coördinatoren, kan dit bijvoorbeeld de werkdruk van leraren en schoolleiders verlagen.

 • Investeer tijd in het selecteren, aangaan en beheren van relaties. Zorg ervoor dat externen voldoende ingevoerd zijn in de visie, leerdoelen en processen van de school en onderhoud waar mogelijk ook informeel contact. Hierdoor ontstaat wederzijds begrip en verloopt samenwerking makkelijker.

• Zorg voor een goede begeleiding van (nieuwe) medewerkers op het gebied van samenwerking, bijvoorbeeld door coaching of intervisie.

• Zorg voor eigen (informele) training of begeleiding in het bouwen en onderhouden van samenwerkingsrelaties, bijvoorbeeld door intervisie met collega-schoolleiders.

Link