Onderwijspersoneel krijgt geen voorrang in de vaccinatiestrategie. Dat schrijven demissionaire onderwijsministers Slob en Van Engelshoven onlangs in een brief als (late) reactie op de brief van begin januari van een groot aantal onderwijsorganisaties, waaronder de AVS. Als reden wordt aangevoerd dat eerdere ervaringen met prioritaire groepen tot vertraging van de vaccinatieoperatie hebben geleid. Dit in combinatie met het verwachte hoge tempo van vaccineren. De AVS betreurt het dat, na diverse keren gevraagd te hebben om voorrang, dit niet is toegewezen.

De onderwijsorganisaties pleitten in hun brief van januari aan de ministers om voorrang voor onderwijspersoneel, omdat dit aansloot bij de visie van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Zij gaven aan dat het onderwijs een vitale sector is en dat dat het moeilijk is om in een groep met veel leerlingen in een relatief kleine ruimte altijd de vereist afstand tussen leraren en leerlingen te handhaven.

De onderwijsministers geven aan dat de vaccinatie van onderwijspersoneel boven de 60 jaar of met medische indicatie in de tweede helft van het eerste kwartaal gestart is of snel volgt. De groep 18-60 jaar (zonder medische indicatie) kan in de loop van het tweede kwartaal van dit jaar gevaccineerd worden door de huisarts of de GGD.

De ministers verwachten dat al het onderwijspersoneel dat bereid is zich te laten vaccineren rond het begin van de zomervakantie in ieder geval een prik heeft ontvangen.

Links

Gerelateerd nieuws