Twee wetenschappers hebben het idee opgevat een OMT voor het onderwijs op te richten. Initiatiefnemers zijn kansenongelijkheidsonderzoeker Thijs Bol (Universiteit van Amsterdam) en Inge de Wolf, bijzonder hoogleraar onderwijssystemen aan de Universiteit Maastricht en medeoprichter van Education-Lab NL dat onderwijs middels wetenschappelijke inzichten wil verbeteren. 

Het nieuwe OMT, dat nog groeiende is met diverse topwetenschappers uit verschillende disciplines, wil onderzoeken en wetenschappelijk onderbouwen wat helpt om de ‘coronaschade’ in het onderwijs weg te werken. De oprichters vertellen hun verhaal in de Volkskrant.

Thijs Bol: “Ons doel is duidelijk: we zijn een groep wetenschappers die gevraagd en ongevraagd advies geven. We doen dit werk belangeloos en kosteloos. We richten ons op het gehele onderwijs: van peuterspeelzaal tot universiteit. Onderwijsinstellingen, gemeentes en ook het ministerie van Onderwijs kunnen daar hun voordeel mee doen.”

Inge de Wolf: “Het kabinet heeft veel geld uitgetrokken. Het is nu aan schoolleiders en leraren om daar goede dingen mee te doen. Wij denken mee. Er is de afgelopen vijftien jaar veel onderzoek gedaan naar wat werkt. Ook nu wordt veel onderzoek gedaan. In het Verenigd Koninkrijk is onlangs een landelijk programma gestart om alle leerlingen met corona-achterstanden bij te spijkeren. Wij kennen de wetenschappers die dat volgen. Als de eerste resultaten bekend zijn, kunnen wij daarvan leren.”

Bol geeft in het interview aan dat er steeds meer bekend is over de effecten van het virus op het onderwijs, maar dat die kennis niet altijd de scholen bereikt. Over de 8,5 miljard euro die het demissionaire kabinet uittrekt om ‘achterstanden’ weg te werken (onderwijskansen te stimuleren) geeft Bol aan dat de termijn waarbinnen scholen het geld moeten uitgeven erg kort is, namelijk 2,5 jaar. “Dat betekent dat scholen nu plannen moeten maken, terwijl ze soms nog niet weten hoe groot de achterstanden zijn en waar hun leerlingen behoefte aan hebben. Het risico is dat scholen in de haast met verkeerde partijen in zee gaan.” De Wolf: “We zijn bang dat er voor veel geld een paar nutteloze pleisters worden gekocht die het onderwijs niet verbeteren en leraren extra werkdruk opleveren.”

Wat werkt

De initiatiefnemers zijn niet zo enthousiast over zomerscholen en bijles geven na schooltijd. “We weten uit onderzoek dat zomerscholen maar een klein effect hebben op leerprestaties. Het resultaat is vele malen minder dan één op één bijles”, aldus Bol. De Wolf geeft over bijles na schooltijd aan dat kinderen aan het eind van de dag geen kennis meer opnemen. Brede brugklassen vinden ze een beter idee. Tutoring, het bijspijkeren van leerlingen in kleine groepjes tijdens schooltijd, is wel effectief. Probleem wat daarbij om de hoek komt kijken is wel het enorme lerarentekort. Wat ook kan werken, volgens de wetenschappers, is het verdubbelen van het aantal uren taal en rekenen.

Het OMT voor het onderwijs wil een keer in de twee weken samenkomen en zo snel mogelijk hun eerste advies naar buiten brengen.

Samenstelling Onderwijs OMT

De lijst met namen is nog groeiende. Initiatiefnemers zijn kansenongelijkheidsonderzoeker Thijs Bol (Universiteit van Amsterdam) en Inge de Wolf, bijzonder hoogleraar onderwijssystemen aan de Universiteit Maastricht en medeoprichter van Education-Lab NL dat onderwijs middels wetenschappelijke inzichten wil verbeteren. 

Daarnaast werken in elk geval mee: Anna Bosman, hoogleraar orthopedagogiek (Radboud Universiteit); Eddie Denessen, bijzonder hoogleraar sociaal-culturele achtergronden en differentiatie in het onderwijs (Universiteit Leiden); Melanie Ehren, hoogleraar onderwijswetenschappen (Vrije Universiteit); Louise Elffers, lector kansrijke schoolloopbanen (Hogeschool van Amsterdam); Paul Leseman, hoogleraar ontwikkeling en onderwijs van jeugd (Universiteit Utrecht). 

Link

Gerelateerd nieuws