De AVS heeft haar wens om een sectororganisatie voor het primair onderwijs te ontwikkelen uitvoerig besproken in Kader Primair Special (december, 2005). De komende maanden zullen mensen uit het onderwijsveld hierover hun mening geven in de vorm van een column. Deze maand de beurt aan Harry van de Kant, algemeen directeur Stichting RK Basisonderwijs De Groene Waarden.

Column sectororganisatie
Ik heb een droom. Met deze historische woorden werd eens een nieuw tijdperk ingeluid. Een tijdperk, waarin oude gewoonten en gebruiken, regels en instituten, veelal van bovenaf opgelegd of ontstaan vanuit de heersende cultuur, opnieuw tegen het licht werden gehouden, in stand bleven, veranderden of verdwenen. Sommige ontwikkelingen in dat proces verliepen snel en andere hadden wat meer tijd nodig. Maar het werd anders dan het was. Dichter bij huis en verder in de tijd: in het primair onderwijs vinden de ontwikkelingen inmiddels in een gestaag tempo plaats. Woorden als deregulering, autonomie en bovenschools management waren begrippen die zon vijftien jaar geleden aan de (ronde of vierkante) tafel in de huiskamer werden gelegd op het scrabblebord, terwijl de kinderen in de naastgelegen kamer oud-Hollandse spelletjes speelden met de muziek zachtjes aan. Inmiddels wordt ook binnen onze sector gesproken over de (door)decentralisatie van de financin voor de primaire arbeidsvoorwaarden (salarissen, eindejaarsuitkering, enzovoorts), waarbij niet langer de minister van OCW het overleg hierover voert met de vakbonden, maar de werkgeversvertegenwoordiging. Ondertussen verandert het bestuurlijk landschap snel: organisaties worden groter en steeds meer oude bevoegde gezagsorganen treden in een toezichthoudende rol. Het (bovenschools) management voert de werkgeverstaken uit: heeft de dagelijkse leiding in de organisatie, benoemt en ontslaat personeel, ontwikkelt en voert het beleid uit, draagt zorg voor de kwaliteit van het onderwijs en onderhoudt de interne en externe contacten. Een belangrijke impuls in deze ontwikkeling is uitgegaan van de AVS. De initiatiefnemers van deze organisatie hadden ook eens een droom: de belangen van leidinggevenden behartigen en een bijdrage leveren aan hun (school)ontwikkeling en professionalisering. Langzaam maar gestaag is die droom ook werkelijkheid geworden. Natuurlijk komt er n sectororganisatie voor het primair onderwijs. Niet alleen omdat dit in andere onderwijssectoren ook al vormgegeven is, maar ook omdat wij daar als (bovenschools) management het nut en de noodzaak van inzien. Daarmee wordt ook een einde gemaakt aan de versnippering, die zo kenmerkend is voor de huidige situatie. Het wordt tijd om de tegenstellingen te slechten, krachten te bundelen en kennis en ervaring te delen. Daardoor hoeft een veelheid aan energie niet meer gestoken te worden in het onderling positioneren ten opzichte van elkaar, en naar buiten toe, terwijl we tegelijkertijd zien dat er al regelmatig vormen van samenwerking zijn op een aantal terreinen. Binnen die sectororganisatie zal voldoende ruimte zijn en blijven om eigen keuzes te kunnen maken als organisatie. Dat doen we nu immers ook al, ondanks opgelegde verplichtingen.

Over enkele jaren wordt in dit blad onder het kopje Terugblik teruggekeken op de totstandkoming van de sectororganisatie. Wr komen vertegenwoordigers uit het onderwijsveld aan het woord. Teneur van de bijdragen? Het is goed dat dit tot stand gekomen is. Een droom? Nee, werkelijkheid!

Auteur: Harry van de Kant,
Verder in dit nummer
Kader Primair 8 – april 2006

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws