79 procent van de schoolleiders vindt het een goed besluit dat alle basisscholen op 8 juni weer opengaan, tenzij anders blijkt uit de monitoring van het virus. Dat blijkt uit de peiling van de Algemene Vereniging Schoolleiders onder duizend schooldirecteuren in het basisonderwijs en speciaal onderwijs. “Wel zijn er bij schoolleiders zorgen over de bezetting. Naast het normale lerarentekort zijn er op scholen ook leraren afwezig omdat ze vanwege de coronacrisis niet kunnen werken”, aldus AVS-vicevoorzitter Ingrid Doornbos.
 
Ruim eenderde van de schoolleiders verwacht wel dat er bij de volledige openstelling van de basisscholen op 8 juni meer leerlingen naar school komen. “We zien dat verreweg de meeste leerlingen de afgelopen twee weken gewoon op school waren, maar dat er ook ouders zijn die de eerste weken hebben afgewacht. Veel schoolleiders verwachten dat ook daar inmiddels meer vertrouwen is in de werkwijze op scholen en door de dalende besmettingscijfers in Nederland”, zo zegt Ingrid Doornbos. Meer dan de helft van de schoolleiders denkt dat het volledig heropenen van de scholen op 8 juni geen effect heeft op het aantal leerlingen dat op school komt en 15 procent verwacht dat het aantal leerlingen dat thuisblijft juist gaat stijgen als de klassen voller worden.
 
Meer dan de helft van de scholen is niet van plan de leerlingen die thuis zijn afstandsonderwijs te blijven geven. Veel genoemde reden is dat daar onvoldoende personeel voor is, omdat de leraren hun handen vol hebben aan de reguliere lessen. Soms wordt een uitzondering gemaakt voor kinderen met medische klachten en wordt er wel huiswerk meegegeven.
 
Extra problemen rondom lerarentekort door corona
37 procent van de schoolleiders in het regulier basisonderwijs geeft aan dat er op hun school al sprake is van onderbezetting, in het speciaal onderwijs gaat dat zelfs om 71 procent. Bij 55 procent van de scholen ontbreken er ook leraren vanwege (risico op) het coronavirus en in het speciaal onderwijs gaat dit zelfs om 87 procent. Gemiddeld gaat het om 2 procent van het aantal leraren op school dat afwezig is. Vier op de vijf thuiszittende leraren wegens COVID19 worden in het regulier onderwijs wel ingezet in het onderwijsproces, bijvoorbeeld voor thuiszittende leerlingen. In het speciaal onderwijs worden drie van de vijf leraren daarvoor ingezet.
 
Op 93 procent van de scholen konden schoolleiders nu nog voorkomen dat de klassen naar huis werden gestuurd door een tekort aan leerkrachten. In het speciaal onderwijs is dit op 74 procent van de scholen gelukt. Doornbos: “Veel scholen hebben de afgelopen weken nog wat kunnen schuiven binnen hun team. Maar de bezetting wordt wel spannend als de scholen helemaal opengaan. Er waren al te weinig leraren en nu helemaal.”
 
Op meeste scholen lijken leerachterstanden minimaal, sommige leerlingen juist sneller
De meerderheid van de scholen heeft inmiddels zicht op de voortgang van de leerlingen. 'Op 89 procent van de scholen is de voortgang van de meeste leerlingen vrij constant. 10 procent van de schoolleiders noemt de leerachterstanden op hun school behoorlijk en 1 procent ernstig,' aldus Doornbos. 'Er is in de afgelopen weken door iedereen in het onderwijs en ook ouders ontzettend hard gewerkt om onderwijs te blijven geven aan leerlingen. In razend tempo is afstandsonderwijs ingericht en dat verdient veel respect.' 
Uit de peiling blijkt dat de meeste scholen geen grote problemen zien wat betreft de voortgang van hun leerlingen. 'Er worden plannen gemaakt voor leerlingen waarbij wel een achterstand is geconstateerd. En er zijn ook scholen die juist aangeven dat hun leerlingen juist sneller zijn gegaan', besluit Doornbos.

 

 

Links

Gerelateerd nieuws

  • Reden voor alertheid, maar scholen kunnen open zonder nieuwe maatregelen

  • E-mailservice ‘Regelingen OCW’ gestopt per 1 augustus 2020

  • Wijzigingen onderzoekskaders inspectie

  • Sommige leerlingen zijn achteruit gegaan, andere vooruit