Onderzoek van Nationaal Cohortonderzoek Onderwijs van het NRO

Onder basisschoolleerlingen is na anderhalf jaar nog steeds een vertraging in de leergroei te zien, hoewel een deel van de vertraging die de twee schoolsluitingen teweegbrachten is ingehaald. Wel blijft er een kloof tussen leerlingen van verschillende sociaaleconomische achtergronden. Dit blijkt uit onderzoek door wetenschappers op basis van het Nationaal Cohortonderzoek Onderwijs (NCO) van het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO).

Het NCO komt met een nieuwe reeks factsheets op basis van anderhalf jaar COVID-19-crisis, waarin de scholen twee keer moesten sluiten maar er ook hard gewerkt is om de opgelopen vertraging weer in te halen.

Bij zowel rekenen-wiskunde, begrijpend lezen en spelling in de onderbouw is de leergroei nog steeds lager dan in de periode ervoor. Alleen bij spelling is er in de bovenbouw een hogere leergroei te zien sinds COVID-19 dan ervoor. Waar na één jaar crisis de grootste vertragingen bij begrijpend lezen geconstateerd werden, is die vertraging deels ingehaald. Na anderhalf jaar zit de meeste vertraging in leergroei nog bij rekenen-wiskunde. Die vertraging in leergroei is het grootst bij leerlingen uit groep 6 en 7.

Uit de cijfers blijkt dat leerlingen met laagopgeleide ouders meer vertraging hebben in leergroei dan leerlingen met hoogopgeleide ouders. Ook leerlingen met ouders met een laag inkomen en leerlingen met een niet-westerse migratieachtergrond noteren meer vertraging in de leergroei, bovenop het effect van opleidingsniveau van de ouders. Daarnaast is over het algemeen de vertraging in leergroei groter bij scholen in landelijke gebieden dan bij scholen in stedelijke gebieden. Ook de schoolgrootte is van invloed: leerlingen op kleinere scholen hebben de grootste vertragingen opgelopen.

Links

Gerelateerd nieuws