Jonge leraren vinden niet altijd gemakkelijk een baan. Hebben ze wel werk, dan moeten ze vaak genoegen nemen met minder uren of een invalbaan. Dat blijkt uit een enquête van de Algemene Onderwijsbond (AOb) onder startende leraren en studenten.

17% Procent van de afgestudeerden is nog werkzoekend. Bijna driekwart van de afgestudeerden heeft wel een baan in het onderwijs kunnen vinden. Van de werkenden heeft meer dan 80% een tijdelijk contract. Slechts 14% heeft een vaste baan. Ook willen vier van de tien leraren meer uur werken dan de huidige baan biedt. De starters vertonen volgens de AOb veel ‘hopgedrag’. Bijna de helft van de werkenden heeft sinds de zomer al op twee of meer scholen ingevallen.

De studenten en starters werd ook gevraagd naar hun bereidheid om voor het werk te verhuizen. De meeste zogenoemde ‘huismussen’ wonen in Noord-Holland, Limburg en Brabant. Zij zijn van alle studenten en starters het minst bereid hun provincie te verlaten. De redenen om voor het werk niet te verhuizen zijn vooral van emotionele en praktische aard.

Meer informatie: www.aob.nl
 

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws

  • Reden voor alertheid, maar scholen kunnen open zonder nieuwe maatregelen

  • E-mailservice ‘Regelingen OCW’ gestopt per 1 augustus 2020

  • Wijzigingen onderzoekskaders inspectie

  • Nieuwe consultatie wetswijziging medezeggenschap scholen