Op grond van de Subsidieregeling praktijkleren konden werkgevers in het studiejaar 2020 – 2021 tussen 1 juli 2020 en 16 september 2020 (tot uiterlijk 17.00 uur) een aanvraag indienen. Na het sluiten van het loket heeft een aantal werkgevers de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) benaderd en aangegeven dat zij er niet in zijn geslaagd hun aanvraag tijdig in te dienen door oorzaken die samenhangen met de coronapandemie.

Volgens de Subsidieregeling praktijkleren worden te laat ingediende aanvragen afgewezen (artikel 17, eerste lid, van de Subsidieregeling praktijkleren). Gelet daarop sloot het digitale aanvraagloket op 16 september 2020 om 17.00 uur. Echter, in het kader van de coronapandemie is een noodregeling vastgesteld: de Verzamelregeling subsidies OCW COVID-19. In die regeling is in artikel 1 een hardheidsclausule opgenomen, die het mogelijk maakt af te wijken van bepalingen in subsidieregelingen van de twee onderwijsministers. Afwijken is mogelijk wanneer de onverkorte toepassing van deze bepalingen, gelet op de gevolgen van de uitbraak van COVID-19 of de maatregelen ter bestrijding ervan, voor subsidieaanvragers zou leiden tot een ’onbillijkheid van overwegende aard’. Gelet op deze mogelijkheid worden werkgevers die zich binnen veertien dagen na sluiting van het aanvraagloket gemeld hebben bij RVO alsnog in de gelegenheid gesteld om een aanvraag in te dienen.


De werkgevers die in de gelegenheid worden gesteld om opnieuw een aanvraag in te dienen, moeten hun beroep op de hardheidsclausule onderbouwen. De lat om een gegrond beroep op de hardheidsclausule te kunnen doen, ligt hoog. De werkgever moet in ieder geval kunnen aantonen dat:
1.het niet tijdig indienen van de aanvraag direct het gevolg is van de corona-uitbraak of de coronamaatregelen én dat de corona-uitbraak of de coronamaatregelen zodanige gevolgen hadden dat de werkgever niet in staat was de aanvraag tijdig in te dienen. Een combinatie van factoren waardoor de aanvraag niet tijdig kon worden ingediend, waarvan de corona-uitbraak of de coronamaatregelen één van de factoren was, leidt niet tot een gegrond beroep. Ook het feit dat een medewerker die de aanvraag zou indienen vanwege corona is ziekgemeld, is onvoldoende. In dat geval wordt ervan uitgegaan dat een andere collega dit werk had kunnen overnemen. De werkgever moet, kortom, kunnen aantonen hoe een corona-uitbraak of coronamaatregel het indienen van een aanvraag voor het sluiten van het loket op 16 september 2020 om 17:00 uur, heeft belet.
2.er sprake zou zijn van een ’onbillijkheid van overwegende aard’ indien niet alsnog subsidie zou worden verstrekt. De werkgever legt documenten over waaruit blijkt:
a. dat hij financiële schade lijdt, indien hij niet voor subsidie in aanmerking komt, en
b. welke gevolgen dit heeft voor het bedrijf. Een beroep op de hardheidsclausule kan alleen dan worden gehonoreerd wanneer de bovenstaande punten met schriftelijke bewijzen kunnen worden aangetoond. Als bewijzen kunnen bijvoorbeeld dienen interne of externe berichtgeving waaruit blijkt dat een bedrijf gesloten is vanwege een corona-uitbraak op het moment dat de aanvraag ingediend zou worden en financiële gegevens waaruit de schade blijkt.

Werkgevers die zich tussen 16 en 30 september 2020 om 17:00 uur hebben gemeld bij RVO, worden door RVO in de gelegenheid gesteld om tussen 3 mei 2021, 9:00 uur, en 21 mei 2021, 17:00 uur een aanvraag in te dienen bij RVO.

De bepalingen uit de Subsidieregeling praktijkleren gelden voor de aanvraag. Dit betekent onder andere dat binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag inclusief alle benodigde stukken c.q. na sluiting van de indieningsmogelijkheid door RVO een besluit wordt genomen. De Wijziging Subsidieregeling praktijkleren is hieronder te downloaden.

AVS Helpdesk

Neem contact op met de AVS Helpdesk
Vermeld altijd je lidmaatschapsnummer als je contact opneemt met de Helpdesk.

Leden van de AVS kunnen de Helpdesk bellen met uiteenlopende vragen over vakgerelateerde zaken.

helpdesk@avs.nl | Bel: 030-2361010