“Lumpsum biedt scholen veel mogelijkheden om zelf keuzes te maken.” Dat is de stellige overtuiging van Monica van der Hoff-Israël, projectleider van projectbureau lumpsum po. Een overtuiging die ze met verve uitdraagt. “Geld is leuk! Dat besef wil ik laten doordringen.”

Lumpsum is verrassend zacht geland volgens Monica van der Hoff-Israël
Wie met Van der Hoff-Israël over geld en onderwijs wil praten, mag er wel even voor uit trekken. Als het over deze onderwerpen gaat, zit ze meteen helemaal op haar praatstoel. “Het is mijn stokpaardje”, geeft ze ruiterlijk toe. “Om je onderwijs zo goed mogelijk te maken, heb je geld nodig. Simpel. En lumpsum biedt scholen veel meer kansen dan voorheen om geld specifiek voor eigen doelen en wensen uit te geven. Dat zal het onderwijs uiteindelijk beter en meer divers maken”, betoogt ze vurig. Maar Van der Hoff-Israël is realistisch genoeg om te beseffen dat niet iedereen in het onderwijs haar passie voor geld en financiën deelt. Integendeel. Veel schooldirecteuren zitten helemaal niet op meer financiële vrijheid en verantwoordelijkheid te wachten, weet ze. Maar lumpsum is inmiddels een feit, dus een houding van `Ik heb niets met geld en ik wil niets met geld´, kan volgens haar echt niet meer. “Daarmee mis je kansen en doe je je school tekort.”

Niet moeilijk
Eén vooroordeel wil ze als eerste uit de wereld helpen: financieel beleid is niet moeilijk. Natuurlijk vraagt het van directeuren extra kennis en vaardigheden en dus in veel gevallen extra scholing en begeleiding. Maar ze hoeven volgens Van der Hoff-Israël geen boekhouders te worden. “Met een beetje gezond verstand kom je al een heel eind. En met lumpsum is het er juist makkelijker op geworden”, stelt ze. Kreeg een school voorheen geld voor het personeel uitbetaald in de abstracte rekeneenheid fre, nu heeft een bestuur concreet geld in handen en dat kan aan personeel worden uitgegeven, maar ook aan iets anders. “Het maakt scholen veel flexibeler in hun keuzes”, aldus Van der Hoff-Israël. Bovendien: geld dat dit jaar niet wordt op gemaakt, blijft gewoon staan voor een volgend jaar. Dat laatste biedt scholen vooral over een aantal jaren veel meer mogelijkheden. Zo kunnen ze bijvoorbeeld sparen voor grote uitgaven of de kosten van een project over meerdere jaren uitsmeren. “Vergelijk het met een wereldreis”, zegt ze. “Daar moeten de meeste mensen ook een paar jaar voor sparen.” Een meerjarenvisie vergt echter wel een andere manier van kijken, benadrukt Van der Hoff-Israël. Scholen zijn immers gewend om per school- of kalenderjaar te begroten.

Omslag
Scholen zullen volgens Van der Hoff-Israël hun automatismen en routines los moeten laten. “Hoezo 85 procent voor personeelskosten? Als een leerkracht weg gaat, kun je hem of haar vervangen door iemand met precies dezelfde formatie, maar je kunt ook andere keuzes maken. Scholen moeten leren denken vanuit wat ze willen, in plaats van vanuit de bekostiging.” Zo´n `beleidsrijke invulling´ van lumpsum waarbij visies en plannen worden gekoppeld aan geld, klinkt misschien voor de hand liggend, maar is voor scholen een hele omslag, stelt Van der Hoff-Israël. Schooldirecties zijn immers gewend om te denken vanuit hoeveel geld waarvoor binnen komt. Bovendien zijn veel directeuren volgens haar opgevoed met het idee dat `geld niet belangrijk is´. Lumpsum vraagt volgens Van der Hoff-Israël een professionelere en bedrijfsmatigere manier van met geld om gaan. En bedrijfsmatig is in het onderwijs nog wel eens een vies woord, verklaart ze. Ze gaat er dan ook vanuit dat er nog wel een paar jaar overheen zullen gaan voor zo´n `beleidsrijke invulling´ overal in het primair onderwijs gemeengoed is. “Dat hebben we in het voortgezet onderwijs ook gezien.”

Zacht geland
Over een paar jaar is volgens haar dan ook pas goed te zien wat lumpsum voor veranderingen te weeg heeft gebracht. Maar Van der Hoff-Israël kan al wel zeggen dat lumpsum `verrassend zacht´ is geland. “Het is heel rustig.” Wel constateert de projectleider een tendens bij bestuurders om uit onzekerheid voorzichtig te begroten en geld op te potten. In die context moeten volgens haar ook de zorgwekkende geluiden worden gezien dat lumpsum leidt tot meer (gedwongen) overplaatsingen van oudere leerkrachten. Hoe ouder, hoe duurder. Dus zouden scholen van hun oudere leerkrachten af willen. Volgens Van der Hoff-Israël is dat echter onnodig calculerend gedrag, want in de lumpsumfinanciering wordt rekening gehouden met de leeftijd van de leerkrachten. Het zijn volgens haar `stuiptrekkingen van een eerste jaar´, waarbij angst voor wat komen gaat bij sommige scholen nog de boventoon voert. Best een begrijpelijke houding, vindt ze. “Maar ik voorspel dat veel schoolbesturen aan het eind van dit schooljaar meer geld over houden dan ze hadden verwacht.”

Smoezen
Een andere in haar ogen ongewenste ontwikkeling, is dat het bovenschools management vaak de financiële beslissingen voor individuele scholen neemt, in plaats van de betreffende schooldirecteuren zelf. Dit gebeurt volgens haar ongetwijfeld met de beste bedoelingen, maar is wel `een gemiste kans´. Op deze manier zal een individuele school immers weinig van lumpsum merken, terwijl de hele operatie er juist voor bedoeld is om scholen meer keuzevrijheid te geven. “Kon een directeur voorheen `Zoetermeer´ overal de schuld van geven, nu kan hij of zij met het vingertje naar het bovenschools management wijzen. En die smoezen wilden we nou net van tafel.” Lumpsum is volgens Van der Hoff-Israël een onderdeel van een ontwikkeling die er op gericht is het onderwijs terug te geven aan de school. Oftewel van deregulering en meer autonomie voor scholen. “En wil je dat waarmaken, dan moet je de keuzes en verantwoordelijkheid zo laag mogelijk in de organisatie leggen. Dus: bij een schooldirecteur en zijn of haar team.”

Monica van der Hoff-Israël (48) runt vanaf 1 februari 2007 haar eigen adviesbureau op het gebied van financiën en organisatie. Vanaf 1 januari 2002 is zij al gevestigd als zelfstandig adviseur. Daarvoor was ze onder andere adjunct-directeur van het Vervangingsfonds en Participatiefonds, directeur van de stichting Regionaal Onderwijs Bureau Midden-Nederland en ambtelijk secretaris op diverse scholen in het PO, VO en de BVE-sector. Sinds 2004 is ze projectleider van het projectbureau lumpsum po. Dit bureau, dat de invoering van lumpsum in het primair onderwijs heeft voorbereid en begeleidt, houdt in de zomer van 2007 op te bestaan.

 

 

Links

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws

  • Onderwijsraad: het onderwijs moet inclusiever

  • Monitor Hybride onderwijs: reflectie op afstandsonderwijs

  • Sterke schoolleiders belangrijk punt voor politieke verkiezingsprogramma’s

  • Vernieuwde Canon van Nederland gepresenteerd