Diversiteit ouders vergt uiteenlopende strategieën

Onderzoeksinstituut ITS heeft op verzoek van de Programmacommissie Beleidsgericht Onderzoek Primair Onderwijs (BOPO) de ouderbetrokkenheid en -participatie op scholen met veel en weinig achterstandsleerlingen in kaart gebracht in het rapport `Ouders, scholen en diversiteit´. Voor een succesvolle relatie tussen ouders en school moeten schoolteams volgens ITS over diverse strategieën beschikken, om met uiteenlopende soorten en groepen van ouders om te gaan.

Aanleiding voor het onderzoek was dat ouders via hun betrokkenheid bij en participatie in het onderwijs een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de onderwijskansen van hun kinderen. Vooral voor achterstandsscholen zou betere samenwerking met ouders een manier kunnen zijn om onderwijsachterstanden te verminderen.

Ouders als partners
Bijna alle scholen proberen de betrokkenheid van ouders bij de ontwikkeling van het leerproces en de opvoeding van hun kind te bevorderen. Schoolleiders zien ouders daarbij als klanten én (mogelijke) partners van leerkrachten. Op scholen met veel achterstandsleerlingen zien schoolleiders ouders echter minder vaak als partners dan op scholen met weinig of geen achterstandsleerlingen, omdat de eerste groep ouders zich niet altijd verantwoordelijk of capabel genoeg zouden voelen om een bijdrage te leveren aan de ontwikkelingskansen van hun kinderen. Schoolleiders schatten in dat ouders van kinderen uit een hoger milieu vaker over de gewenste attitude, kennis en vaardigheden beschikken om met leerkrachten samen te werken dan ouders uit een lager milieu. Dat geldt ook voor ouders van allochtone kinderen.

Belangrijke randvoorwaarde voor de betrokkenheid van allochtone ouders is onder andere de begeleiding vanuit een schoolbegeleidingsdienst of gemeente. Knelpunt hierbij is dat deze ouders vaak moeilijk bereikbaar zijn voor deelname aan ouderparticipatieactiviteiten (de `onzichtbare´ ouders), het Nederlands slecht beheersen, een heel andere pedagogische aanpak kennen en hebben leerkrachten moeite om deze ouders beter bij school te betrekken. Knelpunt op scholen met weinig achterstandsleerlingen is dat de ouders vaak geen tijd hebben vanwege een drukke baan.

De samenwerking tussen ouders en leerkrachten op `witte´ scholen leidt tot meer gebruik van inspraakmogelijkheden van ouders, verbetering van het welbevinden en het gedrag van leerlingen en verlichting van de werkdruk voor leerkrachten. Op `zwarte´ scholen geeft dit aan de leerkrachten meer begrip voor de culturele achtergronden van de ouders en voor een deel van de allochtone ouders leidt dit tot een verbetering van het Nederlands, een bredere sociaal netwerk en meer kans op een baan.

Voor een succesvolle relatie tussen ouders en school is het volgens ITS belangrijk dat schoolteams over diverse strategieën beschikken om met uiteenlopende soorten en groepen van ouders om te gaan.

Aanbevelingen
Op basis van het onderzoek doet ITS de volgende aanbevelingen:

o Scholen zouden bij de intake naar ouders toe zo concreet en duidelijk mogelijk kunnen aangeven wat men van hen verwacht.

o Het is noodzakelijk dat leerkrachten en ouders zich openstellen voor elkaar en dat onderwijs en opvoeding als een gezamenlijke taak en verantwoordelijkheid wordt gezien.

o Ouders dienen nadrukkelijk uitgedaagd te worden een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van de kwaliteit van de school.

o Schoolteams zouden kunnen proberen de ouders minder toe te spreken en meer naar hen te luisteren door ze bijvoorbeeld te stimuleren zitting te nemen in de MR of het bestuur.

o Schoolteams moeten oog hebben voor de context van leerlingen en tegelijk hun vertrouwen niet schenden.

o Het kan noodzakelijk iemand van het schoolteam als ouderbetrokkenheidscoördinator aan te stellen.

o Het is wenselijk dat schoolteams proberen te leren van good practices van andere scholen en evaluatiemomenten inbouwen om zicht te houden op het bereiken van de gewenste doelen.

o Creëer draagvlak; maak afspraken op basis van meetbare doelstellingen.

 `Ouders, scholen en diversiteit´

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.