Uit driejaarlijks onderzoek van de OESO (PISA-2015) blijkt dat Nederlandse leerlingen in het voortgezet onderwijs vergeleken met leerlingen in andere landen nog steeds bovengemiddeld presteren op het gebied van lezen, wiskunde en natuurwetenschappen. Tegelijk zijn de resultaten op verschillende onderdelen en voor verschillende schoolsoorten iets achteruit gegaan. Dekker wil daarom de komende maanden met verschillende partijen, waaronder schoolleiders, in gesprek over de resultaten en mogelijke vervolgstappen.

Vooral de neerwaartse trend die zich aftekent bij wiskunde op havo en vwo baart staatssecretaris Dekker zorgen. Ook een terugloop in de resultaten bij natuurwetenschappen op het vmbo roept vragen op en moet daarom goed onderzocht worden, zo stelt Dekker in een brief aan de Tweede Kamer waarin hij de resultaten van PISA-2015 aanbiedt. Dekker: ‘Ook al gaat het om een lichte daling, we kunnen en mogen hier geen genoegen mee nemen. Het gaat hier immers om basisvaardigheden, vaardigheden die iedere jongere nodig heeft. Een welvarend land als Nederland moet beter kunnen.’

Hoewel Nederlandse leerlingen voor lezen, wiskunde en natuurwetenschappen ruim boven het gemiddelde van de OESO- en EU-landen presteren, komen steeds meer landen op hetzelfde niveau als Nederland. In PISA-2015 wordt Nederland door de OESO genoemd als consistent hoog presterend land, dat ook heel goed in staat is om sociaal economische ongelijkheden te corrigeren. Opvallend is wel dat de percentages laag presterende leerlingen in heel Europa stijgen, ook in Nederland.

Wiskunde
Binnen de EU is Nederland op het gebied van wiskunde tweede (in OESO-perspectief zesde). Desondanks zijn de wiskundeprestaties van Nederlandse leerlingen op havo en vwo ten opzichte van de vorige meting licht achteruit gegaan. Omdat dit het afgelopen decennium steeds het geval was, kan inmiddels gesproken worden van een zorgelijke trend, aldus Dekker.

Leesvaardigheid
Op het gebied van lezen doen leerlingen in drie andere Europese landen het beter (in OESO-perspectief is Nederland zevende). Op havo en vwo blijven de prestaties van leerlingen op peil. In het vmbo zijn hun prestaties iets gedaald ten opzichte van de vorige meting, hoewel deze daling volgens de PISA-onderzoekers niet significant is.

Natuurwetenschappen
Binnen Europa doen alleen leerlingen in Estland en Finland het beter in natuurwetenschappen (in OESO-perspectief is Nederland vijfde). Wel zijn de prestaties op dit terrein in alle deelnemende landen – dus ook in Nederland – afgenomen. Er is hier geen goede verklaring voor gevonden, dus daar is nader onderzoek voor nodig.

Oorzaken zoeken
PISA geeft voor diverse gesignaleerde trends veel informatie, maar geen concrete oorzaken. Daarom wil Dekker de komende maanden met wetenschappers, schoolleiders, leraren en beleidsmakers de gegevens van PISA beter analyseren om de oorzaken helder te krijgen. Omdat de trend voor de hele OESO geldt, zal Nederland daarbij samen met andere landen optrekken.

Dekker wijst nog op het feit dat effecten van beleidswijzigingen in het onderwijs pas na geruime tijd zichtbaar zijn in de resultaten. Hij verwacht dat verschillende maatregelen die de afgelopen periode zijn genomen, op termijn de prestaties van leerlingen verbeteren. Zo zijn referentieniveaus ingevoerd voor taal en rekenen, zijn de inhoud en examens van de bètavakken vernieuwd, is de kernvakkenregel ingevoerd en is geïnvesteerd in het techniekpact.

Leren van Azië
Dekker wil ook kijken naar de aanpak in Azië: “We vergelijken ons nu binnen PISA met name met andere Europese landen en de OESO. Aan PISA nemen echter steeds meer Aziatische steden en landen deel. Die gaan ons links en rechts voorbij. Het is mij te makkelijk om te zeggen: ‘hun aanpak past niet bij ons’. We moeten bereid zijn van hen te leren.”

Voor de zomer van 2017 komt Dekker met een onderbouwd voorstel hoe de (internationale) prestaties voor wiskunde, natuurkunde en lezen verbeterd kunnen worden.

Over PISA
PISA is het grootste internationaal vergelijkende onderzoek naar de prestaties van leerlingen in onderwijsstelsels in de wereld en geeft inzicht in de prestaties van vijftienjarige leerlingen in 71 landen (35 OESO-lidstaten en 36 partnerlanden) op het gebied van lezen, wiskunde en natuurwetenschappen. 

Links

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws