Medezeggenschap op school kan leiden tot betrokken ouders en goede ideeën, maar een medezeggenschapsraad kan ook een blok aan je been zijn. Hoe ga je als schoolleider om met de MR? ‘Het gaat erom dat je een collectieve ambitie krijgt.’

Medezeggenschapsraden die het leven van schoolleiders zuur maken: AVS-trainer Jan Stuijver kent de verhalen. “Soms ontbreekt het nieuwe MR-leden aan kennis, waardoor ze zich bemoeien met zaken waar ze eigenlijk niet zoveel mee te maken hebben. Dan raakt een schooldirecteur van slag en ontstaat er vaak een machtsspel.” Helemaal niet nodig, stelt hij. “Zorg dat nieuwe MR-leden goed geïnformeerd worden bij welke zaken ze instemmings-, advies- en informatierecht hebben – en bij welke niet. Daar zijn uitstekende brochures voor, en overal in den lande worden trainingen voor nieuwe MR-leden georganiseerd.”
 
Achtergrond
Volgens Lida Koetsveld, directeur van de Roelof Venema School in Amstelveen, is er zeker sprake van een spanningsveld tussen MR en schoolleiding. “Sommige medezeggenschapsraden gedragen zich heel politiek en gaan erg op de details zitten. Maar als directeur kun je niet altijd openheid van zaken geven, bijvoorbeeld bij personeelsaangelegenheden. Goed weten wat je mag en moet communiceren – en hoe je dat doet – is dan heel belangrijk.” Koetsveld heeft eigenlijk altijd wel een goed contact met de MR, vertelt ze. Ze heeft veel raden meegemaakt in haar verleden als directeur op scholen in Soest, Den Haag en Haarlem. Elke is weer anders, vindt ze. “Vaak wordt de werkwijze en de cultuur van zo’n raad bepaald door de achtergrond van de leden. Zo had ik ooit te maken met een MR die kritisch was over de communicatie naar ouders, ingegeven door een MR-lid dat communicatiedeskundige was. Een andere raad zat weer heel erg op de regeltjes, waarschijnlijk omdat een van de MR-leden van huis uit jurist was.” Koetsveld ervaart het op zo’n moment niet als lastig, maar doet er haar voordeel mee. “In het eerste geval ben ik bijvoorbeeld een communicatietraining gaan doen, omdat ik vond dat de MR een punt had.”
 
Onrust wegnemen
Guido Vink, directeur van de Zeister Schoolvereeniging, toetst regelmatig via de MR hoe bepaalde voornemens vallen bij ouders. “We hebben nu bijvoorbeeld plannen om meer te gaan doen met co-teaching, waarbij twee leerkrachten voor een groep staan. Bij de MR steek ik dan mijn licht op. Maar ook als er op andere terreinen kritische vragen komen, ben ik er blij mee, want dan weet ik dat ook de achterban die kritische vragen heeft. Dan kan het zijn dat ik besluit over dat onderwerp een aparte themabijeenkomst te organiseren om onrust weg te nemen.” Hermeline Pap, directeur van basisschool Jan Jaspers in Hattem, heeft te maken met een pro-actieve MR, bijvoorbeeld voor wat betreft het hitteplan. “We zitten hier in een verouderd gebouw waar het ’s zomers heel heet kan worden. Afgelopen zomer had ik geen marge-uren meer over, waardoor ik de leerlingen niet eerder naar huis kon sturen. We kijken nu samen met welk beleid we duidelijkheid voor ouders kunnen creëren.”
 
Collectieve ambitie
Als directeur kun je zelf nooit deel uitmaken van een medezeggenschapsraad, zoals dat wel mogelijk is voor een gemeenschappelijke medezeggenzeggenschapsraad (zie kader). Je bent vanuit het schoolbestuur gemandateerd om te fungeren als gesprekpartner voor de MR. “Je hoeft ook niet elke vergadering op te draven,” zegt Stuijver, “maar je moet natuurlijk wel bereid zijn om toelichting te geven op voorgenomen besluiten.” Directeur Vink van de Zeister Schoolvereeniging stuurt standaard een samenvatting van de directierapportage naar de MR. “Daartoe ben ik niet verplicht en de MR krijgt bovendien naderhand de notulen van de bestuursvergadering waarin die rapportage aan de orde komt. Maar ik vind het gewoon belangrijk dat ze goed op de hoogte zijn.” Ook AVS-trainer Stuijver raadt schoolleiders aan om de MR altijd zo volledig mogelijk te informeren, ook over zaken waarbij ze geen instemmings- of adviesrecht hebben. “Het gaat erom dat je een collectieve ambitie krijgt. Komt er bijvoorbeeld een fusie aan, inventariseer dan eens samen met de MR wat er dan allemaal op je af komt als school.”
 
Samen ruis wegnemen
Hoe zorg je ervoor dat een MR goed geïnformeerd is? Stuijver: “Lever aan het begin van het schooljaar een lijst aan van voorgenomen besluiten met een tijdpad. En zet daarop ook zaken die misschien geen instemming of advies behoeven, maar wel belangrijk zijn. Als ik bij trainingen aan MR-leden vraag waarover zij denken dat een directeur de MR minimaal zou moeten informeren, kijken ze me soms vragend aan. De wet zegt het heel duidelijk: de begroting, het managementstatuut, informatie over leerlingenaantallen als opmaat voor de formatie, het ondersteuningsplan. Voor de oudergeleding is dat laatste misschien het allerbelangrijkste: je wilt als ouder toch weten op welke ondersteuning je kind kan rekenen als het nodig is.” Hermeline Pap merkt dat ouders in de MR vaak veel vragen hebben. “Dat is logisch, zij zitten minder in de materie dan de personeelsgeleding. Daar moet je als schoolleider rekening mee houden. Het is dan belangrijk dat je ontwikkelingen die je zelf als gewoon ziet nog even goed voor het voetlicht brengt.” Koetsveld ziet nog een groot voordeel van een goed geïnformeerde MR. Dat bleek vooral toen ze ooit een combinatieklas moest formeren waar ouders tegen te hoop liepen. “De MR begreep toen heel goed dat ik financieel gezien geen andere keuze had, daarin had ik ze helemaal meegenomen. Natuurlijk had ik ouders ook via allerlei kanalen geïnformeerd, maar de MR-oudergeleding heeft toen op het schoolplein een nuttige rol gespeeld door het nog eens goed uit te leggen aan kritische ouders. Zo hebben we de ruis samen weg kunnen nemen.”
 
 
Bij bestuur met meerdere scholen: Gemeenschappelijke medezeggenschapsraad – wél met schoolleider
 
Een schoolleider kan geen lid zijn van de medezeggenschapsraad op zijn of haar school. Maar als de school deel uitmaakt van een bestuur met meerdere scholen, dan kan een schoolleider wel gekozen worden in de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. Deze GMR praat mee over bovenschoolse zaken, zoals het bestuursformatieplan. Zo is het ook voor schoolleiders mogelijk om invloed te hebben op het door bestuur gevoerde beleid door. Natuurlijk moeten zij wel zorgen voor draagvlak bij de achterban.

Gerelateerd nieuws