De commissie Onderwijsbevoegdheden, die onlangs gestart is, heeft de opdracht gekregen om te adviseren over de vormgeving van een nieuw bevoegdhedenstelsel. De regelgeving over bevoegdheden is momenteel complex en op onderdelen rigide waardoor (potentiële) leraren, scholen en lerarenopleidingen knelpunten ervaren in het huidige bevoegdhedenstelsel. Het bevoegdhedenstelsel is onvoldoende toekomstbestendig en past op sommige vlakken niet meer bij het onderwijs dat leerlingen nodig hebben.

Het stelsel van bevoegdheden (het geheel van regels en procedures rond het behalen van een bevoegdheid) en lerarenopleidingen waarborgt de kwaliteit van onderwijs en dat moet zo blijven, maar kan waar mogelijk nog beter worden. Tegelijkertijd kan het stelsel anders worden ingericht zodat het aantrekkelijker wordt om te (blijven) werken in het onderwijs en leraren beter kunnen inspelen op de individuele behoeften van leerlingen.

De ervaren knelpunten zijn voor een deel algemeen van aard, zoals inflexibele schotten tussen sectoren. Daarnaast zijn er specifieke knelpunten, zoals de vraag naar leraren met kennis en ervaring die toegespitst is op de behoeftes van leerlingen op het vmbo, de onderbouw van het basisonderwijs, of het speciaal onderwijs. 
 
Door ruimte te maken voor meer gespecialiseerde of juist breder georiënteerde bevoegdheden, kunnen deze beter laten aansluiten bij datgene wat het onderwijs nodig heeft. Om het beroep aantrekkelijker te maken willen de ministers van Onderwijs meer ruimte voor circulaire carrières en mobiliteit. Dit vraagt om bevoegdheden en lerarenopleidingen waarin structureel ruimte is voor loopbaanontwikkeling binnen, tussen en naar verschillende onderwijssectoren. 
 
De commissie gaat zich buigen over nieuwe bevoegdheden voor het primair, voortgezet, speciaal en middelbaarberoepsonderwijs. Ook zal de commissie vorm geven aan de verschillende routes hoe een student de nieuwe bevoegdheid kan gaan halen. De commissie bestaat uit acht leden, waaronder voorzitter Paul Zevenbergen.

Om tot een goed advies te kunnen komen, vraagt de commissie om input van schoolleiders, schoolbestuurders, leraren, lerarenopleiders, instructeurs, leraarondersteuners en interne begeleiders. Voorzitter Paul Zevenbergen: “We organiseren de komende tijd verschillende manieren om met zoveel mogelijk mensen die het onderwijs werken, in gesprek te gaan. Ik roep alle betrokkenen op om zijn of haar ideeën op dit onderwerp met ons te delen. Alleen dan kan de commissie een advies opleveren waar leraren én leerlingen baat bij hebben”.

Links

Gerelateerd nieuws

  • Onderwijsraad: het onderwijs moet inclusiever

  • Monitor Hybride onderwijs: reflectie op afstandsonderwijs

  • Sterke schoolleiders belangrijk punt voor politieke verkiezingsprogramma’s

  • Vernieuwde Canon van Nederland gepresenteerd