De AVS heeft haar wens om een sectororganisatie voor het primair onderwijs te ontwikkelen uitvoerig besproken in Kader Primair Special (december, 2005). De komende maanden zullen mensen uit het onderwijsveld hierover hun mening geven in de vorm van een column. Deze maand de beurt aan Philip Geelkerken, algemeen directeur VOS/ABB, de werkgeversvereniging voor openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs.

Column sectororganisatie
Ook voor het primair onderwijs zou het volgens mij goed zijn om te komen tot een krachtige sectororganisatie. Een sectororganisatie die op een goede manier de belangen van de sector PO behartigt en die excellente dienstverlening aan leden verzorgt. Een organisatie waarvan werkgevers in het PO lid zijn; voor openbaar en bijzonder onderwijs, voor grote en kleine besturen en scholen. Een organisatie die recht doet aan de pluriformiteit van ons onderwijs en waarin bestuur en management met elkaar samenwerken. Het POveld heeft immers veel meer gemeenschappelijk dan de veelheid van landelijke belangenorganisaties die op dit speelveld bewegen doet vermoeden. In VOS/ABB-kringen is het afgelopen jaar uitvoerig gesproken over sectorvorming in het PO en het VO. In onze ledenkring bestaat een breed draagvlak voor zon sectororganisatie en wij hebben de bereidheid uitgesproken samen met anderen aan zon sectororganisatie te willen werken, deze vorm te geven en daarin ook te willen opgaan. Of zon sectororganisatie er ook echt komt, staat of valt met het draagvlak daarvoor in het brede PO-veld. Kennelijk is het nu nog niet zo ver. Ik ben geen voorstander van een beetje sectororganisatie; een sectororganisatie die enkel landelijke taken oppakt en de andere taken zowel in de sfeer van de belangenbehartiging als in de sfeer van de dienstverlening laat liggen. Het gevaar bestaat dan al snel dat de kracht die uitgaat van de combinatie belangenbehartiging n dienstverlening teloor gaat. Juist door een uitstekende dienstverlening bouw je een intensieve band op met de leden, weet je als geen ander wat in het veld speelt en kan je daar via de belangenbehartiging direct op inspelen. Ook een sectororganisatie die de sectorbelangen behartigt, terwijl (deel)belangen door andere organisaties worden behartigd, vind ik geen ideale situatie. De potentile spanning tussen collectief sectorbelang en (deel)belang komt het primair onderwijs in zijn totaliteit niet ten goede. Als de keuze zou zijn tussen een beetje sectororganisatie en het handhaven van de bestaande situatie, kies ik voor dat laatste. Een situatie overigens, waarin op allerlei belangrijke themas steeds beter wordt samengewerkt tussen de onderscheiden landelijke organisaties. Dat is ook een goede ontwikkeling. Landelijke organisaties zijn de spiegel van de samenleving. Een samenleving die voortdurend verandert. Als het PO-veld die krachtige sectororganisatie werkelijk wil, dan komt die er ook! Ook al is de weg daar naartoe soms weerbarstig.

Auteur: Philip Geelkerken
Iedere maand
Kader Primair 9 – mei 2006

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws