‘Burgerschapsonderwijs staat nu hoger op de agenda’

Mohammed-cartoons, black lives matter, homoseksualiteit, coronamaatregelen, aangescherpte wetgeving

De vrijheid van meningsuiting is een nog belangrijker thema geworden op scholen sinds de Franse leraar Samuel Paty vermoord werd vanwege het tonen van Mohammed-cartoons. Ook zorgde de ‘identiteitsverklaring’ die sommige reformatorische scholen zouden vragen aan ouders voor opschudding. Burgerschapsonderwijs wordt daarmee steeds relevanter. Als de Eerste Kamer akkoord gaat, hebben scholen vanaf augustus 2021 te maken met de ‘Wet aanscherping burgerschapsopdracht onderwijs’.

Aanvankelijk deed de aangescherpte wetgeving weinig stof opwaaien. Scholen moeten burgerschap en sociale cohesie actief bevorderen, staat erin. Leerlingen moeten zich zo ontwikkelen dat ze bijdragen aan de pluriforme Nederlandse samenleving. Daar hoort bij dat hun kennis van en respect voor de basiswaarden van de democratische rechtsstaat en fundamentele rechten en vrijheden van de mens wordt bijgebracht. Dus ook respect voor verschillen in godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, afkomst, geslacht, handicap of seksuele gerichtheid. De schoolcultuur moet die waarden onderschrijven – burgerschapsontwikkeling wordt meer een taak van het hele team.

Een groot deel van de scholen haalde de schouders op: ‘We doen dit allang’. Maar de afgelopen maanden kregen scholen de aanscherping meer op hun netvlies, merkte Irene de Kort, projectleider ‘Versterking Burgerschapsonderwijs’ bij de VO-raad. “We kregen te maken met de moord op Paty en bedreiging van Nederlandse leraren die de vrijheid van meningsuiting bespraken. We hadden daarnaast de (‘anti-homo’) identiteitsverklaringen op sommige reformatorische scholen. Ook zien we dat de coronamaatregelen grote impact hebben op jongeren. Het thema burgerschapsonderwijs staat nu hoger op de agenda.”

Versterking burgerschap

Het project Versterking Burgerschapsonderwijs (vo) helpt bestuurders en schoolleiders burgerschapsonderwijs vorm te geven: vanuit de schoolvisie naar doelen en beleid, en van praktijk tot borging. “Schoolleiders vinden burgerschapsvorming een belangrijke opdracht, maar in de dagelijkse hectiek verdwijnt het onderwerp vaak naar de achtergrond. Het toetsingskader zal uiteindelijk bepalen of deze wet dat gaat voorkomen”, zegt De Kort. Er zijn een QuickScan en een Toolbox ontwikkeld om scholen te helpen hun beleid vanuit hun visie op papier te zetten en uit te dragen. En daar wordt het spannend. De onderwijsinspectie zal toetsen bij alle soorten scholen, maar wat als de verplichtingen uit de wet schuren met andere wetgeving, zoals de vrijheid van onderwijs? “Je hebt als school een maatschappelijke opdracht die verder reikt dan je eigen overtuiging. Maar de wet laat scholen voldoende ruimte om hun eigen kleur te geven aan het burgerschapsonderwijs.”

Visie onder de loep

Jan Möhlmann, bovenbouwdirecteur van het havo/vwo op het reformatorische Driestar College in Gouda bevestigt dit. “Vanwege het wetsvoorstel hebben we onze visie nog eens onder de loep genomen, en gekeken of die goed omschreven staat. Ook gebruiken we de routekaart van de Vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs. De Memorie van Toelichting bij het wetsvoorstel geeft ons voldoende ruimte om ons burgerschapsonderwijs in te vullen op de manier die wij voorstaan.” De school wil er echt zijn voor de maatschappij. Om de leerlingen daarop voor te bereiden doet het Driestar College onder andere mee aan de scholierenverkiezingen. Ook is er een debatclub en gooide de school hoge ogen bij het NK Debatteren voor scholieren. Tijdens de coronatijd zetten leerlingen zich in voor eenzame en oudere inwoners van Gouda.

Slag maken

De vraag is of gevoelige onderwerpen – Mohammed-cartoons, abortus, seksuele geaardheid, racisme – door de wet sneller besproken worden in de klas. De Kort: “Het zijn eerder de gebeurtenissen in de samenleving die maken dat er gepraat wordt. Scholen moeten daar iets mee. Het is lastig voor leraren om een goed gesprek te voeren met hun leerlingen: als je een gemengde klas hebt en je zaken niet op de spits wil drijven, maar ook als iedereen het met elkaar eens is. Stichting School & Veiligheid heeft een professionaliseringsaanbod voor leraren, daar is nog wel een slag te maken.”

Seksuele diversiteit

Hoe gaat het reformatorische Driestar College om met het bijbrengen van respect voor verschillen in godsdienst, levensovertuiging of seksuele gerichtheid? Bovenbouwdirecteur Möhlmann: “We volgen de Bijbelse lijn; het huwelijk tussen man en vrouw is de door God bedoelde verbintenis. De manier van leven die niet volgens de Bijbel is, wijzen we af.

Tegelijkertijd vertellen we hoe er in de politiek en samenleving over seksuele diversiteit wordt gedacht, welke wetten er gelden. We wijzen niemand persoonlijk af, leerlingen met een andere geaardheid durven daar ook mee te komen. We blijven openstaan voor de ander, in het besef dat we allemaal zondaren zijn. Wie zocht Jezus op? Dat waren vaak niet de brave hendriken!” Soms ontstaat er discussie met ouders, bijvoorbeeld over vaccineren. Möhlmann: “Het belang van het gesprek staat altijd voorop. Wij dragen uit: welke keuze je ook maakt, doe dat in gebed tot God.”

Persoonsvorming

Hoe krijgt burgerschapsonderwijs vorm in het primair onderwijs? Onder andere de PO-Raad biedt ondersteuning via het project Burgerschap op de Basisschool. Katholieke basisschool De Heggerank in het Limburgse Heijen werkt met de methode Actief Democratisch Burgerschap, vertelt directeur Angèl Chen-Straten. Het uitgangspunt is dat burgerschap begint met persoonsvorming; deugden zijn bouwstenen van het karakter. “In de onderbouw begint dat simpel, met een focus op deugden als vriendelijkheid, beleefdheid en ordelijkheid. Dat wordt naarmate leerlingen ouder worden een steeds uitgebreider normbesef, gebaseerd op democratische waarden als tolerantie en solidariteit, en op de universele rechten van de mens.” Burgerschapsonderwijs heeft een brede reikwijdte, wat de directeur betreft. Van sociaal-emotionele vorming tot de Week van de Lentekriebels. En van aandacht voor cyberpesten en verslaving (HALT komt regelmatig voorlichten) tot de veteranen die op Bevrijdingsdag langskomen.

Groepsvergadering

Op iedere eerste schooldag van het jaar krijgen de democratische beginselen vorm in de klas, vertelt Chen-Straten. “Dan laat de leerkracht de kinderen nadenken over de vraag waarom je op school bent en welke voorwaarden er moeten gelden. De uitkomst hangt de rest van het jaar op het databord. Die leer- en gedragsdoelen kun je dus de hele dag door evalueren. Ook komen ze aan bod in de wekelijkse groepsvergadering die door leerlingen wordt geleid.” De dorpsschool heeft leerlingen uit uiteenlopende milieus, ook uit vluchtelingengezinnen. Leerlingen lezen verhalen uit de tradities van de wereldgodsdiensten en filosoferen over wat mensen met een ander geloof of andere levensovertuiging bezielt. Problemen met ouders heeft de school niet, waar het de gekozen richting aangaat. “We betrekken hen veel bij school. Het gaat erom: accepteer en respecteer je elkaar? Ik zie wel een verharding, een sterk ik-belang bij sommige ouders. Daarom besteden we veel aandacht aan vaardigheden en oefenen we die met de kinderen vanaf binnenkomst. We zien de school als oefenplaats om ontdekkend te leren met aandacht voor de kernwaarden: vrijheid, gelijkheid en solidariteit.”

Juiste houding en taal

Net als op het Limburgse dorpsschooltje, verbindt ook De Rietlanden – een scholengemeenschap in Lelystad – het burgerschapsonderwijs met veiligheid, het pedagogisch klimaat en het voorleven van democratische waarden. Tot leerlingenpanels en de schoolraad aan toe. Rector René Leber vertelt dat zijn school na de zomer met twee andere scholen opgaat in een nieuwe onderwijsinstelling, Porteum, op een nieuwe campus. “Wij zijn nu aan het bepalen welke cultuur we daar neerzetten, maar de vraag is of we door die nieuwe wet iets anders gaan doen.” Belangrijk is dat docenten over voldoende kennis beschikken en de juiste houding en taal gebruiken, benadrukt Leber. Zelf werd hij geïnspireerd door onderwijskundige Femke Geijsel. “Bijvoorbeeld: een leerling merkt op dat hij van huis uit iets niet kent. Als de docent dan antwoordt ‘dat is nou net het probleem’, dan vat de leerling dat misschien op als ‘ik ben zelf het probleem’. Terwijl de docent bedoelde dat de onbekendheid het probleem is. Het is heel belangrijk hoe je je uitdrukt.”

Bespreekbaar maken

“Bij burgerschap gaat het erom: kun je moeilijke onderwerpen bespreekbaar maken, voelt iedereen zich vrij om zijn mening te geven? En als zich iets voordoet, pak je dan de gelegenheid om iets aan te kaarten? Wij benutten kansen om dat zoveel mogelijk te doen”, zegt Leber. De moord op Paty was een extreem, en ook voor docenten schokkend, voorbeeld. “Ook de Black Lives Matter-protesten waren aanleiding voor gesprekken in de mentorlessen. Daarover praten maakt uit.” Er komen ook onderwerpen ter sprake waarbij de loyaliteit van sommige leerlingen bij andere opvattingen ligt. “Daar moeten wij als school tegenop boksen, dat tegengeluid is juist nodig. Als ouders ons niet steunen, is dat lastig. Het is beter als je hen kunt meenemen in deze opdracht.” Burgerschapsonderwijs moet in de dagelijkse gang van zaken verweven zitten, vindt Leber. “Scheldt een leerling iemand uit voor homo, dan moeten we hem daarop aanspreken. Niet iedereen heeft daar altijd zin in, maar het is onze maatschappelijke opdracht.” De school nodigt regelmatig theatergezelschappen, ervaringsdeskundigen en andere externen uit. Zo maakte een spreekbeurt van de vader van een jongen die vanwege drugsgeweld om het leven is gebracht, grote indruk.

Professionele ruimte

Waar de nieuwe wet de richting en kaders aangeeft, heeft een ontwikkelgroep van leraren en schoolleiders binnen Curriculum.nu zich gebogen over een invulling van de leerlijn ‘Burgerschap voor po en vo’. Met onderwerpen waarbinnen je leerlingen sociaalmaatschappelijke kennis kunt laten opdoen. Rector Leber benadrukt het belang van voldoende professionele ruimte, om burgerschapsonderwijs zo in te richten dat het past bij de sociale omgeving en signatuur van de school. Curriculum.nu ziet hij daarbij als goed framework. “In Lelystad is veiligheid een issue, dat is in een dorp waarschijnlijk minder. Onze interne veiligheidscoördinator voert maandelijks overleg met de wijkagent. Buurtwerkers komen in de pauzes leerlingen aansporen na school mee te doen aan sportactiviteiten. De overheid moet niet gaan opleggen hoe scholen burgerschapsonderwijs invullen.”

Links

Interessant?
Dit artikel stond in KADER , het vakblad voor schoolleiders, dat AVS-leden exclusief ontvangen. Wil jij KADER ook op de deurmat hebben? Word lid of abonnee, ontvang voortaan een kersvers exemplaar in de brievenbus en versterk de positie van schoolleiders.