De samenwerking tussen onderwijs, kinderopvang en jeugd(zorg) krijgt overal in Nederland vorm, maar de snelheid en het resultaat laat op veel plekken nog te wensen over. Ouders worden vaak van het kastje naar de muur gestuurd en professionals zijn ontevreden over hun mogelijkheden om te doen wat nodig is. Er is geen passend aanbod voor thuiszitters. Dit zijn enkele conclusies uit het advies ‘Met andere ogen’ dat kwartiermaker Rene Peeters onlangs overhandigde aan de Coalitie Onderwijs, Zorg en Jeugd.
Het rapport noemt zeven adviezen om de aansluiting onderwijs en (jeugd)zorg te verbeteren en te versnellen. Enkele daarvan:
Knelpunten
Het advies noemt enkele knelpunten in de huidige situatie. Leerkrachten in het regulier onderwijs houden kinderen met een ondersteuningsbehoefte te lang in de klas. Ouders en kinderen worden nog te vaak van het kastje naar de muur gestuurd. Het blijkt vaak moeizaam en ingewikkeld om voor kinderen die iets extra’s nodig hebben vroegtijdig, snel en effectief een passend onderwijs- en/of hulpaanbod te realiseren. Er zitten nog steeds te veel kinderen thuis zonder een passend onderwijsaanbod. Professionals zijn ontevreden over hun mogelijkheden om te doen wat nodig is en voelen zich tekortgeschoten.
De Coalitie Onderwijs-Zorg en Jeugd bestaat uit vijf onderwijsorganisaties, 6 organisaties op gebied van Jeugdhulp, de VNG, drie ouderorganisaties, ondersteund door vier kennispartners en twee ministeries (OCW en VWS). De komende periode gaan de organisaties met de eigen achterban bespreken wat de adviezen betekenen op uitvoeringsniveau.