Staatssecretaris Dekker van OCW heeft de aanpassing van de bedragen voor de bekostiging van het personeel primair onderwijs voor het schooljaar 2016 – 2017 bekendgemaakt. Het gaat om de definitieve bedragen voor genoemd schooljaar. In de toelichting wordt aangegeven welke wijzigingen zijn doorgevoerd ten opzichte van de Regeling voor het schooljaar 2015 – 2016. De toelichting meldt het volgende.

De opgenomen prijsaanpassingen betreffen ten opzichte van de vastgestelde prijzen voor het schooljaar 2015–2016 de verwerking van de resterende kabinetsbijdrage die is afgesproken in de Loonruimte-overeenkomst publieke sector 2015–2016, het resterende functiemixbudget voor de laatste 5 maanden van 2016, het functiemixbudget voor de eerste 7 maanden van 2017 en een éénmalige bijdrage in het kader van de herstelopslag over de maanden april tot en met december 2016 voor het relevante deel van het schooljaar (augustus tot en met december). Daarnaast is de kabinetsbijdrage voor de eerste 7 maanden van 2017 toegevoegd en zijn nog niet opgenomen doorwerkingen van eerdere salaris- en loonkostenmaatregelen verwerkt.
Ten opzichte van de vastgestelde bedragen voor het schooljaar 2015–2016, komt de aanpassing per 1 augustus 2016 voor de leraren op 2,720 procent en voor het onderwijsondersteunend personeel en voor de schoolleiding op 2,480 procent; de aanpassing van alle bedragen personeels-en arbeidsmarktbeleid bedraagt 2,720 procent. Het bedrag per leerling voor personeel en arbeidsmarktbeleid is enerzijds met 1,57 euro verhoogd in verband met een kleine oploop in de afgesproken budgetten van de investeringsafspraken uit het NOA en anderzijds eenmalig met 4,63 euro verlaagd omdat de middelen voor het Arbeidsplatform PO (APPO) en de middelen voor Georganiseerd overleg en vakbondsfaciliteiten die in 2017 zijn toegevoegd aan de bekostiging voor materiële instandhouding op verzoek van de bonden en de PO-Raad in 2017 toch nog eenmaal centraal worden uitgekeerd.
De opslag voor het Vervangingsfonds is per 1 augustus 2016 ongewijzigd vastgesteld op 4,026 procent van de loonkosten en ook de opslag voor het Participatiefonds is ongewijzigd vastgesteld op 1,00 procent van de loonkosten. De opslagen en percentages in de bekostiging worden normatief vastgesteld en komen daarom niet altijd overeen met de exacte kosten die individuele schoolbesturen op onderdelen moeten maken. Hiermee dient rekening gehouden te worden in de bedrijfsvoering.

Deze regeling is ook van belang voor de samenwerkingsverbanden passend onderwijs vo, omdat zij te maken hebben met het voortgezet speciaal onderwijs dat onder het primair onderwijs valt.

Links

Gerelateerd nieuws

  • Onderwijsraad: het onderwijs moet inclusiever

  • Monitor Hybride onderwijs: reflectie op afstandsonderwijs

  • Sterke schoolleiders belangrijk punt voor politieke verkiezingsprogramma’s

  • Vernieuwde Canon van Nederland gepresenteerd