Personeelstekort daalt in het onderwijs

Een persoon in een pak leunt ontspannen achterover op een groene opwaartse pijl terwijl hij droomt van een raket tegen een blauwe lucht met wolken.

De personeelstekorten in het primair onderwijs nemen af. Maar wie denkt dat daarmee de arbeidsmarktproblemen zijn opgelost, kijkt te kort vooruit. De komende jaren ontstaat tijdelijk meer ruimte, terwijl vanaf 2030 de tekorten naar verwachting weer toenemen. Dat blijkt uit de Arbeidsmarktanalyse Primair Onderwijs 2026 van het Arbeidsmarktplatform PO.

AVS werkte mee aan de analyse. We zetten daarom voor je op rijtje wat je als schoolleider nu al kunt doen om de jaren van ruimte optimaal te benutten.

Lees de Arbeidsmarktanalyse PO 2026 (PDF)

Gebruik de ruimte om te plannen

Het tekort aan schoolleiders nam af: van 1.275 fte in 2023 naar 461 fte in 2025, oftewel 6,2 procent van de werkgelegenheid. Daarmee is het relatieve tekort aan schoolleiders ongeveer even groot als het lerarentekort. In 2025 bedroeg het tekort aan leraren 5.760 fte, 6,3 procent van de totale werkgelegenheid. In 2023 was dat nog 9.760 fte.

De tekorten aan leraren en schoolleiders nemen naar verwachting tussen 2026 en 2029 verder af. Daarna wordt opnieuw een stijging verwacht. Ook regionaal zijn de verschillen groot; in de vijf grootste steden blijven de tekorten relatief hardnekkig.

  • Wat kun je nu doen?
    Gebruik de periode waarin de arbeidsmarkt iets meer ruimte biedt om vooruit te kijken. Welke functies heb je over drie tot vijf jaar nodig? Waar zit kwetsbaarheid in je team? En welke mensen wil je graag behouden?
  • Praktische vraag:
    Als ik drie tot vijf jaar vooruitkijk, welke expertise en functies kan ik dan niet missen?

Heb oog voor werkdruk

Ook werkdruk blijft een belangrijk thema, blijkt uit de analyse. Hoewel het aandeel medewerkers dat veel werkdruk ervaart tussen 2019 en 2024 is gedaald van 72 naar 62 procent, ervaart nog steeds een meerderheid veel werkdruk. Onder directieleden en leraren ligt dit aandeel met 66 procent zelfs hoger.

Staar je dus niet blind op vacatures, werkdruk en werkplezier bepalen mede of mensen ergens willen blijven werken. Duurzame inzetbaarheid, vitaliteit en gezonde werkomstandigheden blijven daarom belangrijke onderdelen van het personeelsbeleid.

  • Wat kun je nu doen?
    Kijk niet alleen naar openstaande vacatures, maar ook naar wat mensen nodig hebben om hun werk duurzaam te blijven doen. Waar zit onnodige belasting? Welke taken kunnen anders worden verdeeld? En waar kan ondersteuning het verschil maken?
  • Praktische vraag:
    Wat kost ons momenteel onnodig veel tijd en energie – en wat kunnen we daar aan veranderen?

Focus op professionele ontwikkeling

De analyse onderstreept het belang van professionele ontwikkeling. Een professionele werkomgeving en ruimte voor ontwikkeling dragen bij aan het aantrekkelijk houden van het beroep, het behouden van medewerkers en de kwaliteit van het onderwijs.

Investeer in een sterke leercultuur en leiderschapsontwikkeling. Dat betekent dat medewerkers ruimte krijgen om zich te ontwikkelen, kennis te delen en nieuwe rollen te verkennen.

  • Wat kun je nu doen?
    Breng ontwikkeling nadrukkelijk in verband met je personeelsplanning. Welke kwaliteiten heb je straks nodig? Wie kan daarin groeien? En welke ontwikkeling helpt medewerkers om hun huidige werk beter en duurzamer te doen?
  • Praktische vraag:
    Welke mensen in mijn team hebben de potentie om over twee of drie jaar een andere of bredere rol te vervullen?

Kijk naar de mix van professionals

De arbeidsmarkt in het po verandert ook in samenstelling, schrijft de analyse. Het aantal onderwijsondersteuners, leraren in opleiding en schoolleiders is de afgelopen vijf jaar toegenomen, terwijl het aantal leraren is afgenomen.

Dat betekent dat er opnieuw gekeken moet worden naar de taakverdeling: de leerkracht moet vooral doen waar hij of zij goed in is en daar de tijd voor moet krijgen. Onderwijsassistenten, leraarondersteuners en andere professionals kunnen werkzaamheden overnemen.

  • Wat kun je nu doen?
    Kijk kritisch naar je personeelsmix. Welke taken doen nu leraren die ook door een onderwijsassistent of leraarondersteuners kunnen worden gedaan? En waar is de expertise van de leraar écht nodig?
  • Praktische vraag:
    Zetten we onze mensen in op taken waarvoor hun expertise het hardst nodig is?

Bereid je voor op werken met AI

Ook technologische ontwikkelingen, waaronder kunstmatige intelligentie, veranderen de onderwijsarbeidsmarkt aldus de analyse. AI kan bepaalde werkzaamheden ondersteunen en daarmee mogelijk tijd vrijmaken voor medewerkers.

Tegelijkertijd vraagt het gebruik ervan om duidelijke keuzes rond bijvoorbeeld privacy, gegevensbescherming, kwaliteit en de menselijke maat.

  • Wat kun je nu doen?
    Wacht niet tot AI vanzelf onderdeel wordt van je organisatie. Bespreek met je team waar technologie kan helpen en waar menselijke expertise juist essentieel blijft.
  • Praktische vraag:
    Welke werkzaamheden kunnen we slimmer organiseren, zodat professionals meer tijd overhouden voor waar zij echt nodig zijn?

Tot slot

De Arbeidsmarktanalyse Primair Onderwijs 2026 laat zien dat de arbeidsmarkt tijdelijk wat meer ruimte geeft, maar dat structurele uitdagingen blijven bestaan. Voor AVS onderstreept de analyse het belang van een sterke positie van jou als schoolleider.

De belangrijkste vraag is daarom misschien niet hoeveel mensen je volgend schooljaar nodig hebt, maar: Hoe willen we ons onderwijs organiseren – en welke mensen en kwaliteiten hebben we daarvoor nodig?

Dat gesprek kun je nu voeren. Juist nu de druk op de arbeidsmarkt tijdelijk iets afneemt.