Middelbare scholen zetten inmiddels online docenten in voor tekortvakken. Ook sommige basisscholen denken dat afstandsonderwijs het lerarentekort kan helpen verkleinen. Alishet niet onomstreden. ‘Dit vraagt wel om een andere visie op onderwijs.’

“Bis nächste woche, tschüss”, zegt docent Merel Hoogendoorn vrolijk vanaf het digibord. “Tschüss”, zwaaien de leerlingen in hun lokaal terug. Het Da Vinci College in Leiden is een van de eerste scholen die ervaring opdoet met een docent op afstand. Drie lesuren per week geeft Hoogendoorn Duits via een videoverbinding vanuit haar huis in Gouda. “De eerste indruk is heel positief”, vertelt Albert-Jan Vonk, adjunct-directeur van de Leidse vmbo-locatie Lammenschans. “We merken dat vacatures lastiger te vervullen zijn en zijn benieuwd of deze manier van lesgeven voldoende leereffect oplevert. We zien dit als een testcase, waarbij we wel een veiligheidsklep hebben ingebouwd. Mocht het niet lukken, dan is er volgend jaar ruimte om deze leerlingen extra Duits te geven.”
De technische ondersteuning en de levering van docenten verzorgt Like2Teach, het bedrijf dat oud-docenten Hans Hoornstra en Dieter Möckelmann voor afgelopen zomer oprichtten. Ruim zestig leraren hebben zich inmiddels gemeld, ook uit het buitenland. “Een docent in Chicago wil graag Frans geven als het rooster dat toelaat.
Waarom zouden we dat niet doen? Technisch is het heel makkelijk om iedereen van waar dan ook lessen te laten verzorgen”, vertelt Möckelmann. En daarin zit volgens hem de meerwaarde ten opzichte van andere bemiddelingsbureaus die zich richten op het onderwijs. “Wij verhandelen geen tekorten. Onze docent Duits werkt ook nog steeds op haar school in Gouda. De school in Leiden is ermee geholpen en de andere school heeft er geen probleem door. Daardoor is het een oplossing voor het lerarentekort.”
Want tekorten zijn volgens hem vooral een geografisch probleem: de leraren zijn er wel, maar niet op de plekken waar de nood het hoogst is. Een online leraar heeft geen reistijd, waardoor het werk makkelijker te combineren is met een parttimebaan of zorgtaken. “Zo is het mogelijk om even een paar uur les te geven op het moment dat je kinderen naar school zijn. Daarmee kunnen we tekorten verkleinen”, meent hij.
 
Onwenselijk
De inzet van een online docent is echter niet onomstreden. Begin dit jaar diende de SP, met steun van PvdA, GroenLinks en PVV, een motie in om in de wet vast te leggen dat een leraar lijfelijk aanwezig moet zijn tijdens de les. Aanleiding is het oordeel van de rechter dat een leraar die via Skype aan drie klassen tegelijk Duits gaf niet in strijd met de wet handelde. De partijen vinden afstandsonderwijs zeer onwenselijk omdat ‘de didactische en pedagogische taak van een leraar niet voldoende tot uiting kan komen via een computerscherm’. Minister Slob van Onderwijs ontraadde de motie echter. Letterlijke uitvoering staat volgens hem ook alle andere vormen van onderwijs, zoals projectonderwijs, excursies of stages, in de weg en dit staat haaks op de modernisering van de onderwijstijd. Afstandsonderwijs mag volgens hem in bepaalde omstandigheden, zoals krimp, maar alleen als dat in het onderwijsprogramma is opgenomen en als de medezeggenschapsraad ermee heeft ingestemd.
 
Cyberlessen
Aan afstandsonderwijs kleven haken en ogen, Möckelmann is de eerste om dat toe te geven. Een-op-eencontact of een band opbouwen is bijvoorbeeld minder eenvoudig. “We zeggen ook niet dat alle vakken cyberlessen moeten worden, dat zou nergens op slaan. Ik snap dat dit thema onder het vergrootglas ligt, want het is iets nieuws. De vraag hoe het staat met de kwaliteit, mag je echter altijd stellen, ongeacht of het afstandsonderwijs betreft. Op dit moment krijgen leerlingen allerlei alternatieve vormen van onderwijs, omdat ze anders naar huis worden gestuurd. Dat vind ik pas experimenteren waar je je vraagtekens bij kunt zetten.”
 
Spanningsboog
Ook de zorgen orde zijn niet nodig, meent Möckelmann. Elke docent krijgt een training online lesgeven en komt vooraf een keer op school om alle leerlingen te ontmoeten en een les te geven. Tijdens de cyberlessen is altijd een assistent in de klas aanwezig. “Toen de eerste digiborden de klas in kwamen, was het ook de vraag of de leerlingen er wel hun aandacht bij konden houden”, herinnert hij zich. “Nu zijn jongeren al veel meer gewend om via een beeldscherm kennis te vergaren, bijvoorbeeld door naar een vlogger te kijken. Het hele idee dat de leerling een korte spanningsboog zou hebben, speelt niet. Sterker nog: in tegenstelling tot zo’n vlogger kan een docent een leerling gewoon zien en horen. En interactie is mogelijk: de docent kan vragen om even het schrift te laten zien.”
 
Leeropbrengsten
Afstands­onderwijs biedt ook onverwachte voordelen, meent Möckelmann. “Het kan een enorme vlucht betekenen voor de digitalisering op school. Online toetsen, huiswerk klaarzetten in de elektronische leeromgeving of werken in de cloud zal hierdoor gebruikelijker worden. De docent wiskunde uit Hoensbroek kan namelijk niet even aanschuiven voor een sectieoverleg in Gouda, en de SO’tjes hoeven tegenwoordig niet meer in een enveloppe zijn kant op.”
Dit kan voor andere collega’s de drempel verlagen om ook vanaf huis aan te schuiven voor vergaderingen, denkt adjunct-directeur Vonk. “Het zou een mooie bijvangst zijn als dit de mantra ‘dit is geen werkdag, dus ik kan er niet bij zijn’ doorbreekt. Daarnaast zie ik andere voordelen. Zo vraagt gepersonaliseerd onderwijs veel voorbereiding. Docenten op afstand moeten dit vooraf zo goed voor elkaar hebben dat elke leerling op zijn eigen niveau direct aan de slag kan. Voor docenten in de klas ontbreekt die urgentie omdat zij ter plekke kunnen ingrijpen als dat nodig is. We denken dat daar leeropbrengsten inzitten.”
 
Basisonderwijs
Nu de eerste vo-scholen van start zijn gegaan met docenten op afstand, richt Like2Teach zich ook op het basisonderwijs. Zeker vijftien leerkrachten hebben zich al gemeld om online les te geven in hoofdvakken taal, rekenen en spelling. Hoe, dat wordt nog uitgewerkt. Het idee is dat leerlingen per groepje op niveau instructie krijgt, waarna ze zelfstandig op hun tablet aan de slag gaan. De leerkracht kan op afstand de vorderingen volgen en bijsturen waar nodig. Ook hier is moet in de klas een assistent of ouder alles goed laten verlopen. “Hoe mooi zou het zijn als je op die manier kunt zorgen dat leerlingen in elk geval voor de hoofdvakken les blijven krijgen van een bevoegde leerkracht?”, vraagt Möckelmann.
 
Aai over de bol
Emile van Laar, directeur van de Beatrixschool in Nieuwegein, was direct enthousiast en start binnenkort met een pilot. De school loopt al voorop met het Lokaal van de toekomst, waar een interactief scherm van zes meter lang leren op afstand mogelijk maakt. Kinderen van beide locaties kunnen samen ­scrummen, thematisch onderzoek doen en gastcolleges volgen. “Een docent die echt aanwezig is en kinderen een aai over de bol kan geven, heeft natuurlijk de voorkeur. Alleen is de realiteit dat we geen leraren in de wacht­kamer hebben zitten. Bovendien past online lesgeven ook bij onze wens kinderen 21e-eeuwse vaardigheden mee te geven. Samenwerken op afstand zal in de toekomst alleen maar toenemen. Het is belangrijk dat ze leren hiermee om te gaan.”
 
Griepgolf
Hoewel alle vacatures vervuld zijn, kijkt Van Laar ‘met angst en beven’ naar de volgende griepgolf. Met instemming van het bestuur gaat hij het online les­geven uitproberen voordat het tekort urgent wordt. Hij ziet afstandsonderwijs als mooie oplossing voor het lerarentekort, maar zet ook een kanttekening. “Dit kan niet voor een groep van dertig kinderen waarin klassikaal wordt lesgegeven met een digibord. Het vraagt om een andere visie op onderwijs.”
De school geeft al groepsdoorbrekend les op leerlijnen in de onder-, midden- en bovenbouw. De leerlingen in de bovenbouw beginnen in hun eigen groep en volgen in kleine groepjes op verschillende plekken de instructies voor de lessen op hun niveau. Van Laar: “Die instructies kunnen ook prima door een online docent worden gegeven, waarbij leerlingen hun vragen stellen en vervolgens zelf aan de slag gaan op hun tablet. Hier zijn veel studenten, assistenten en vrijwilligers die kinderen kunnen ­begeleiden. Orde zal geen probleem zijn.”
 
Vesuvius
Een goede internetaansluiting, computers, tablets en digiborden: verreweg de meeste scholen hebben hun infrastructuur prima op orde, weet Möckelmann. “Scholen zijn er klaar voor. Afstandsonderwijs is als noodoplossing geboren, maar het is ook een mooie kans. Het maakt de stap naar innovatief onderwijs kleiner. Kijk alleen al naar wat je met Virtual Reality in de les kunt doen, zoals veilig de uitbarsting van de Vesuvius bekijken. Die leereffecten zul je in de praktijk nooit kunnen opdoen. Ik denk dat afstands­onderwijs een verrijking van het onderwijs kan zijn.”

Gerelateerd nieuws

  • Voortzetting prestatieboxgelden

  • Nieuwe versie servicedocument Covid-19 van OCW

  • Meerderheid ouders geen voorstander van extra coronamaatregelen

  • Inschrijving EU-schoolfruit geopend