Op 20 september verscheen het Jaarrapport Integratie 2005. Het rapport werd op verzoek van de minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie opgesteld door onderzoekers van het Sociaal en Cultureel Planbureau SCP, het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum WODC en het Centraal Bureau voor de Statistiek CBS.

Uit het gezamenlijk onderzoek blijkt dat Turkse en Antilliaanse leerlingen in groep 8 nog een taalachterstand van bijna tweeëneenhalf jaar op autochtone niet-achterstandsleerlingen hebben. Marokkaanse leerlingen lopen twee jaar achter en Surinaamse – net als autochtone achterstandsleerlingen nog ongeveer één jaar. Vooral bij het rekenen zijn de resultaten beter. Turkse, Marokkaanse en Surinaamse leerlingen in groep 8 lopen op dit onderdeel ongeveer een half jaar en Antilliaanse leerlingen driekwart jaar achter op de autochtone niet-achterstandsleerlingen. De leerachterstand van alle allochtone groepen ten opzichte van de autochtone niet-achterstandsleerlingen is nog beduidend groter dan die van autochtone achterstandsleerlingen. De afgelopen 15 jaar hebben Turkse en Marokkaanse leerlingen circa één derde van hun taalachterstand ingelopen. Bij het rekenen werd bijna de helft van de achterstand ingelopen. Antilliaanse leerlingen maakten ruim 10% van hun taalachterstand goed, maar maakten weinig vorderingen op rekengebied. In deze 15 jaar tijd hebben zwarte scholen de taalachterstand ten opzichte van witte scholen met de helft teruggedrongen en de rekenachterstand met driekwart. Taalachterstand blijkt hardnekkig en blijft vragen om extra aandacht. OCW zet daarom nog meer dan voorheen expliciet in op taalonderwijs aan achterstandsleerlingen.

Actueel
Kader Primair 3 – November 2005

Let op: Dit artikel is meer dan vijf jaar geleden gepubliceerd en bevat wellicht incorrecte, onvolledige of ongeldige informatie.

Gerelateerd nieuws