Het aandeel achterstandsleerlingen in het basisonderwijs is tussen 2011 en 2015 met een kwart afgenomen. Dit schooljaar zijn 134.000 leerlingen  achterstandsleerling. Ook zijn er minder Turkse en Marokkaanse achterstandsleerlingen. Van de vier grote gemeenten heeft Rotterdam de meeste achterstandsleerlingen. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

In schooljaar 2011-2012 was 12 procent van de basisschoolleerlingen een achterstandsleerling. Vorig schooljaar was dat aandeel teruggelopen tot 9 procent. Of een leerling wordt aangemerkt als een ‘achterstandsleerling’ hangt af van het opleidingsniveau van de ouders. De term zegt dus niets over de intelligentie van de leerlingen zelf. De afname van het aantal achterstandsleerlingen wordt vooral veroorzaakt door het stijgende opleidingsniveau van de bevolking.

De daling van het aandeel achterstandsleerlingen onder Turkse en Marokkaanse basisschoolleerlingen gaat gelijk op met de daling van het aandeel binnen de autochtone groep. In 2011 was bijna 50 procent van de Marokkaanse leerlingen een achterstandsleerling. In 2015 is dat teruggelopen tot 34 procent. Onder Turkse scholieren is het gedaald van ruim 40 procent naar 30 procent.

Het aandeel achterstandsleerlingen in de vier grootste gemeenten (G4) is de afgelopen jaren met eenderde afgenomen. Van de vier groter gemeenten heeft Rotterdam het grootste aandeel achterstandsleerlingen.
 

Links

Gerelateerd nieuws