“I don’t ask for much, I only want trust. And you know it don’t come easy”

Ringo Starr, it don’t come easy, 1971

Goed onderwijs valt of staat met de kwaliteit van de leraren. Ik gebruik bewust meervoud: leraren.  Hoe goed je als individuele leraar ook bent, het is de kwaliteit van de leraren gezamenlijk die bijdraagt aan goed onderwijs. Eén zwaluw maakt nog geen lente, één goede leraar maakt nog geen goed onderwijs.

Goede leraren kunnen alleen goed zijn en nog beter worden als ze werken binnen een context die hen  ondersteunt. Goede leraren kunnen alleen goed werk verrichten als de schoolorganisatie is ingericht als een rijke leeromgeving voor professionals, gericht op het ontwikkelen van goede onderwijspraktijken. Daarvoor zijn schoolleiders cruciaal.

In zo’n rijke leeromgeving werken leraren samen, omdat ze elkaar nodig hebben.  Omdat leraren elkaar nodig hebben, is vertrouwen nodig. Dat geldt voor iedereen binnen de organisatie. Vertrouwen is van essentieel belang op scholen. Zonder vertrouwen komt niemand tot leren.

Vertrouwen is de bereidheid om je kwetsbaar op te stellen vanuit het geloof dat jouw belangen of iets waar je om geeft niet door de ander beschadigd zullen worden.

Vertrouwen is van essentieel belang omdat werken in het onderwijs ‘een werkrelatie met anderen aangaan’ betekent. Vertrouwen is de smeerolie voor het aangaan van relaties. Vertrouwen en relatie zijn twee keerzijdes van dezelfde medaille: Zonder vertrouwen ga je geen relatie aan en door een relatie aan te gaan ontstaat vertrouwen.  Leraren moeten elkaar vertrouwen om goed samen te kunnen werken, ze moeten ervan uit kunnen gaan dat hun collega’s het beste met de kinderen voor hebben. Als schoolleiders moet je net ietsje meer doen om het vertrouwen van je leraren te krijgen. Als schoolleider is jouw gedrag van belang voor het realiseren van een lerende, open en op vertrouwen gerichte cultuur.  

Er is aardig wat onderzoek gedaan waaruit blijkt dat in scholen waarin onderwijsprofessionals elkaar vertrouwen de leerlingresultaten goed zijn, er een groter collectief professioneel zelfvertrouwen is en leraren zich professioneel ontwikkelen. Leraren kunnen door samen te werken van en met elkaar leren en beter onderwijs ontwikkelen.

In scholen waar geen vertrouwen is, vallen de leerlingresultaten tegen. In die scholen trekken leraren zich terug binnen de eigen -relatief veilige- klassenmuren en experimenteren ze niet met nieuwe onderwijsvormen, uit angst om fouten te maken en daarop afgerekend te worden. Ze zullen niet het risico durven nemen om hulp te vragen bij hun collega’s omdat dit vraagt om kwetsbaar opstellen. Je kwetsbaar opstellen durf je alleen als er voldoende onderling vertrouwen is. Op scholen waar geen cultuur van vertrouwen is, zijn leerlingen erg afhankelijk van de kwaliteit van de individuele leraar. Je zult als kind maar de pech hebben dat je steeds niet de beste leraren treft.

De schoolleider kan een belangrijke rol spelen in het bouwen aan vertrouwen. Je zet als schoolleider de toon, je geeft het voorbeeld in hoe je handelt en hoe je de mensen in de school behandelt.  Vertrouwen lijkt besmettelijk te zijn:  als de schoolleider een cultuur van vertrouwen weet te bouwen, gaan leraren elkaar en hun leerlingen meer vertrouwen en gaan de leerlingen hun leraren meer vertrouwen. Vertrouwen is echter niet vanzelfsprekend, het vraagt om constant onderhoud.  

Om een cultuur van vertrouwen te bouwen moet je als schoolleider door de leraren gezien worden als een te vertrouwen persoon, je moet hun vertrouwen waard zijn. Als leraren zien dat hun schoolleider eerlijk is en open, dat hij of zij beschikt over de juiste competenties, dat hij of zij er voor de ander wil zijn en dat zijn of haar gedrag consistent is, dan vertrouwen ze hun schoolleider. Als schoolleider moet je  in staat zijn om interpersoonlijk te werken en je moet laten zien dat je kennis, expertise en vaardigheden in huis hebt om leiding te geven aan onderwijsontwikkeling en aan een lerende school.

Als schoolleider is het de kunst om én taakgericht én relatiegericht te werken. Het gaat erom dat je hard kunt zijn op de taak, maar zacht op de relatie. Dat vraagt veel van schoolleiders. Zij zijn erbij gebaat als zij binnen een bestuur werken waarin ook op dezelfde manier vanuit vertrouwen wordt gewerkt in de hele organisatie. Schoolleiders weten dan dat ze gesteund worden door elkaar en door staf en bestuur en dat ze een beroep kunnen doen op elkaars expertise.  Als schoolleiders elkaar, de staf en het bestuur vertrouwen, gaan ze meer samenwerken waardoor er meer collectief zelfvertrouwen kan ontstaan en schoolleiders zich  verder kunnen ontwikkelen.

Leraren willen graag zien dat je als schoolleider steeds blijft werken aan je persoonlijke ontwikkeling. Ze willen merken dat je integer en fair handelt, dat je het ruiterlijk toegeeft als je een fout hebt gemaakt- of een verkeerde beslissing hebt genomen, dat ze merken dat je het beste met de kinderen en het team voorhebt,  dat je jezelf laat zien, dat je laat zien waar je in gelooft, dat je je gevoelens laat zien, dat je je kwetsbaar durft op te stellen, dat je om hulp durft te vragen, dat je betrouwbaar bent en dat jouw gedrag redelijk voorspelbaar is.  Eigenlijk precies hetzelfde wat een leerling van haar leraar verwacht.

Als schoolleider werk je ook aan het vergroten van vertrouwen als leraren invloed hebben op de besluitvorming op school, zeker als het om onderwijskundige beslissingen gaat. Op die manier laat je blijken dat je vertrouwt op de expertise van leraren en dat jij ervan uitgaat dat ook zij het beste met de kinderen voor hebben.

Als leraren jou als schoolleider vertrouwen, durven ze ook open te praten over hun problemen en durven ze zich dus kwetsbaar op te stellen.  Als leraren elkaar en jou vertrouwen draagt dat bij aan het probleemoplossend vermogen van de school en daarmee aan beter onderwijs en een lerende cultuur. Leraren weten dat ze op elkaar en op de schoolleider kunnen bouwen, ze weten dat ze er voor elkaar zijn – in goede en in slechte tijden – en dat ze gebruik kunnen maken van elkaars expertise. Leraren en schoolleiders bieden elkaar psychologische steun.  Vertrouwen vloeit voort uit hoe mensen jouw gedrag waarnemen. Wat doe jij elke dag om vertrouwen te kweken?

Door te investeren in het ontwikkelen van goede relaties en in het beter worden in je werk, bouw je tegelijkertijd aan vertrouwen- en door vertrouwen ontstaan goede relaties en het steeds beter worden in je werk.   Vertrouwen is wat mensen nodig hebben, maar het gaat niet vanzelf. Niet voor niets zong Ringo Starr: I only want trust. And you know it don’t come easy.” Of anders gezegd (denk het Amsterdamse accent er zelf bij:) Bouwen aan vertrouwen is van belang om vol te houwen.

Loes van Wessum is docent van de Leergang Leidinggeven aan een lerende school.

AVS Academie

De AVS Academie biedt een samenhangend, modern en actueel professionaliseringsaanbod voor elk niveau van leiderschap en ten aanzien van diverse thematiek (governance, organisatie- en leiderschapsontwikkeling, bedrijfsvoering, financiën, personeelsbeleid, communicatie, schoolomgeving en Passend onderwijs).

Meer informatie over ons aanbod