Onze beide dochters doen beiden de opleiding Social Work: de een heeft net haar diploma, de ander zit in haar laatste jaar. Wat me telkens opvalt? Ze leren niet alleen werken met kinderen en jongeren, maar ook met hun omgeving, zoals ouders. Studenten krijgen interpersoonlijke vaardigheden mee om het hele systeem rondom een kind te begrijpen en ermee samen te werken. Wie het kind wil begrijpen, kan niet om de ouders heen. Samenwerken met ouders is geen extra taak, maar een noodzaak voor goed onderwijs.

Lerarenopleidingen lopen achter

Op pabo’s en andere lerarenopleidingen ligt de focus vooral op vakinhoud, pedagogiek en didactiek. In de officiële bekwaamheidseisen komt oudercontact nauwelijks aan bod. Er staat alleen dat de leraar “zijn pedagogisch handelen kan afstemmen met ouders en anderen”. Meer niet. Ik hoor vaak: “Ik werk toch met kinderen, daarvoor heb ik gekozen.” Maar wie een kind écht wil begrijpen, moet ook zijn ouders leren kennen. Social Work-opleidingen besteden daarom aandacht aan bijvoorbeeld systemisch denken: je kijkt naar het kind in zijn totale context. Dat maakt je geen maatschappelijk werker of therapeut, het helpt je juist je onderwijs effectiever te maken.

Veel lerarenopleidingen beperken ouderbetrokkenheid tot het voeren van moeilijke gesprekken. Dan leer je bijvoorbeeld zeggen: “Ik zie dat u boos bent.”, een zin die sommige ouders juist extra irriteert. Of je past de bekende “sandwich-methode” toe: iets positiefs zeggen, slecht nieuws brengen, weer positief eindigen. Mijn vrouw en ik voelden zelf vaak haarfijn aan dat er ‘iets’ kwam en stonden meteen op scherp; dan haakten we juist af in plaats van dat het gesprek soepel liep.

Kwaliteiten die nodig zijn

Samenwerken met ouders is vaak een van de belangrijkste, maar ook uitdagende onderdelen van het leraarsvak. Een aantal kwaliteiten valt steeds weer op als het gaat om samenwerken met ouders: verbinden (communiceren en relaties opbouwen), inleven (ouders begrijpen zonder oordeel, kennis van bijvoorbeeld acceptatieprocessen) en een professionele houding (zelfreflectie en grenzen stellen met begrip). Dit zijn geen “extra taken”, maar basiskwaliteiten die bij een leraar horen.

Is het realistisch om dit van leraren te vragen? Absoluut. Veel leraren beheersen deze vaardigheden al, soms zonder het zelf te beseffen, en hebben daardoor zelden of nooit problemen met welke ouders dan ook. Maar het is ook noodzakelijk. Zonder goede samenwerking met ouders blijft het beeld van een kind onvolledig en begrijp je het minder goed, waardoor je het kind onbedoeld tekortdoet, maar neemt ook het werkplezier af. Steeds vaker hoor ik dat leraren of zelfs schoolleiders het onderwijs verlaten vanwege vervelende ervaringen met ouders. Dat is niet nodig. Met de juiste opleiding en aandacht kunnen leraren goed samenwerken met ouders. En dat levert niet alleen betere resultaten voor kinderen op, maar ook meer werkgeluk voor de leraar zelf.