Ferdinand

Sinds enige tijd bezoek ik een fysiotherapeute. Een strenge, eentje met een mening.

Eentje die ’s avonds ook werkt, omdat veel van haar klanten alleen maar ’s avonds kunnen. Ik opteer ook voor ’s avonds, daar ik overdag keihard werk voor de goede zaak. Het liefst zou ik ook ’s avonds naar de tandarts gaan, maar die hebben een min of meer omgekeerde klantbenadering. Zo kreeg ik onlangs een mail dat ik volgende week een afspraak had op dinsdagmiddag half twee. Alsof ik volgende week op dinsdagmiddag niet keihard aan het werk zou zijn.

Nee, dan mijn felle fysiotherapeute. Die werkt gewoon ook ’s avonds. En klaagt daar niet over.

‘Mij hoor je niet! Ik werk met veel plezier!’

Vervolgens gaat ze he-le-maal los op het hedendaagse onderwijs.
‘Weet je wie ik ’s middags vooral op de bank heb liggen? Leraren!’ Die kunnen overdag altijd. En maar klagen over werkdruk. Ik heb ook werkdruk.
Ik moet ’s avonds na tienen de administratie nog doen. Maar mij hoor je niet!’

Op mijn buik liggend, terwijl ze venijnig naalden in mijn achillespees steekt, hoor ik haar aan. Mijn hoofd ligt in een gat, dat omwikkeld is met een ruwe handdoek. Ik zie enkel de vloer en het onderstel van de massagebank, waarop ik ongemakkelijk lig. Communiceren door zo’n gat en met zo weinig horizon is lastig. Zo nu en dan hum ik wat en probeer ik te knikken. De handdoek schuurt mijn voorhoofd.

‘Als ik het allemaal moet geloven,’ gaat ze verder, ‘Is het werken in het onderwijs één grote bak ellende. Mensen moeten onder immense druk hun werk doen, verdienen veel te weinig, werken met kinderen en zijn meestal vrouw.’
Mijn fysiotherapeute zit er lekker in en begint stevig mijn kuit te masseren. Als ik zo nu en dan door de handdoek heen kreun, heeft ze door dat mijn onderbeen niet van beton is.

‘Oh sorry hoor, maar ik vind het allemaal zo’n gezeik!’

Even houdt ze stil. Om vervolgens in dezelfde felheid verder van leer te trekken. ‘Ik zou niet in het onderwijs willen werken. Er wordt daar veel te veel geklaagd. Kies dan ander werk, zou ik zeggen! Dat lerarentekort? Hebben ze helemaal aan zichzelf te danken!’

Ik kreun weer als mijn kuit er bijna afgedraaid wordt.

Ergens heeft mijn fysiotherapeute wel gelijk.
Ik ken geen sector met zo weinig beroepseer en waarin inderdaad zoveel gejeremieerd wordt. Dat geweeklaag moet iets doen met de mensen die er werken. En als ze niet klagen, staan ze wel ergens te dansen of met vlaggetjes te zwaaien. Voor de beeldvorming ook niet bevorderlijk. Als er gestaakt moet worden met gebalde vuisten richting de politiek, wordt er Koningsdag gevierd op het Malieveld. Als tanden getoond moeten worden, worden er kinderliedjes gezongen.

Het onderwijs in Nederland is als het Nederlands Elftal, iedereen heeft er verstand van. Iedereen mag er ook van alles van vinden en zeggen. Er worden beelden gecreëerd die weinig recht doen aan de werkelijkheid. Als ik zou werken in het onderwijs, zou ik ook gillend weglopen. Wie kan er werken in een glazen bol, dat na elke Cito-toets, tien-minutengesprek of kwartaaloverzicht opgeschud moet worden?
Wie kan er werken onder zo’n regime van publieke verantwoording en in een vertoog van onverdraagzaamheid en zero tolerance? Daar waar kinderen geleerd wordt dat fouten maken mag – ‘Want daar leren we van, hè? – zijn onze leraren bange poeperds geworden.
Fouten maken in het hedendaags onderwijs betekent dat de handen eraf worden gehakt en lichamen na openbare ophanging op het marktplein gevierendeeld worden.
Om daarna aan varkens en honden te worden gevoerd.

Onze leraren laten veel te veel hun oren hangen naar maatschappelijke opvattingen en politieke tijdelijkheden en hebben afgeleerd burgerlijk ongehoorzaam te zijn. Onze leraren moeten het sociaal wenselijk gedrag en hun ongegronde angsten ver van zich af werpen, opstaan en hun tanden laten zien.

Zij zijn de voorbeelden van onze kinderen, zij gaan hen dagelijks voor.

Het wordt tijd dat onze leraren met de felheid van mijn fysiotherapeute de mouwen opstropen en met gezonde weerbaarheid hun gekozen vak uitoefenen. Wij willen zelfbewuste onderwijsprofessionals voor de klas, rolmodellen voor onze kinderen. Wij willen stoere juffen en sterke meesters die elke dag fouten maken – en daar van leren!

Dát zien onze kinderen ook.

Het wordt tijd dat in plaats van weeklagen het vak vol trots uitgedragen wordt. Na fysiotherapie is werken in het onderwijs het mooiste dat er is.

Als mijn fysiotherapeute haar handen afdroogt aan de ruwe handdoek en ik mijn pijnlijke kuit masseer, verontschuldigt zij zich.

‘Ja sorry hoor, ik liet me een beetje gaan. Ik had mijn mond moeten houden, want wat weet ik nou van het onderwijs?’

Ik knik en trek mijn kleren weer aan.

‘Volgende week maandagavond half acht?’

6 februari 2020