Ferdinand

Leeswaarschuwing

In deze column ga ik alle kanten op. Leuk om te lezen, maar vreselijk tijdrovend.

Daarom alvast een samenvatting vooraf

Met onnodige omhaal van woorden probeer ik uit te leggen hoe belangrijk het is om aanbod en verwachtingen goed op elkaar af te stemmen, teneinde in vrede en geluk met elkaar verder te kunnen blijven gaan. Als deze samenvatting verlichtend genoeg is, is verder lezen niet nodig.

De uiteenzetting

als toch besloten wordt door te lezen

Veertien jaar geleden hebben Arie en ik de kaarten op tafel gelegd. Veertien jaar geleden stelden we vast dat we elkaar heel erg leuk vonden, zodanig dat een innige relatie werd overwogen. Dat vonden we best heftig, we voorzagen allerlei kwesties als twee zulks uitgesproken karakters bij elkaar gebracht worden. Om aanbod en navenante verwachtingspatronen goed op elkaar af te stemmen, was openheid geboden. Want hoe dan ook, we wilden verkering krijgen met elkaar.

Het op tafel leggen van onze kaarten was niet romantisch, we lieten ons dan ook niet verleiden tot kaarslicht en zoete woorden. Nee, we hadden behoefte aan duidelijkheid. En we gingen ons ook niet mooier voordoen, dan we al waren.

Als Arie dan echt met mij in zee wilde, kreeg ze er drie meiden bij, een heel voetbalelftal, een rockband en een oneindige hang naar vrijheid. Natuurlijk compenseerde mijn lichaam en geest veel, maar dit waren toch wel hoge troefkaarten. Arie bleek ook een heel aardige hand te hebben; er viel niet te tornen aan haar vrijheidsbeleving, zij zou nooit, maar dan ook nooit om half zeven ’s nachts op het voetbalveld staan om een van de girls aan te moedigen, ze hield haar eigen huis aan en stopte veel energie in haar eigen sociale leven. ‘Ik ben ook graag alleen, Fredmans!’ zei ze en schonk zelf haar wijn bij.

We hadden twee avonden nodig om al onze kaarten te bespreken. Op de derde avond gingen we hartstochtelijk akkoord met elkaar. Veertien jaar later is Arie nog steeds Arie waarvan ze zei dat ze was. Alhoewel, niet helemaal. Zo stond zij wel langs de lijn op zaterdagmorgen, in de mist met koude voeten. Stond ze wel aan te moedigen in veel te warme sporthallen. De drie meiden werden haar meiden, die kaart hoefde nooit uitgespeeld te worden.

Ik bewoog ook wel, tuurlijk. Voetbal is niet altijd het allerbelangrijkste in het leven. Zeker niet. En tijdens onze optredens had ik enkel oog voor haar, absoluut. En als Arie wilde wandelen, wandelde ik met haar mee. Zonder te morren. Althans, dat probeerde ik.

Waar we vooral in slaagden, was het vasthouden aan de basis van onze eerste afspraken. En dat we nooit een kaart tegen de borst hielden. De kaarten op tafel, we doen het nog steeds. De ene keer wat makkelijker dan de andere, maar we blijven het spel bespreken.

Nu wil ik onszelf beslist niet als voorbeeld stellen, want laten we eerlijk zijn, we zijn verre van voorbeeldig. Het gaat me in deze om de kaarten. In mijn werk merk ik keer op keer dat we veel te weinig onze kaarten op tafel leggen en uitspreken hoe we in het spel staan.

Heel cryptisch allemaal, maar ik kom zo tot de kern van deze column.

We krijgen aanbod en verwachtingen niet altijd even goed op elkaar afgestemd. We hebben niet altijd goed door welk aanbod welke verwachtingen genereert. Met als gevolg dat aan verwachtingen niet voldaan kan worden. En aanbod ad hoc bijgesteld wordt, om maar aan de verwachtingen te blijven voldoen. En daarmee aan ons eigenlijke aanbod voorbij gaan.

Tijd voor voorbeelden, vermoed ik.

Voorbeeld 1

Stel, ik ben een lampenwinkel en ik krijg een klant die graag twee frikadellen wil en doe er maar een bamischijf bij. Dan moet ik hem teleurstellen, want ik verkoop lampen. Maar blijkbaar heb ik de verwachting gewekt ook frikadellen te kunnen leveren. Moet ik dan bijstellen of vasthouden aan mijn lampen? Kom ik de klant tegemoet omdat ik graag in mijn winkel houd of wijs ik hem de weg naar de dichtstbijzijnde snackbar?

Voorbeeld 2

(en hiermee naderen we de kern van dit verhaal)

Stel, ik ben een school met een specifiek aanbod waarvoor ouders en hun kinderen kiezen. En er worden plots frikadellen gevraagd en vega-kroketten. Dan heb ik een kwestie te pakken. Houd ik de kinderen binnen en hun ouders tevreden of moet de weg gewezen worden naar de dichtstbijzijnde snackbar?

De kern van dit verhaal

Als school leg je ook de kaarten op tafel. Als school heb je een eigen verhaal te vertellen, gebaseerd op identiteit, kernwaarden en pedagogische uitgangspunten. Dat verhaal wordt open en eerlijk verteld aan hen die het verhaal willen horen, ervan willen leren én er onderdeel van willen worden. Het eigen verhaal van school is geen stugge troefkaart, het is dynamisch van karakter en stelt zichzelf altijd bij. Het blijft echter wel het verhaal dat in de basis de school naar keuze kenmerkt. Het zal niet een frikadel worden of een kaassoufflé omdat de klant ernaar vraagt of omdat de school zelf suggereert deze snacks te kunnen aanbieden. Hoe verleidelijk dat soms ook is.

Als het eigen verhaal van de school niet meer voldoet aan de verwachtingen, kan het zijn dat het dynamische aspect ontbreekt óf dat de verwachtingen te hoog zijn om eraan te kunnen voldoen. In beide gevallen kan er bijgesteld worden.

Behalve als het om de basis gaat.

Dan niet. Dan moeten grenzen worden aangegeven. De kaarten op tafel verschieten niet van kleur. En grenzen stellen is het moeilijkste in ons leven. Hoe vaak komen we de ander niet tegemoet en vergeten we onszelf? Of dat we vaststellen dat we ons toch mooier hebben voorgedaan toen we verkering namen. Dat ons aanbod niet realistisch correspondeerde met de verwachtingen.

Dan moeten de kaarten* opnieuw op tafel. Opnieuw in alle eerlijkheid. Soms moet de school het eigen verhaal gaan herschrijven, soms moeten de verwachtingen worden bijgesteld. Dat kan alleen als er van beide kanten voldoende liefde is om verkering te houden, de absolute wil om samen verder te gaan.

Het kan ook zijn, de kaarten nog eens goed bestuderend, dat het spel afgelopen is.

Een lampenwinkel verkoopt geen shaslicks, een school kan niet meer bieden dan dat er in huis is. Of in huis gehaald kan worden.

Naschrift

Bij het nalezen van deze column vond ik dat ik nogal abrupt eindigde. Hoe gek het ook mag klinken, ik ben nogal van het harmonische model en wil bij deze graag mijn eigen stelligheid onderuit halen en oproepen om alles in het werk te stellen om aanbod en verwachtingen goed op elkaar te blijven afstemmen. Open en eerlijk. Want je verbreekt niet zomaar de verkering.

* Mocht u de metafoor al zat zijn, de volgende keer wil ik wel een ‘voetbalelftal’ gebruiken. Kan ik ook helemaal op los gaan.