Foto van Lianne ter Steeg
Foto van Lianne ter Steeg

Verandering is overal om ons heen. In het onderwijs, in teams, in beleid, maar ook in ons persoonlijke leven. Soms is verandering gepland, als onderdeel van een strategie of verbetertraject. Vaker nog dient het zich zomaar aan. Een leerling met een oplopende ondersteuningsbehoefte, een leerkracht die langdurig uitvalt of een persoonlijke gebeurtenis die iets in beweging zet. Wat al deze vormen van verandering gemeen hebben, is dat ze nooit stilstaan. Ze vragen van ons als leiders dat we blijven leren, meebewegen en soms gewoon volhouden, ook als we nog niet weten wat het oplevert.  

Mijn zoon, net begonnen op de middelbare school, heeft een zeldzame DNA-afwijking en is onder behandeling in het Radboud in Nijmegen. Bij een aanval krijgt hij één of twee pijnlijke injecties, maar hij oogt gezond, voelt zich meestal goed en gedraagt zich net als iedere andere beginnend puber (zucht). Hij stapt binnenkort over op andere medicatie – iets met serum amyloid A, lange-termijnschade en woorden die je pas begrijpt na drie keer Googelen. Zijn arts hoopt op verbetering, maar eerlijk gezegd weten ze niet goed wat het gaat doen. En mijn zoon? Die vindt het maar gedoe. “Waarom moet dit nou weer”, moppert hij. “Het ging toch prima zo?!” 

Het ging toch prima zo. Die vijf woorden hoor ik ook vaak terugkomen als er veranderingen in het onderwijs aangekondigd worden. Ik zie eenzelfde ongemak ontstaan als bij die puberzoon van mij. De vraag ‘waarom het eigenlijk moet’, de twijfel of het wel echt beter wordt, het verlangen naar wat vertrouwd voelt. Die weerstand kom ik ook tegen in mijn werk voor AVS en hoe schoolleiders soms op nieuwe plannen reageren. Vanuit mijn vorige baan als directeur van een basisschool ben ik meteen geneigd om alles uit te leggen: wat zijn de doelen, de argumenten, de cijfers. Maar thuis merk ik: dat helpt zelden. Soms moet je eerst erkennen dat het gewoon spannend is. Dat niemand zeker weet hoe het zal uitpakken. 

Verandering vraagt om vertrouwen in de mensen om je heen, in het proces en met name in de toekomst. Mijn zoon heeft inmiddels uitleg gekregen over het nieuwe medicijn. Er blijken voordelen aan te zitten: de losse injecties worden vervangen door een pen, de vloeistof is minder zuur en dus minder pijnlijk. Dat stelt hem gerust. Het helpt als je weet wat je kunt verwachten en hoort wat er beter wordt. Zo is het ook met leidinggeven aan verandering. Het draait het niet om het overtuigen van een ander van jouw gelijk of om de belofte dat het wel goed komt. Je zet soms een stap zónder garantie op succes. Je probeert, observeert, stuurt bij. En je hoopt dat het op termijn oplevert wat je voor ogen had. Je durft kwetsbaar te zijn en ondertussen blijf je luisteren, óók naar al het gemopper.