Vrouwen aan de top

‘Luister naar elkaar, dan kun je kracht halen uit de onderlinge verschillen’

Schoolleider Barbera Everaars en managing director Cara Antoine zijn aan elkaar gekoppeld door het cross- mentoringprogramma van de AVS en NL2025. Hun droom? Dat veel meer vrouwen doorstromen naar leidinggevende posities en bestuursfuncties

Barbera Everaars, 64, is sinds 2003 directeur van Harbour IBSR, een internationale en tweetalige basisschool, en sinds maart 2021 interim- directeur van een derde, veelkleurige basisschool in Rotterdam Delfshaven. Deze school, OBS Dakpark, heeft veel wisselingen achter de rug. Het nieuwe, jonge team is zeer gemotiveerd, maar nog onvoldoende toegerust om de kansenongelijkheid te lijf te gaan, vertelt Everaars. Zij loopt regelmatig de klassen in, kijkt en luistert, zorgt ervoor dat mensen van elkaar leren, analyseert met hen de opbrengsten en organiseert waar nodig bijscholing. “ Je kunt kansenongelijkheid echt omzetten naar kansengelijkheid, maar dat heeft tijd nodig. Ik zie een nieuwe energie ontstaan en heb er veel vertrouwen in.” Haar uitwisselingspartner is Cara Antoine, 52 en Amerikaanse van geboorte. Zij is sinds begin 2021 managing director digitale transformatie bij IG&H, een consultancy- en technologiebedrijf.

Waarom doen jullie mee aan het cross-mentoringprogramma?

Everaars: “Ik ben vrijwel alleen met onderwijs bezig. Als je praat met iemand uit een andere sector, kun je onverwachte dingen van elkaar leren. Dat ervoer ik ook toen ik een keer ervaringen uitwisselde met mijn schoonzoon, toentertijd een manager in de transportwereld.”

Antoine: “Ik ben veel bezig met mentoring en was meteen geïnteresseerd toen ik hoorde dat ik kon uitwisselen met iemand op een vergelijkbaar niveau in een andere sector. Zo’n gelegenheid krijg je namelijk niet vaak. Beide partijen kunnen daarvan leren op een heel verfrissende manier.”

Welke thema’s kwamen bovendrijven?

De twee hebben vier Teams-ontmoetingen achter de rug. “We hebben veel gepraat over vrouwelijk leiderschap”, vertelt Everaars. “Over hoe je je kunt profileren en daarbij je vrouwelijke kanten mee kunt nemen.” Dat zijzelf met overwegend vrouwen werkt en Antoine juist in een echte mannenwereld opereert, zorgde voor verschillende perspectieven. Beiden konden hun punten met praktijkverhalen illustreren. “Cara werkte in het verleden bijvoorbeeld bij Shell en had de opdracht om de werkwijze op booreilanden veiliger te maken. Ze vertelde hoe mannen een eigen wereld creëren op hun booreiland. Cara zette haar vrouwelijke kant in: luisteren, invoelen, uitleggen, overtuigen. Daardoor gingen die mannen mee in de verandering. Een mannelijke leider zou die klus waarschijnlijk heel anders hebben aangepakt.”

Antoine: “Wij vinden allebei dat een monocultuur niet helemaal gezond is. Teveel mannen of vrouwen in een team werkt niet optimaal. Je moet een balans zien te vinden.” Toch zou zij ‘een gat in de lucht springen’ om, net als Everaars, met veel vrouwen te mogen werken. Om dat toch te ervaren, is ze naast haar werk vrijwilliger bij Global Women in Tech.

Everaars: “De kunst is om mannen en vrouwen naar elkaar te laten luisteren en kracht te halen uit de onderlinge verschillen.” Ze noemt als voorbeeld mannelijke leerkrachten die kinderen de ruimte geven om te stoeien en te vechten en vrouwelijke collega’s die juist voor het harmoniemodel kiezen en kinderen conflicten laten uitpraten. “Beide benaderingen hebben sterke kanten. Het is voor de kinderen én het team goed als er een kruisbestuiving plaatsvindt.”

Hoe stimuleer je dat collega’s met verschillende karakters en aanpakken met elkaar gaan samenwerken en leren van elkaar?

Everaars gebruikt daarvoor graag de methodiek van human dynamics, een theorie die ervan uitgaat dat ieder mens functioneert vanuit mentale, emotionele en fysieke principes. “Het gaat erom dat je elkaar leert kennen en herkent hoe de ander is, zonder te oordelen. Dat schept de ruimte om van elkaar te leren.”

Maar binnen een monocultuur valt er weinig te integreren. Op het niveau van directie en bestuur vertonen zich nog te weinig vrouwen. Everaars: “Ik ben voorzitter van twee landelijke besturen, en daar profileren vrouwen zich minder makkelijk. Daarom vind ik onze voorbeeldrol heel belangrijk. Het zou goed zijn als meer vrouwen zich op bestuursniveau laten zien. Vrouwen kunnen over het algemeen goed luisteren, tonen eigenaarschap en brengen een mildere vergadercultuur met zich mee.”

Antoine: “Wij hebben het samen gehad over wat vrouwen tegenhoudt. Veel vrouwen hebben het idee dat het niet goed is om over jezelf te praten en te zeggen dat je ergens heel goed in bent. Daar hebben mannen geen last van, die vertellen anderen gewoon dat ze trots zijn op wat ze hebben gedaan. Vrouwen laten zich wel inspireren door wat een andere vrouw heeft laten zien, maar als je ze vraagt waar ze zelf trots op zijn, hebben ze moeite om daarover te praten. Wij zijn niet onze eigen beste cheerleaders. Het is belangrijk dat vrouwen het zelfvertrouwen ontwikkelen om rustig te kunnen vertellen wat hun sterke punten zijn.”

Wat hebben jullie verder van elkaar kunnen leren?

Antoine: “Ik ben onder de indruk van hoe Barbera in haar werk omgaat met inclusiviteit. Zij werkt met multitalige en multiculturele leerlingen en ouders uit verschillende sociaal-economische achtergronden en staat helemaal open voor wat de ander allemaal heeft meegemaakt. In haar beschrijving van hoe ze bijvoorbeeld met ouders omgaat, zie ik haar karakter terug. Zelf werk ik ook met mensen uit verschillende culturen en ik denk dat ik ook wel opensta voor anderen. Maar ik besef nu dat ik nog veel beter kan luisteren om er achter te komen wat er allemaal meespeelt in een bepaalde situatie. Ik ging door Barbera reflecteren over hoe ik met mensen omga. Dat heeft mij onwijs geïnspireerd.”

Als je elkaar nog één ding zou mogen meegeven, wat zou dat dan zijn?

De twee zien geen echte verbeterpunten.

Everaars: “Ik zou zeggen: blijf jezelf en geniet van wat je doet. Wij zijn allebei heel blij met wat we doen en waarom we het doen, en halen daar veel energie en kracht uit. Als je zo in je werk staat, straal je dat ook uit.” Dat bleek ook toen ze hun beider ervaringen met 360 graden feedback uitwisselden.

Everaars: “We hebben ontdekt dat we beiden dezelfde feedback kregen, zo treffend! Cara kreeg heel positieve opmerkingen en bedankte de mensen die de moeite hadden genomen om met haar naar haar functioneren te kijken. Je laat op zo’n moment zien dat je kwetsbaar bent en openstaat voor feedback, en dat ook waardeert.”

Antoine: “We ontdekten ook dat we allebei handgeschreven kaarten aan medewerkers geven. Zo laten we weten hoeveel we hen waarderen of wat ze betekenen voor ons. We doen dat allebei al jaren. Ik vind dat heel bijzonder, ik ken niet veel andere vrouwen die ook kaartjes schrijven.”

Wat doet zo’n kaartje met collega’s?

Everaars: “Dat raakt mensen echt, omdat het zo persoonlijk is, omdat je die moeite doet voor een ander. Ik vind het zelf ook heel fijn als iemand mij een kaart stuurt. Ik heb jarenlang al mijn teamleden met hun verjaardag een handgeschreven kaart gestuurd. Mensen ervaren die aandacht als een cadeautje.”

Cara, is het schoolleiderschap misschien iets voor jou?

Antoine: “Toen ik mijn doctoraal proefschrift had geschreven, was de vraag: ga ik terug naar het bedrijfsleven of het onderwijs in? Het is het bedrijfsleven geworden, maar ik vind het niet ondenkbaar dat ik nog eens in het onderwijs zou belanden. Een bestuursfunctie of schoolleiderschap, dat zou zomaar nog eens kunnen.”

Zouden jullie anderen cross-mentoring aanraden?

“Zeker”, zeggen ze allebei. Antoine: “Ik heb dit programma al aan verschillende mensen aanbevolen. Ik hoop dat zij net zo’n mooie connectie krijgen als wij. Je kan zóveel leren van elkaar; zo’n uitwisseling is heel inspirerend.”

Links

Interessant?
Dit artikel stond in KADER , het vakblad voor schoolleiders, dat AVS-leden exclusief ontvangen. Wil jij KADER ook op de deurmat hebben? Word lid of abonnee, ontvang voortaan een kersvers exemplaar in de brievenbus en versterk de positie van schoolleiders.