De bestuurder vroeg mij of ik de portefeuille ICT kon overnemen

Nynke de Jonge, afdelingsleider vmbo bovenbouw op het Linde College in Wolvega, vertelt over het samenspel tussen schoolleiding en bestuur.

“Binnen ons bestuur ben ik verantwoordelijk voor de ICT. Dat is min of meer toevallig zo gegroeid. Vanwege samenwerking met een ander bestuur moest een paar jaar terug een aantal dingen ontwikkeld worden op ICT-gebied. De bestuurder vroeg van elke school iemand voor een werkgroep ICT. Omdat ik op mijn eigen school ook al ICT-verantwoordelijk was, was ik de aangewezen persoon om dat te doen.

In die werkgroep spraken we bijvoorbeeld over hoe we met verschillende scholen konden samenwerken als het gaat om de inrichting van het leerlingvolgsysteem of communicatiesysteem. Hoe kunnen we van elkaar leren? Wat kunnen we samen ontwikkelen? Toen steeds meer mensen door verloop vertrokken uit de werkgroep, was ik zo’n beetje de enige met inhoudelijke kennis die overbleef. De bestuurder vroeg mij vervolgens of ik die portefeuille van hem kon overnemen.

Sindsdien ben ik degene die onder meer de samenwerking tussen de scholen in dat soort ICT-processen probeert te bevorderen. Ik verbind mensen aan elkaar door een soort leernetwerk voor verschillende thema’s, zodat we met elkaar beter worden. Dat doe ik nu vier jaar. Ik zit ook met andere bestuurders aan tafel in een regionaal ICT-samenwerkingsverband. Uiteraard overleg ik regelmatig met de bestuurder om af te stemmen waar ik aan werk. Deze samenwerking werkt heel goed. We hebben inmiddels een andere voorzitter van het bestuur met wie ik minder vaak overleg, maar het contact is nog steeds prettig en laagdrempelig.

Ik werk direct voor het bestuur, terwijl de rector op mijn school nog steeds mijn leidinggevende is. Dat kan ingewikkeld zijn, want hij heeft natuurlijk ook ideeën over hoe hij de dingen op onze school wil regelen. Dat leidt soms tot vragen. Hoe verhoud ik mij tot wie? Wat stem ik met wie af? Ik los dat op door in gesprekken expliciet te benoemen welke rol ik op dat moment heb. En dan lukt het altijd om in goed overleg met elkaar dingen op te lossen.

Ook omdat ik in die andere scholen niet fysiek aanwezig ben, is het belangrijk om de juiste mensen te kennen die je verder kunnen helpen en te weten welke processen er spelen in de scholen. De constructie kan immers vragen oproepen over mijn rol en mijn mandaat. Het interessante voor mij persoonlijk is dat ik ontdek hoe het is om te werken met meerdere scholen en zelfs met andere bestuurders. Dat doe je normaliter als afdelingsleider niet. Het is leuk om bovenschools mensen met elkaar te verbinden. Daar leer ik van, want ik ontdek nieuwe kwaliteiten van mezelf. Het is voor mij een mooie manier om me te blijven ontwikkelen.”

Staat van de schoolleider 2024

Werken in het onderwijs is het allermooiste wat er bestaat. Daar zijn alle schoolleiders, of ze nu aan een middelbare of basisschool leidinggeven, het roerend over eens. Met deze Staat van de Schoolleider doen we er alles aan om het belang van de schakelpositie van de schoolleider in de samenleving bekend te maken. We blijven de onderwijsproblemen die de inspectie elk jaar in de Staat van het Onderwijs agendeert, op de kaart zetten. Om al die uitdagingen zoals personeelstekorten, onderwijskwaliteit, professionalisering en werkdruk klein te kunnen slaan, zijn sterke schoolleiders onmisbaar.

Op woensdag 17 april overhandigden twee schoolleiders van AVS en Schoolleiders VO de Staat van de Schoolleider 2024 aan minister Marielle Paul. Daarin lees je acht portretten van schoolleiders uit het po en vo die vertellen hoe zij met de huidige uitdagingen van hun vak omgaan.

Wil je alle acht portretten lezen? Ga dan naar:

Staat van de Schoolleider