Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Terugdringen bureaucratie en meer transparantie nog speerpunten Passend onderwijs

Terugdringen bureaucratie en meer transparantie nog speerpunten Passend onderwijs

Het lukt steeds beter om kinderen die extra ondersteuning nodig hebben een plek te geven in het reguliere onderwijs. Staatssecretaris Dekker heeft tijdens een Kamerdebat op 5 juli over de elfde voortgangsrapportage Passend onderwijs zijn waardering uitgesproken voor de passie en de toewijding waarmee scholen en samenwerkingsverbanden de uitdagingen aangaan. Toch kan het nog beter. Speerpunten zijn meer transparantie en het terugdringen van onnodige bureaucratie.
 
De AVS vindt het vooral ook van belang dat schoolleiders met hun teams in de scholen zoeken naar de eigen mogelijkheden en verantwoordelijkheden in het terugdringen van bureaucratie. Binnen de samenwerkingsverbanden is het vervolgens van belang dat goed wordt geluisterd naar zaken waar scholen tegenaanlopen en waar zij mogelijkheden zien tot verminderen van bureaucratie.
Tijdens het debat blikte demissionair staatssecretaris Dekker terug op de afgelopen drie jaar Passend onderwijs. In 2017 zitten we precies halverwege de implementatieperiode (2014-2020). De financiële prikkel om leerlingen te verwijzen naar het speciaal onderwijs is er niet meer. Ook heeft de samenwerking tussen regulier en speciaal onderwijs een impuls gekregen en is de aandacht voor thuiszitters toegenomen. Ouders zijn redelijk tevreden over de ondersteuning die hun kinderen krijgen.

Extra stappen
Toch is er op verschillende onderdelen nog extra actie nodig om te zorgen dat voor alle leerlingen een zo passend mogelijke plek in het onderwijs kan worden gerealiseerd. Dekker geeft aan dat de besturen en samenwerkingsverbanden stappen moeten zetten in de transparantie en verantwoording van de inzet van hun middelen en de manier waarop de samenwerkingsverbanden zijn ingericht. Scholen, besturen en samenwerkingsverbanden zijn aan zet als het gaat om het terugdringen van onnodige bureaucratie. Maar zij krijgen daarbij ondersteuning: er komt een vervolg op de Operatie Regels Ruimen. Hierbij worden ook de samenwerkingsverbanden betrokken. Ook vindt Dekker dat de afstemming tussen onderwijs en jeugdhulp en zorg beter kan. Daarvoor blijven de ministeries van OCW en VWS nauw met elkaar samenwerken. Bij de afstemming van jeugdhulp en zorg vraagt de AVS ook aandacht voor de doorlopende lijn van po naar vo, waar samenwerkingsverbanden en scholen gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de afstemming en goede en doorlopende invulling van Passend onderwijs.
 
Basisondersteuning
Een aantal Kamerleden pleitte in het debat voor een landelijk niveau van basisondersteuning. GroenLinks-Kamerlid Lisa Westerveld vreest voor rechtsongelijkheid, omdat samenwerkingsverbanden zelf de voorwaarden voor Passend onderwijs mogen definiëren en deze dus per regio verschillen (de verevening speelt hierbij een rol). De staatssecretaris is hier geen voorstander van, omdat hij vindt dat een basisondersteuning geen recht doet aan de kern van Passend onderwijs: uitgaan van de onderwijsbehoefte van de leerling. Hij vreest dat een landelijk afgesproken niveau van basisondersteuning de ambitie van scholen afremt. Wel heeft Dekker toegezegd dat hij een nadere analyse gaat doen om na te gaan waar het probleem zit en of een landelijk voorgeschreven niveau van basisondersteuning daarvoor een oplossing kan bieden. Hij vraagt nadrukkelijk het veld voorbeelden aan te geven van hoe de basisondersteuning dan beschreven zou kunnen worden.
De AVS hecht aan autonomie van besturen en schoolleiders. Wel is het van belang dat de contextverschillen er niet toe leiden dat leerlingen in de verschillende regio’s meer of minder kansrijk zijn. Het basisprofiel moet zorgvuldig worden opgesteld en geïmplementeerd binnen de verschillende samenwerkingsverbanden en ook dienen er voldoende middelen te zijn om het goed op schoolniveau te realiseren.

EMB-leerlingen
Na langdurig aandringen van de Kamer stemde Dekker in met een onderzoek naar de voor- en nadelen van aparte bekostiging voor leerlingen met een ernstige meervoudige beperking (EMB). De bekostiging gaat dan direct naar de scholen en niet naar de samenwerkingsverbanden. Daar zitten volgens de staatssecretaris ook nadelen aan. Hij vindt het niet wenselijk deze leerlingen uit te sluiten van Passend onderwijs. De Kamer wil dat een toelaatbaarheidsverklaring voor het speciaal onderwijs voor deze kinderen tot aan hun twintigste jaar afgegeven wordt. Zo wordt het recht op onderwijs verzekerd. AVS-voorzitter Petra van Haren: “Het is een goede ontwikkeling dat er niet steeds nieuwe verklaringen afgegeven hoeven te worden voor leerlingen waarbij de problematiek niet verandert. Ook de goede verankering op het recht op onderwijs wordt hiermee op een effectieve manier gewaarborgd.”
 
Toezicht
Naar aanleiding van de motie van VVD-Kamerlid Bente Becker, die naar een verplicht governancemodel voor samenwerkingsverbanden wil waarin de toezichthouder nooit een schoolbestuurder uit dezelfde regio mag zijn, komt er een onderzoek naar het functioneren van het toezicht. Dekker, die meer voelt voor een gedragscode, geeft aan dat wordt ingegrepen daar waar schoolbesturen hun eigen toezichthouder zijn. Een onafhankelijke monitorcommissie Goed bestuur zal voor het einde van het jaar met een advies komen over het type besturing dat samenwerkingsverbanden nodig hebben gezien hun taken en een eventuele aanpassing van de Code Goed Bestuur. De AVS ziet de uitkomsten met belangstelling tegemoet. "Goede invulling van rollen in bestuur en toezicht zijn van belang."
  
Verantwoording
In navolging van het rapport van de Algemene Rekenkamer (ARK) wil staatssecretaris Dekker een gestandaardiseerd model van verslaglegging introduceren voor de samenwerkingsverbanden. In dat rapport naar de bedrijfsvoering van het Ministerie van Onderwijs concludeerde de ARK dat een stapeling aan financiële problemen het voor diverse samenwerkingsverbanden en individuele schoolbesturen moeilijk maakt om Passend onderwijs goed vorm te geven. Op verzoek van de SP neemt Dekker hierin expliciet mee dat een samenwerkingsverband moet beargumenteren waarom het bepaalde reserves aanhoudt. AVS-voorzitter Van Haren: “Het aanhouden van reserves kan zeker legitiem zijn. Het is terecht daarover beargumentering te vragen, maar dat laat onverlet dat de samenwerkingsverbanden hierbij eigen keuzes moeten kunnen blijven maken.”
 
Doorzettingsmacht
De staatssecretaris zegde tot slot toe in het najaar het wetsvoorstel rond de doorzettingsmacht ter internetconsultatie aan te bieden. Het wetsvoorstel verplicht samenwerkingsverbanden en gemeenten in het Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) tot doorzettingsmacht voor zowel extra zorg in het onderwijs als maatschappelijke zorg. Dit is ook bedoeld om knopen te kunnen doorhakken in complexe casussen. Dekker hoopt hiermee het aantal thuiszitters terug te dringen. De AVS ziet het belang van doorzettingsmacht, maar vraagt tegelijkertijd aandacht voor de draagkracht en het meedenken door scholen. Van Haren: "Er zal op enig moment een beslissing moeten worden genomen in het belang van een leerling, maar daarbij moet vooraf wel aantoonbaar de dialoog zijn gevoerd in alle aspecten om tot vrijwillige en werkbare oplossingen te komen."
 
Op 6 juli vond een Voortgezet Algemeen Overleg (VAO) plaats.
 

Downloads en links
Gepubliceerd op: 7 juli 2017

Doelgroep(en)

Primair onderwijs, Voortgezet onderwijs

 

Deel dit artikel

CAO PO 2016-2017 (pocketversie - klein formaat letter) (versie juni 2017)