Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » ‘De inrichting van het gebouw is essentieel’
Schoolgebouwen voor 21e eeuws onderwijs

‘De inrichting van het gebouw is essentieel’

Auteur: Jaan van Aken

Het geijkte concept voor een schoolontwerp was tientallen jaren: lange gangen, vierkante lokalen en een centrale ruimte. Deze klassieke gebouwen voldoen niet aan de eisen voor 21e eeuws onderwijs, vinden Suzan Baldinger en Barbara Winkelhuyzen. Zij begeleiden en inspireren scholen bij het nieuw- en verbouwproces.

Het gemiddelde Nederlandse schoolgebouw is 38 jaar oud, bleek in 2013 uit onderzoek van Oberon. Deze traditionele schoolgebouwen sluiten niet meer aan bij het onderwijs van de 21e eeuw, vindt Suzan Baldinger, oud-schoolleider en eigenaar van het Pakhuis voor Onderwijsinnovatie. “Onderwijs is door voortschrijdende technologie en digitalisering steeds meer gepersonaliseerd. Leerlingen gaan meer op hun eigen niveau en tempo aan de slag, maar er wordt ook meer samengewerkt. En steeds vaker werken scholen volgens de principes van ontdekkend en onderzoekend leren. De ruimtes in school moet je daarop aanpassen”, stelt ze. Samen met Barbara Winkelhuyzen, als bouwkundige werkzaam voor ICS Adviseurs, vindt ze: “Gebouwen moeten persoonlijker, flexibeler en creatiever. Je hebt geen vaste setjes meubilair meer nodig, maar hoge en lage tafels, tafels voor groepswerk, krukken en banken. Zorg voor open ruimtes om in groepen samen te werken en stilteruimtes waar je alleen kunt werken. Ateliers waar kinderen hun creativiteit kunnen aanboren, techniekruimtes en laboratoria om onderzoek te doen”, zegt Baldinger. Zo kun je recht doen aan verschillen tussen leerlingen, vindt Winkelhuyzen. “Beweeglijker kinderen hebben behoefte aan statafels. Prikkelgevoelige leerlingen kunnen op een rustig plekje gaan zitten.”

Kidscrowddag
Het vraagt van scholen om soms letterlijk de muren van het klaslokaal te doorbreken, zoals bij De Werkplaats in Bilthoven. “Leerlingen kunnen in hun stamgroep werken of in de aangrenzende open ruimte, waar kinderen uit verschillende groepen elkaar ontmoeten. De kinderen vinden dat prima en leerkrachten zeiden na drie maanden dat ze nog nooit zo fijn samengewerkt hadden met collega’s”, vertelt Winkelhuyzen. Ook in aula’s kunnen scholen veel nieuwe mogelijkheden aanboren. “De meeste aula’s staan vol grote tafels en stoelen voor vergaderingen of bijeenkomsten met ouders. Dat is zonde, die ruimte kun je ook toebedelen aan onderwijsdoeleinden”, vindt Baldinger.

Het vergt enige creativiteit om je in een oud gebouw van traditionele klaslokalen los te schudden, maar kinderen kunnen daar goed bij helpen, merkt Baldinger. Ze organiseert ‘Kidscrowddagen’ en vraagt kinderen hun ideale school te schetsen. “Scholen mogen van kinderen gezelliger en warmer zijn, met meer kleur en speelser.

Leerlingen vinden dat ze veel te lang op harde stoelen moeten zitten. In school is te weinig ruimte om ontdekkingen te doen. Ze willen meer naar buiten om daar proefjes en onderzoekjes te doen”, hoorde Baldinger. Bovendien is de fysieke ruimte van belang voor de leerresultaten, blijkt uit onderzoek van de University of Salford in Manchester. Daglicht, temperatuur, luchtkwaliteit en een gepersonaliseerd klaslokaal beïnvloeden de leerprestaties. Een goed ontworpen klaslokaal kan binnen een jaar 16 procent in de leerprestaties schelen. “De inrichting van het gebouw is essentieel. Als je wordt afgeleid door tocht of het te warm of te koud hebt, leer je minder goed”, reageert Winkelhuyzen.

Kosten
De kosten hoeven bij een verbouwing het probleem niet te zijn, denkt Winkelhuyzen. “Door het meerjarenonderhoudsbudget te clusteren, schep je meer mogelijkheden. Je kunt ouders vragen te helpen opruimen en verven. En een goedkope oplossing is folie met een kleur of motief over tafels te plakken.” Bij nieuwbouw pleit ze ervoor tijdig een interieurarchitect in de arm te nemen. “Vaak komt die pas in beeld als de bouw begonnen is. Een interieurarchitect kijkt veel naar beleving en specifiek gebruik van een ruimte. Als je bijvoorbeeld meubilair op wielen wil, heb je brede deuren en drempelloze ruimtes nodig. Dan ben je te laat als de bouw al begonnen is”, weet Winkelhuyzen.

De vraag is of ict schoolgebouwen op den duur niet (deels) overbodig maakt? Baldinger denkt van niet. “De kennis halen ze misschien elders, maar het toepassen en delen zal in en om scholen gebeuren. Een schoolgebouw zal veel meer een ontmoetingsplek worden, die jonge mensen absoluut nodig hebben. Leren via internet en de iPad is individueel, maar juist leren van en met elkaar is heel erg belangrijk.”

Gepubliceerd op: 10 juni 2015

Verschenen in

Kader Primair 10 (2014-2015) (Verder in dit nummer)

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Jaargids PO (2018-2019) (Met agenda en professionaliseringsaanbod)