Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » De (G)MR, wet- en regelgeving & overzicht op beleid
Workshop door AVS-adviseur Paul van Lent en Carine Hulscher-Slot, adviseur bij Leeuwendaal

De (G)MR, wet- en regelgeving & overzicht op beleid

Auteur: Winnie Lafeber

Hoe geef je vorm aan medezeggenschap in de eigen praktijk? Deze vraag stond centraal in deze workshop. Welke vragen kun je stellen als medezeggenschapslid? De deelnemers bespreken in groepjes over welke beleidszaken hun (G)MR het heeft, zoals het vierjarenplan, (omgang met) sociale media, sponsoring, verzuimbeleid en tevredenheidsonderzoeken. In een groepje komt aan bod dat het handig is de expertise van een GMR-lid te gebruiken, om zo ook kosten te besparen. Plenair worden de beleidszaken en vragen die de (G)MR daarover stelt besproken. Paul van Lent wijst op het belang van doorvragen bij beleidszaken waarvan de gevolgen niet duidelijk zijn. “Als MR stel je de vragen, maar geef ook de antwoorden. En wees transparant, ook als niet alles prijsgegeven wordt. Maak gebruik van je instemmingsrecht en probeer het antwoord op je vragen te krijgen.” Uit een praktijkverhaal van een van de deelnemers over de regelgeving bij de inzet van parttimers blijkt dat de taak van de MR ook het wegnemen van onduidelijkheden kan zijn. In dit geval was er geen overeenstemming over de criteria die geformuleerd moesten worden om te zorgen voor rechtvaardig beleid. Er is onduidelijkheid over compensatie en normjaartaak, werktijd en vrije tijd. Dan is het de taak van de MR om dit uit te zoeken en de kwaliteit van de school te waarborgen.

workshop medezeggenschap
Foto: Winnie Lafeber

INK-model
Een model bij uitstek geschikt om overzicht te krijgen in de sterke en zwakke punten van een organisatie is het INK-model. In de uitgave ‘Goed onderwijs goede MR’ van Paul van Lent en Carine Hulscher-Slot komt het INK-model uitgebreid aan bod in een van de acht quickscans. Het model wordt gebruikt om vragen te koppelen aan de bestaande beleidsplanning met bijbehorende beleidsdocumenten. Het geeft inzicht in waar de MR al mee bezig is en wat nog niet op de agenda staat. Hulscher-Slot: “Evalueer regelmatig het vierjaren beleidsplan. En kijk waar je moet bijsturen. Monitoring is van wezenlijk belang vanwege de steeds veranderende omstandigheden.”  Van Lent tipt gebruik te maken van het nieuw ontwikkelde scenariomodel, dat gekoppeld is aan alle data van DUO, voor het maken van een risico-analyse.

Ook gaan de workshopgevers nog in op creatieve ideeën, voor bestuur, school en (G)MR. Hulscher-Slot: “De MR kan zelf ook met initiatieven komen (initiatiefrecht). Welke vragen stel je? Waar ga je mee aan de slag? Dit vergt soms wat moed, maar ‘buiten de lijntjes kleuren’ mag. Soms is samenwerking met collega-besturen van andere of dezelfde denominatie nodig. Een strategisch beleidsplan kan ook na een jaar al geëvalueerd worden of het loopt.” Van Lent wijst er ook op dat er soms door gebrek aan communicatie bepaalde zaken blijven liggen. Goede communicatie is dus essentieel. Hoe organiseer je bijvoorbeeld als (G)MR dat je directeur of bestuur je voldoende informeert? “Veel is toegespitst op de WMS. Maar maak vooral ook de vertaalslag naar de praktijk.”

 
Reactie van een deelnemer, (G)MR-lid en adjunct-directeur po in Zuid-Limburg:
“Ik zit al 40 jaar in het onderwijs, dus veel is mij al bekend. Toch vond ik het voorbeeld van het INK-model erg verhelderend, om zaken op een rij te krijgen. Een van de onderwerpen waar verschillend over gedacht wordt, het taakbeleid, kwam ook aan bod. Als MR ben je bezig dit soort zaken uniform te krijgen.” 

 

Downloads en links
Gepubliceerd op: 28 november 2013

Thema's

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

Goed onderwijs, goede MR (6e herziene uitgave september 2017)