Zie deze pagina Klik hier om meer te weten te komen
Waarom niet hier checken pillen-zonder-voorschrift.com
Home » Artikelen » Besturen met één stem
Eindverantwoordelijk management

Besturen met één stem

Auteur: Carine Hulscher-Slot

Een van de uitgangspunten van Policy Governance® is de eenheid van bestuur. Daarin is Policy Governance niet uniek, want als het goed is gaat elk bestuur hiervan uit. Wel is het zinvol om stil te staan hoe dit binnen de principes van Policy Governance wordt uitgewerkt. Zeker ook omdat steeds meer schoolbesturen, ook in het kader van de functiescheiding, kiezen voor dit bestuursmodel.

Policy Governance gaat er vanuit dat het bestuur of de bestuurder het orgaan is dat de belangen van de eigenaren 1 verbindt met de prestaties en resultaten van de organisatie. De taak van het bestuur is er op toe te zien dat de organisatie de gewenste resultaten behaalt en ongepaste situaties te voorkomen. Het is  niet de taak van het bestuur als geheel om de organisatie te runnen, leiding te geven, adviezen te geven, de schoolleider te helpen, enzovoort. Dat kunnen individuele bestuursleden echter wel, als dat zo is afgesproken. In lijn gezet levert dit de volgende keten op: eigenaars > bestuur(der(s)) > directeur(en) > operationele organisatie. Een bestuur oefent gezag uit als geheel en niet als een aantal individuen. Dat heeft alles te maken met het afl eggen van verantwoording. En uiteraard geldt dat de individuele leden eenmaal door het bestuur genomen besluiten moeten respecteren. Deze handelwijze geeft ook ruimte voor discussie en het uitspreken van eventuele verschillen in opvatting gedurende het besluitvormingsproces.

Plichten
Aan het bestuur is een aantal plichten toevertrouwd: de zorgplicht, toezicht houden, loyaliteit en te goeder trouw handelen. Deze verplichtingen hangen samen met het feit dat het bestuur geen doel op zich is, maar dient op te treden als een maatschappelijk verantwoordelijke organisatie. Het bestuur is ten volle verantwoordelijk voor het eigen handelen en voor de gevolgen van dit handelen. Dat geldt ook voor aan bijvoorbeeld de schoolleider gemandateerde of gedelegeerde taken. Bij dat laatste is het van belang, om onduidelijkheden en interpretatieverschillen te voorkomen, goed met elkaar af te spreken wat de bevoegdheden en verwachtingen zijn met betrekking tot deze taken en om deze – binnen het principe van eenheid van bestuur – met de gedelegeerde(n) of gemandateerde(n) vast te leggen.

Overdragen
De schoolleider of directeur is de link tussen het bestuur en de werkvloer. Het goed functioneren van de organisatie staat of valt dan ook met de kwaliteit van de relatie tussen deze twee partijen. Om de schoolleider in positie te brengen is het nodig dat het bestuur twee hoofdtaken overdraagt: verantwoordelijkheid voor de prestatienormen van de organisatie voor zowel de resultaten als de procesgang en gezag en gelegenheid om de klus te klaren. Wil men deze taken effectief overdragen dan is het zaak ten erste verwachtingen helder te formuleren en ten tweede de taken ook duidelijk toe tewijzen. Voor het waarborgen van een goede controle of een goed toezicht door het bestuur moeten alle betrokkenen het eens zijn over wie in charge is.

Rol voorzitter
Binnen de normen van Policy Governance is de voorzitter de belangrijkste functionaris binnen het bestuur. Hij/zij stuurt het bestuur aan bij het vervullen van de verantwoordelijkheden en legt daarover verantwoording af. Ook ziet hij of zij er op toe dat besluiten passen binnen het uitgezette beleid en binnen de verdeling van taken en bevoegdheden tussen het bestuur en het management, rekening houdend met de belangen van de eigenaren.

Duidelijk onderscheid
Een van de kenmerken van Policy Governance is dat het bestuur een belangrijke schakel is tussen de eigenaren en de operationele organisatie, de werkvloer, en dat zowel bestuur als directie een duidelijk onderscheiden positie hebben. Binnen dit model komt de directie grote handelingsvrijheid toe. Dit komt doordat het bestuur vastlegt welke beperkingen er gelden voor de beleidsruimte en handelingsvrijheid van de directie. En daarbij tegelijkertijd aan de directie de ruimte geeft om bij het ontwikkelen van beleid elke redelijke interpretatie van de door het bestuur beschreven beperkingen te formuleren. Dit biedt het bestuur de gelegenheid optimaal te besturen, maar dan wel vanuit de plicht tot het spreken en optreden als één geheel. Besturen met één stem dus.

1 Hiermee wordt bedoeld de formele en morele eigenaren van de organisatie, vergelijkbaar met de positie van aandeelhouders in een onderneming of vennootschap. Ook ouders kunnen tot de eigenaren worden gerekend.

Een van de uitgangspunten van Policy Governance® is de eenheid van bestuur. Daarin is Policy Governance niet uniek, want als het goed is gaat elk bestuur hiervan uit. Wel is het zinvol om stil te staan hoe dit binnen de principes van Policy Governance wordt uitgewerkt. Zeker ook omdat steeds meer schoolbesturen, ook in het kader van de functiescheiding, kiezen voor dit bestuursmodel.

Policy Governance gaat er vanuit dat het bestuur of de bestuurder het orgaan is dat de belangen van de eigenaren 1 verbindt met de prestaties en resultaten van de organisatie. De taak van het bestuur is er op toe te zien dat de organisatie de gewenste resultaten behaalt en ongepaste situaties te voorkomen. Het is  niet de taak van het bestuur als geheel om de organisatie te runnen, leiding te geven, adviezen te geven, de schoolleider te helpen, enzovoort. Dat kunnen individuele bestuursleden echter wel, als dat zo is afgesproken. In lijn gezet levert dit de volgende keten op: eigenaars > bestuur(der(s)) > directeur(en) > operationele organisatie. Een bestuur oefent gezag uit als geheel en niet als een aantal individuen. Dat heeft alles te maken met het afl eggen van verantwoording. En uiteraard geldt dat de individuele leden eenmaal door het bestuur genomen besluiten moeten respecteren. Deze handelwijze geeft ook ruimte voor discussie en het uitspreken van eventuele verschillen in opvatting gedurende het besluitvormingsproces.

Plichten
Aan het bestuur is een aantal plichten toevertrouwd: de zorgplicht, toezicht houden, loyaliteit en te goeder trouw handelen. Deze verplichtingen hangen samen met het feit dat het bestuur geen doel op zich is, maar dient op te treden als een maatschappelijk verantwoordelijke organisatie. Het bestuur is ten volle verantwoordelijk voor het eigen handelen en voor de gevolgen van dit handelen. Dat geldt ook voor aan bijvoorbeeld de schoolleider gemandateerde of gedelegeerde taken. Bij dat laatste is het van belang, om onduidelijkheden en interpretatieverschillen te voorkomen, goed met elkaar af te spreken wat de bevoegdheden en verwachtingen zijn met betrekking tot deze taken en om deze – binnen het principe van eenheid van bestuur – met de gedelegeerde(n) of gemandateerde(n) vast te leggen.

Overdragen
De schoolleider of directeur is de link tussen het bestuur en de werkvloer. Het goed functioneren van de organisatie staat of valt dan ook met de kwaliteit van de relatie tussen deze twee partijen. Om de schoolleider in positie te brengen is het nodig dat het bestuur twee hoofdtaken overdraagt: verantwoordelijkheid voor de prestatienormen van de organisatie voor zowel de resultaten als de procesgang en gezag en gelegenheid om de klus te klaren. Wil men deze taken effectief overdragen dan is het zaak ten erste verwachtingen helder te formuleren en ten tweede de taken ook duidelijk toe tewijzen. Voor het waarborgen van een goede controle of een goed toezicht door het bestuur moeten alle betrokkenen het eens zijn over wie in charge is.

Rol voorzitter
Binnen de normen van Policy Governance is de voorzitter de belangrijkste functionaris binnen het bestuur. Hij/zij stuurt het bestuur aan bij het vervullen van de verantwoordelijkheden en legt daarover verantwoording af. Ook ziet hij of zij er op toe dat besluiten passen binnen het uitgezette beleid en binnen de verdeling van taken en bevoegdheden tussen het bestuur en het management, rekening houdend met de belangen van de eigenaren.

Duidelijk onderscheid
Een van de kenmerken van Policy Governance is dat het bestuur een belangrijke schakel is tussen de eigenaren en de operationele organisatie, de werkvloer, en dat zowel bestuur als directie een duidelijk onderscheiden positie hebben. Binnen dit model komt de directie grote handelingsvrijheid toe. Dit komt doordat het bestuur vastlegt welke beperkingen er gelden voor de beleidsruimte en handelingsvrijheid van de directie. En daarbij tegelijkertijd aan de directie de ruimte geeft om bij het ontwikkelen van beleid elke redelijke interpretatie van de door het bestuur beschreven beperkingen te formuleren. Dit biedt het bestuur de gelegenheid optimaal te besturen, maar dan wel vanuit de plicht tot het spreken en optreden als één geheel. Besturen met één stem dus.

1 Hiermee wordt bedoeld de formele en morele eigenaren van de organisatie, vergelijkbaar met de positie van aandeelhouders in een onderneming of vennootschap. Ook ouders kunnen tot de eigenaren worden gerekend.

Gepubliceerd op: 3 november 2011

Verschenen in

Doelgroep(en)

Primair onderwijs

 

Deel dit artikel

CAO PO 2016-2017 salaristabellen